Hier kun je zien welke berichten J.Ch. als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Kassandra - Christa Wolf (1983)

2,5
0
geplaatst: 17 december 2018, 20:27 uur
Recent las ik House of Names en was enigszins teleurgesteld. Ik heb echter een grote voorliefde voor Griekse mythologie en dan met name de verhalen rondom de Trojaanse oorlog, dus ben ik nieuwsgierig naar elke nieuwe invalshoek. Met Kassandra probeerde ik het aan de andere kant van het verhaal: niet de thuisblijvers of overwinnaars staan centraal, maar de overwonnene; niet de moordenaars maar het slachtoffer. Helaas liep ook dit weer op een teleurstelling uit.
Mijn grootste kritiekpunt is de vorm van het verhaal. Het bestaat uit wel drie alinea's. Er is een proloog en een epiloog van elk een paar regels, vermoedelijk uit het oogpunt van de schrijfster geschreven (en weinig bijdragend aan het verhaal). Daartussen is het een stroom van woorden zonder duidelijk begin of einde of richting. Ik denk dat dit is wat ze stream of consciousness noemen, en dat werkt dus niet voor mij - als ik dat al mag concluderen na het lezen van dit boek en een hopeloos mislukte poging om Mrs. Dalloway door te komen. Door het ontbreken van natuurlijke pauzes in het verhaal is het moeilijk om het boek weg te leggen (wat geen probleem hoeft te zijn) en nog moeilijker om het weer op te pakken (wat wel degelijk problematisch is). Daarnaast zijn dialogen zonder aanhalingstekens geschreven, of zelfs maar een nieuwe regel als iemand anders begint te praten, waardoor het onduidelijk wordt wanneer iets wordt gedacht of gesproken, en door wie, en tegen wie.
De vorm werkt dus niet voor mij. Omwille van het plot heb ik het boek wel uitgelezen. Helaas viel ook dat plot tegen. Het verdrinkt in die stream of consciousness. Wat ik eruit heb weten te destilleren is vooral een schim van een groots verhaal. Dat ik die schim überhaupt herken is vooral doordat ik het verhaal al kende voor ik aan het boek begon. Ik herken de namen en weet ongeveer hoe de tijdlijn in elkaar zit. Daardoor herken je de korte verwijzingen naar belangrijke gebeurtenissen - de dood van Hektor wordt bijvoorbeeld tussen neus en lippen door beschreven - en begrijp je waarom Agamemnon zijn dood tegemoet gaat, en waarom Aeneas zo belangrijk is in het verhaal. Uit Kassandra zelf wordt dit niet of nauwelijks duidelijk. Nog minder begrijpelijk vind ik de wijzigingen die Wolf in het verhaal aanbracht. Hoezo is Helena in deze versie nooit in Troje aangekomen? Ik las ergens dat Kassandra parallellen vertoont met het leven van de schrijfster in Oost-Duitsland en misschien is dat een verklaring voor dit deze bizarre afwijking van de mythologie, maar mijns inziens is dat geen goed excuus. Als dit boek als parabel moet dienen, had dat beter uitgewerkt mogen worden. En over beter uitwerken gesproken: hoezo dat rare einde waarin Kassandra niet met Aeneas mee wil? Waar komt dat ineens vandaan? Sowieso begrijp ik erg weinig van wat Kassandra doet en verliest ze gaandeweg steeds meer van mijn sympathie voor haar.
Misschien is mijn teleurstelling juist wel zo groot omdat het verhaal mij zo lief is. Als je er zonder voorkennis instapt is het mogelijk beter te doen - en het zal zeker een stuk schelen als je de stijl wél kunt waarderen. Kassandra is niet het boek voor mij. Ik zal ongetwijfeld wel weer een ander boek vinden dat gebaseerd is op de Trojaanse oorlog. Hopelijk nu een die me wat beter bevalt.
Mijn grootste kritiekpunt is de vorm van het verhaal. Het bestaat uit wel drie alinea's. Er is een proloog en een epiloog van elk een paar regels, vermoedelijk uit het oogpunt van de schrijfster geschreven (en weinig bijdragend aan het verhaal). Daartussen is het een stroom van woorden zonder duidelijk begin of einde of richting. Ik denk dat dit is wat ze stream of consciousness noemen, en dat werkt dus niet voor mij - als ik dat al mag concluderen na het lezen van dit boek en een hopeloos mislukte poging om Mrs. Dalloway door te komen. Door het ontbreken van natuurlijke pauzes in het verhaal is het moeilijk om het boek weg te leggen (wat geen probleem hoeft te zijn) en nog moeilijker om het weer op te pakken (wat wel degelijk problematisch is). Daarnaast zijn dialogen zonder aanhalingstekens geschreven, of zelfs maar een nieuwe regel als iemand anders begint te praten, waardoor het onduidelijk wordt wanneer iets wordt gedacht of gesproken, en door wie, en tegen wie.
De vorm werkt dus niet voor mij. Omwille van het plot heb ik het boek wel uitgelezen. Helaas viel ook dat plot tegen. Het verdrinkt in die stream of consciousness. Wat ik eruit heb weten te destilleren is vooral een schim van een groots verhaal. Dat ik die schim überhaupt herken is vooral doordat ik het verhaal al kende voor ik aan het boek begon. Ik herken de namen en weet ongeveer hoe de tijdlijn in elkaar zit. Daardoor herken je de korte verwijzingen naar belangrijke gebeurtenissen - de dood van Hektor wordt bijvoorbeeld tussen neus en lippen door beschreven - en begrijp je waarom Agamemnon zijn dood tegemoet gaat, en waarom Aeneas zo belangrijk is in het verhaal. Uit Kassandra zelf wordt dit niet of nauwelijks duidelijk. Nog minder begrijpelijk vind ik de wijzigingen die Wolf in het verhaal aanbracht. Hoezo is Helena in deze versie nooit in Troje aangekomen? Ik las ergens dat Kassandra parallellen vertoont met het leven van de schrijfster in Oost-Duitsland en misschien is dat een verklaring voor dit deze bizarre afwijking van de mythologie, maar mijns inziens is dat geen goed excuus. Als dit boek als parabel moet dienen, had dat beter uitgewerkt mogen worden. En over beter uitwerken gesproken: hoezo dat rare einde waarin Kassandra niet met Aeneas mee wil? Waar komt dat ineens vandaan? Sowieso begrijp ik erg weinig van wat Kassandra doet en verliest ze gaandeweg steeds meer van mijn sympathie voor haar.
Misschien is mijn teleurstelling juist wel zo groot omdat het verhaal mij zo lief is. Als je er zonder voorkennis instapt is het mogelijk beter te doen - en het zal zeker een stuk schelen als je de stijl wél kunt waarderen. Kassandra is niet het boek voor mij. Ik zal ongetwijfeld wel weer een ander boek vinden dat gebaseerd is op de Trojaanse oorlog. Hopelijk nu een die me wat beter bevalt.
Kinderen van Moeder Aarde - Thea Beckman (1985)

3,5
4
geplaatst: 26 november 2019, 19:39 uur
Een poosje terug heb ik in een vlaag van nostalgie de trilogie van Geef me de ruimte! herlezen, en dat was me eigenlijk wel goed bevallen. Nu mocht de Thule-trilogie eraan geloven.
Om maar meteen met het grootste kritiekpunt te beginnen: Beckman is nergens heel subtiel. Misschien gaat je dat nou eenmaal storen als je als volwassene een jeugdboek leest; ik kan me in ieder geval niet herinneren dat ik me er vroeger zo aan gestoord heb. Beckman begint met een donderpreek van jewelste, waarin de wereld zo ongeveer vergaat door wat mensen (= met name Amerikanen en Europeanen) haar hebben aan gedaan. Vervolgens neemt ze de tijd om Thule als het paradijs op de geresette aarde te schilderen, en haar bewoners als lieve bloemenkinderen. De Thulenen zijn stuk voor stuk vrolijke, vrijgevige mensen die elke gelegenheid te baat nemen om de schoonheid van de natuur te bezingen - dat werd me af en toe te veel. De later geïntroduceerde Badeners zijn dan weer een stereotiep bloeddorstig en verdorven volk, waarbij het me deze keer opvalt dat hun namen wel heel duidelijk Duits zijn. Nu behoor ik inmiddels niet meer tot de doelgroep, dus misschien is het niet aan mij om hierover te oordelen, maar zou het verhaal niet een heel stuk sterker zijn als de tegenstellingen wat minder uitgesproken waren?
Ook de personages zijn niet allemaal even subtiel uitgedrukt. Christian vind ik nog steeds wel sympathiek, maar Thura is eigenlijk gewoon heel saai. Ze is stoer natuurlijk, maar dat is het dan ook wel. Hannah-Dottir krijgt als enige Thuleense een smet op haar blazoen (haar onwil om gewonde Badeners te helpen) maar dat wordt nergens echt interessant. De geheimzinnige vaderfiguur Rajo komt ook niet helemaal goed uit de verf. Professor Kunz is een van de weinige personages die een duidelijke ontwikkeling doormaakt. Verreweg de interessantste in het hele boek is echter de Konega Armina-Dottir. Meer dan elk ander personage is zij een eigen persoon met veel verschillende kanten die soms met elkaar in tegenspraak lijken te zijn. Ze is liefdevol maar kan hard zijn, vertrouwt op haar intuïtie maar neemt heel rationele beslissingen. Ze is de Badeners telkens te slim af slaagt er steeds in om ervoor te zorgen dat ze zichzelf in de problemen brengen. Hoe slim haar slinkse plannen zijn vond ik elke keer weer leuk om te lezen.
Wat ik overigens erg kan waarderen is de moeite die Beckman heeft genomen om de Thuleense samenleving in te richten. Ze heeft er een soort feministisch-communistische samenleving geschapen met een aantal interessante ideeën. Het concept van straffen middels een systeem van stempels in het gezicht heb ik bijvoorbeeld altijd ingenieus gevonden. Sowieso denk ik dat de wereld erg gebaat zou zijn bij samenlevingen waarin (meer) vrouwen het voor het zeggen hebben, een standpunt dat overigens vandaag vast niet zo gedurfd is als in 1985. Wel is het nog steeds actueel. Ook sluit het boek goed aan bij de huidige klimaatangst - het zou eigenlijk een dezer dagen in een nieuwe druk (met een gemoderniseerde omslag...) moeten verschijnen.
Behalve de ideeën over zorg voor de natuur en de rol van vrouwen in de samenleving is Kinderen van Moeder Aarde ook gewoon de moeite van het lezen waard omdat het verhaal goed in elkaar zit. De subtiliteit ontbreekt dus, maar het plot zelf is behoorlijk slim. Het duurt even voor het verhaal goed op gang komt, maar tegen het eind wordt het dan wel echt spannend. Al met al helemaal geen straf om dit te herlezen, en verrassend actueel.
Om maar meteen met het grootste kritiekpunt te beginnen: Beckman is nergens heel subtiel. Misschien gaat je dat nou eenmaal storen als je als volwassene een jeugdboek leest; ik kan me in ieder geval niet herinneren dat ik me er vroeger zo aan gestoord heb. Beckman begint met een donderpreek van jewelste, waarin de wereld zo ongeveer vergaat door wat mensen (= met name Amerikanen en Europeanen) haar hebben aan gedaan. Vervolgens neemt ze de tijd om Thule als het paradijs op de geresette aarde te schilderen, en haar bewoners als lieve bloemenkinderen. De Thulenen zijn stuk voor stuk vrolijke, vrijgevige mensen die elke gelegenheid te baat nemen om de schoonheid van de natuur te bezingen - dat werd me af en toe te veel. De later geïntroduceerde Badeners zijn dan weer een stereotiep bloeddorstig en verdorven volk, waarbij het me deze keer opvalt dat hun namen wel heel duidelijk Duits zijn. Nu behoor ik inmiddels niet meer tot de doelgroep, dus misschien is het niet aan mij om hierover te oordelen, maar zou het verhaal niet een heel stuk sterker zijn als de tegenstellingen wat minder uitgesproken waren?
Ook de personages zijn niet allemaal even subtiel uitgedrukt. Christian vind ik nog steeds wel sympathiek, maar Thura is eigenlijk gewoon heel saai. Ze is stoer natuurlijk, maar dat is het dan ook wel. Hannah-Dottir krijgt als enige Thuleense een smet op haar blazoen (haar onwil om gewonde Badeners te helpen) maar dat wordt nergens echt interessant. De geheimzinnige vaderfiguur Rajo komt ook niet helemaal goed uit de verf. Professor Kunz is een van de weinige personages die een duidelijke ontwikkeling doormaakt. Verreweg de interessantste in het hele boek is echter de Konega Armina-Dottir. Meer dan elk ander personage is zij een eigen persoon met veel verschillende kanten die soms met elkaar in tegenspraak lijken te zijn. Ze is liefdevol maar kan hard zijn, vertrouwt op haar intuïtie maar neemt heel rationele beslissingen. Ze is de Badeners telkens te slim af slaagt er steeds in om ervoor te zorgen dat ze zichzelf in de problemen brengen. Hoe slim haar slinkse plannen zijn vond ik elke keer weer leuk om te lezen.
Wat ik overigens erg kan waarderen is de moeite die Beckman heeft genomen om de Thuleense samenleving in te richten. Ze heeft er een soort feministisch-communistische samenleving geschapen met een aantal interessante ideeën. Het concept van straffen middels een systeem van stempels in het gezicht heb ik bijvoorbeeld altijd ingenieus gevonden. Sowieso denk ik dat de wereld erg gebaat zou zijn bij samenlevingen waarin (meer) vrouwen het voor het zeggen hebben, een standpunt dat overigens vandaag vast niet zo gedurfd is als in 1985. Wel is het nog steeds actueel. Ook sluit het boek goed aan bij de huidige klimaatangst - het zou eigenlijk een dezer dagen in een nieuwe druk (met een gemoderniseerde omslag...) moeten verschijnen.
Behalve de ideeën over zorg voor de natuur en de rol van vrouwen in de samenleving is Kinderen van Moeder Aarde ook gewoon de moeite van het lezen waard omdat het verhaal goed in elkaar zit. De subtiliteit ontbreekt dus, maar het plot zelf is behoorlijk slim. Het duurt even voor het verhaal goed op gang komt, maar tegen het eind wordt het dan wel echt spannend. Al met al helemaal geen straf om dit te herlezen, en verrassend actueel.
Knielen op een Bed Violen - Jan Siebelink (2005)
Alternatieve titel: In My Father's Garden

2,5
0
geplaatst: 26 maart 2013, 22:22 uur
Knielen op een bed violen heb ik min of meer toevallig gelezen omdat het e-book me gratis aangeboden werd. Ik had nog niet eerder iets van Siebelink gelezen. E-readen was sowieso nog nieuw voor mij, trouwens, dus dat was een dubbele primeur.
Zelf zou ik dit boek niet zo snel uit de kast van de bibliotheek getrokken hebben. Geloofsproblematiek vind ik zeker niet oninteressant als onderwerp, maar de setting van dit verhaal spreekt me niet zo aan. In het begin is de setting nog wel boeiend, maar zodra Hans zijn geboortedorp de rug toekeert wordt dat anders. Ook zijn er grote sprongen in de tijd, en dan juist de perioden die mij het interessantst hadden geleken (de oorlog, zijn hernieuwde contact met Margje). Nu ik het boek uit heb vind ik het verhaal eigenlijk wat flauwtjes. Veel van de ontwikkelingen vond ik nogal ongeloofwaardig (zoals Hans' omgang met 'tante'); zelfs het thema van het hele verhaal - man wordt meegesleept in extreem-orthodox christendom - vind ik nauwelijks geloofwaardig. Ik had verwacht dat wij als lezers eerst een positief beeld van de sekte (om het even te chargeren) te zien zouden krijgen, om vervolgens er steeds meer achter te komen dat het eigenlijk toch een heel nare beweging is. Echter had ik al vanaf het begin problemen om me voor te stellen waarom Hans zich tot de stroming aangetrokken voelde. Ik kan dat niet rijmen met het beeld dat ik kreeg van hem als persoon in het eerste deel van het boek, ik zie niets dat hem aangetrokken kan hebben.
Het hele idee van dit boek werkt dus niet voor mij. Dan is het al snel gemakkelijk om je aan andere dingen te gaan ergeren. Aan Siebelinks schrijfstijl bijvoorbeeld, waar ik op de voorgaande pagina al een paar voorbeelden van las. Het kan liggen aan het feit dat ik het e-book las, maar ik merkte dat ik sneller las dan normaal, en niet uit spanning voor de afloop maar uit ergernis over het taalgebruik. Als de stijl van een boek mooi is, merk ik altijd dat ik langzamer ga lezen.
Het irriteerde me bijvoorbeeld ook dat Siebelink soms hele lappen tekst van een personage in de mond legt van een ander personage (zoals Ruben die zijn vader vertelt waarom zijn moeder is weggegaan), wat niet bepaald geloofwaardig overkomt en soms ook verwarrend is. Een ander punt dat me niet beviel is het niet uitwerken van bepaalde zijplotjes. Het boek was mijns inziens een stuk interessanter geweest als Hans' relatie met Tom beter was uitgewerkt. Nu wordt er een probleem in die relatie beschreven, waar niets mee gedaan wordt en dat daarna ineens verdwenen lijkt te zijn. Met de introductie van Johanna komt er iets meer leven in het verhaal, maar ook dat zijplot vind ik uiteindelijk teleurstellen.
Dan blijft er niet veel positiefs over. Nu vond ik Knielen op een bed violen geen straf om te lezen (dat vind ik zelden) maar ik heb niet de behoefte om op korte termijn weer een Siebelink te gaan proberen. 2,5 ster.
Zelf zou ik dit boek niet zo snel uit de kast van de bibliotheek getrokken hebben. Geloofsproblematiek vind ik zeker niet oninteressant als onderwerp, maar de setting van dit verhaal spreekt me niet zo aan. In het begin is de setting nog wel boeiend, maar zodra Hans zijn geboortedorp de rug toekeert wordt dat anders. Ook zijn er grote sprongen in de tijd, en dan juist de perioden die mij het interessantst hadden geleken (de oorlog, zijn hernieuwde contact met Margje). Nu ik het boek uit heb vind ik het verhaal eigenlijk wat flauwtjes. Veel van de ontwikkelingen vond ik nogal ongeloofwaardig (zoals Hans' omgang met 'tante'); zelfs het thema van het hele verhaal - man wordt meegesleept in extreem-orthodox christendom - vind ik nauwelijks geloofwaardig. Ik had verwacht dat wij als lezers eerst een positief beeld van de sekte (om het even te chargeren) te zien zouden krijgen, om vervolgens er steeds meer achter te komen dat het eigenlijk toch een heel nare beweging is. Echter had ik al vanaf het begin problemen om me voor te stellen waarom Hans zich tot de stroming aangetrokken voelde. Ik kan dat niet rijmen met het beeld dat ik kreeg van hem als persoon in het eerste deel van het boek, ik zie niets dat hem aangetrokken kan hebben.
Het hele idee van dit boek werkt dus niet voor mij. Dan is het al snel gemakkelijk om je aan andere dingen te gaan ergeren. Aan Siebelinks schrijfstijl bijvoorbeeld, waar ik op de voorgaande pagina al een paar voorbeelden van las. Het kan liggen aan het feit dat ik het e-book las, maar ik merkte dat ik sneller las dan normaal, en niet uit spanning voor de afloop maar uit ergernis over het taalgebruik. Als de stijl van een boek mooi is, merk ik altijd dat ik langzamer ga lezen.
Het irriteerde me bijvoorbeeld ook dat Siebelink soms hele lappen tekst van een personage in de mond legt van een ander personage (zoals Ruben die zijn vader vertelt waarom zijn moeder is weggegaan), wat niet bepaald geloofwaardig overkomt en soms ook verwarrend is. Een ander punt dat me niet beviel is het niet uitwerken van bepaalde zijplotjes. Het boek was mijns inziens een stuk interessanter geweest als Hans' relatie met Tom beter was uitgewerkt. Nu wordt er een probleem in die relatie beschreven, waar niets mee gedaan wordt en dat daarna ineens verdwenen lijkt te zijn. Met de introductie van Johanna komt er iets meer leven in het verhaal, maar ook dat zijplot vind ik uiteindelijk teleurstellen.
Dan blijft er niet veel positiefs over. Nu vond ik Knielen op een bed violen geen straf om te lezen (dat vind ik zelden) maar ik heb niet de behoefte om op korte termijn weer een Siebelink te gaan proberen. 2,5 ster.
