Hier kun je zien welke berichten J.Ch. als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Bal des Folles, Le - Victoria Mas (2019)
Alternatieve titel: Het Bal der Gekken

3,0
3
geplaatst: 12 februari 2023, 22:33 uur
Onlangs zag ik de verfilming van dit boek en die smaakte naar meer. De film is prima, maar af en toe miste ik diepgang en die hoopte ik in het boek te vinden. Daarin werd ik helaas teleurgesteld: Le Bal des Folles blijkt een goed verhaal dat slecht is geschreven.
Allereerst over de schrijfstijl. Ofwel mijn smaak wijkt erg af van die van de gemiddelde Franse recensent (zie bericht hierboven), ofwel er is een hoop schoonheid verloren gegaan bij de vertaling. Dat het boek een serieuze prijs gewonnen heeft verbaast mij minder nu ik begrijp dat de winnaar wordt gekozen door middelbare scholieren. Als het boek als Young Adult was gepresenteerd had ik het misschien milder beoordeeld. Ik verwachtte echter een volwassen roman, en dan vind ik het ergerlijk hoe alles benoemd, uitgelegd en nog eens extra benadrukt wordt. ‘De geschokte toeschouwers verstijven’, waarna iemand verschijnt tussen hun ‘verstarde gestalten […] die staan toe te kijken zonder dat ze weten wat ze moeten doen’. Ik voel me als lezer weinig serieus genomen zo.
Het verhaal zelf heeft echt potentie. De drie hoofdpersonen bieden drie perspectieven die elkaar mooi aanvullen. Eugénie is de intelligente nieuwkomer die zo snel mogelijk wil ontsnappen, Louise de chronische patiënt voor wie het gesticht een veilige haven lijkt, en dan is er Geneviève, de hoofdzuster die haar professionele distantie dreigt te verliezen. Helaas slaagt Mas er niet in deze perspectieven allemaal geloofwaardig te verbeelden. Met Louise is dat misschien nog het best gelukt. Eugénie is echter een vrij blanco personage, alsof ze zo geschreven is dat alle jonge, intelligente vrouwen zich zonder enige mentale inspanning in haar kunnen verplaatsen. Van Geneviève wordt keer op keer gezegd dat ze zo’n oude rot is die nergens door geraakt wordt, maar vervolgens laat ze zonder noemenswaardige worsteling en rücksichtslos haar principes varen.
Wat ik miste is een beter beeld van het dagelijks leven in het gesticht en de behandelingen die patiënten ondergaan. Zo is er in de film een veelzeggende scène waarin een ontredderde Eugénie in een ijsbad wordt vastgezet. De misogynie is in de film overduidelijk zonder woorden. Het boek laat de vernederingen weg en beschrijft in plaats daarvan de achtergestelde positie van vrouwen zonder enige subtiliteit, inclusief een obligate (en onzinnige) opmerking over het dragen van een korset. Juist doordat het er zo dik bovenop ligt riep het boek veel minder afschuw en verontwaardiging op dan de film.
Als Eugénie een interessanter personage was, de ommekeer van Geneviève een goed beschreven ontwikkeling was en we wat meer hadden kunnen zien van het dagelijks leven in het gesticht, had dit een fantastisch boek kunnen zijn. Helaas blijft Le Bal des Folles nu steken op een middelmatige 3 sterren.
Allereerst over de schrijfstijl. Ofwel mijn smaak wijkt erg af van die van de gemiddelde Franse recensent (zie bericht hierboven), ofwel er is een hoop schoonheid verloren gegaan bij de vertaling. Dat het boek een serieuze prijs gewonnen heeft verbaast mij minder nu ik begrijp dat de winnaar wordt gekozen door middelbare scholieren. Als het boek als Young Adult was gepresenteerd had ik het misschien milder beoordeeld. Ik verwachtte echter een volwassen roman, en dan vind ik het ergerlijk hoe alles benoemd, uitgelegd en nog eens extra benadrukt wordt. ‘De geschokte toeschouwers verstijven’, waarna iemand verschijnt tussen hun ‘verstarde gestalten […] die staan toe te kijken zonder dat ze weten wat ze moeten doen’. Ik voel me als lezer weinig serieus genomen zo.
Het verhaal zelf heeft echt potentie. De drie hoofdpersonen bieden drie perspectieven die elkaar mooi aanvullen. Eugénie is de intelligente nieuwkomer die zo snel mogelijk wil ontsnappen, Louise de chronische patiënt voor wie het gesticht een veilige haven lijkt, en dan is er Geneviève, de hoofdzuster die haar professionele distantie dreigt te verliezen. Helaas slaagt Mas er niet in deze perspectieven allemaal geloofwaardig te verbeelden. Met Louise is dat misschien nog het best gelukt. Eugénie is echter een vrij blanco personage, alsof ze zo geschreven is dat alle jonge, intelligente vrouwen zich zonder enige mentale inspanning in haar kunnen verplaatsen. Van Geneviève wordt keer op keer gezegd dat ze zo’n oude rot is die nergens door geraakt wordt, maar vervolgens laat ze zonder noemenswaardige worsteling en rücksichtslos haar principes varen.
Wat ik miste is een beter beeld van het dagelijks leven in het gesticht en de behandelingen die patiënten ondergaan. Zo is er in de film een veelzeggende scène waarin een ontredderde Eugénie in een ijsbad wordt vastgezet. De misogynie is in de film overduidelijk zonder woorden. Het boek laat de vernederingen weg en beschrijft in plaats daarvan de achtergestelde positie van vrouwen zonder enige subtiliteit, inclusief een obligate (en onzinnige) opmerking over het dragen van een korset. Juist doordat het er zo dik bovenop ligt riep het boek veel minder afschuw en verontwaardiging op dan de film.
Als Eugénie een interessanter personage was, de ommekeer van Geneviève een goed beschreven ontwikkeling was en we wat meer hadden kunnen zien van het dagelijks leven in het gesticht, had dit een fantastisch boek kunnen zijn. Helaas blijft Le Bal des Folles nu steken op een middelmatige 3 sterren.
Before I Wake - Dee Henderson (2003)
Alternatieve titel: Sluimermoord

1,5
0
geplaatst: 23 juli 2015, 19:55 uur
Oei, wat een vreselijke cover...
Dit is weer eens zo'n boek dat ik ongeveer per ongeluk heb gelezen daar er zo snel niets beters voor hand was. Het duurde eventjes voor ik in het verhaal kwam, maar toen de moorden eenmaal plaatsvonden begon ik me wel te interesseren. Maar, naarmate ik verder in het verhaal kwam, werd het steeds minder spannend. Tegen de tijd dat ik alleen de laatste hoofdstukken nog moest lezen kon mij de uitkomst totaal niet meer schelen. Dat scheelt, want het einde lijkt nergens op. Er zijn een paar volledig uit de lucht vallende wendingen om het verhaal richting een einde te duwen, en dan is het ineens afgelopen. Niet met antwoorden, maar ook niet met een cliffhanger.
Wat het niet veel beter maakt is dan Rae de perfecte vrouw is, voor wie haar twee mannelijke collega's gelijktijdig vallen. Niet dat hier een spannende driehoeksverhouding volgt - dat kan ook nauwelijks gezien het feit dat de mannen als twee druppels op elkaar lijken en het blijkbaar prima vinden als Rae met hen beiden omgaat zonder een keus te maken. De peis en vree ging me langzamerhand de keel uithangen. Ik was blij toen het voorbij was. Een boek om snel te vergeten.
Dit is weer eens zo'n boek dat ik ongeveer per ongeluk heb gelezen daar er zo snel niets beters voor hand was. Het duurde eventjes voor ik in het verhaal kwam, maar toen de moorden eenmaal plaatsvonden begon ik me wel te interesseren. Maar, naarmate ik verder in het verhaal kwam, werd het steeds minder spannend. Tegen de tijd dat ik alleen de laatste hoofdstukken nog moest lezen kon mij de uitkomst totaal niet meer schelen. Dat scheelt, want het einde lijkt nergens op. Er zijn een paar volledig uit de lucht vallende wendingen om het verhaal richting een einde te duwen, en dan is het ineens afgelopen. Niet met antwoorden, maar ook niet met een cliffhanger.
Wat het niet veel beter maakt is dan Rae de perfecte vrouw is, voor wie haar twee mannelijke collega's gelijktijdig vallen. Niet dat hier een spannende driehoeksverhouding volgt - dat kan ook nauwelijks gezien het feit dat de mannen als twee druppels op elkaar lijken en het blijkbaar prima vinden als Rae met hen beiden omgaat zonder een keus te maken. De peis en vree ging me langzamerhand de keel uithangen. Ik was blij toen het voorbij was. Een boek om snel te vergeten.
Bekeerlinge, De - Stefan Hertmans (2016)

4,0
2
geplaatst: 3 augustus 2025, 22:43 uur
Hoewel Hertmans’ bekendste werk Oorlog en Terpentijn al jaren op mijn leeslijst staat, ben ik wat huiverig om eraan te beginnen – de zinloze Grote Oorlog levert van die deprimerende boeken op. De Bekeerlinge leek me een goed alternatief. Een jonkvrouw die voor de liefde alles achterlaat en op de vlucht slaat, dat is alvast een mooi startpunt.
Grofweg de eerste helft van het boek is het verhaal van Vigdis en David als star-crossed lovers op de vlucht. Het grootste gevaar is Vigdis’ vader, de voor Vigdis vreemde joodse gemeenschap een veilige haven. Ook in de tweede helft worden er lange reizen gemaakt, maar dan is er niets romantisch meer aan. Daartussen de pogrom van Monieux, verreweg het akeligste deel van het boek. Nu wist ik wel dat de kruistochten met veel geweld gepaard gingen, maar ik besefte niet dat ze ook in Europa zo’n spoor van vernietiging hebben achtergelaten. Dat Hamoutal in deze omstandigheden, met een kind op de arm, richting Jeruzalem trekt lijkt dan ook een krankzinnig idee.
Hertmans’ nieuwsgierigheid is aanstekelijk, en zijn zoektocht spiegelt en contrasteert met de vlucht van zijn hoofdpersonen. Vaak werkt dat goed, soms hangt hij mijns inziens iets te veel in het hedendaagse Frankrijk rond. Dan volgt er een reeks mij nietszeggende plaatsnamen, die behalve hun ligging niks te maken hebben met het hoofdverhaal. Ik had liever iets meer tijd doorgebracht in het elfde-eeuwse Caïro. Als je als schrijver toch al besloten hebt om een aantal historische feiten (die dramatisch genoeg zijn om te zijn verzonnen!) aan te vullen met fictie, dan mag je het verhaal op sommige plekken best wat meer opvulling geven.
De elfde eeuw is niet een periode in de geschiedenis waar ik veel van weet. Hertmans weet hem neer te zetten als een interessante, uiterst instabiele tijd met overal oplaaiende onlusten. In zijn woorden klinkt echter ook een zekere heimwee door, niet alleen naar de verdwijnende dorpen als Monieux maar ook naar de tijd waarin joden, christenen en moslims vreedzaam samenleefden in Caïro. De verloren schat van Monieux deed mij niet zo veel, maar Hertmans’ eerbied voor de oeroude documenten en zijn verlangen om aan te raken wat Hamoutal heeft aangeraakt vond ik ontroerend. De schrijfstijl is goed te volgen, het tempo wat wisselvallig zonder dat het ooit saai wordt. Uiteindelijk blijkt De Bekeerlinge een stuk deprimerender te zijn dan mijn inschatting was. Desondanks ben ik blij dat ik het heb gelezen.
Grofweg de eerste helft van het boek is het verhaal van Vigdis en David als star-crossed lovers op de vlucht. Het grootste gevaar is Vigdis’ vader, de voor Vigdis vreemde joodse gemeenschap een veilige haven. Ook in de tweede helft worden er lange reizen gemaakt, maar dan is er niets romantisch meer aan. Daartussen de pogrom van Monieux, verreweg het akeligste deel van het boek. Nu wist ik wel dat de kruistochten met veel geweld gepaard gingen, maar ik besefte niet dat ze ook in Europa zo’n spoor van vernietiging hebben achtergelaten. Dat Hamoutal in deze omstandigheden, met een kind op de arm, richting Jeruzalem trekt lijkt dan ook een krankzinnig idee.
Hertmans’ nieuwsgierigheid is aanstekelijk, en zijn zoektocht spiegelt en contrasteert met de vlucht van zijn hoofdpersonen. Vaak werkt dat goed, soms hangt hij mijns inziens iets te veel in het hedendaagse Frankrijk rond. Dan volgt er een reeks mij nietszeggende plaatsnamen, die behalve hun ligging niks te maken hebben met het hoofdverhaal. Ik had liever iets meer tijd doorgebracht in het elfde-eeuwse Caïro. Als je als schrijver toch al besloten hebt om een aantal historische feiten (die dramatisch genoeg zijn om te zijn verzonnen!) aan te vullen met fictie, dan mag je het verhaal op sommige plekken best wat meer opvulling geven.
De elfde eeuw is niet een periode in de geschiedenis waar ik veel van weet. Hertmans weet hem neer te zetten als een interessante, uiterst instabiele tijd met overal oplaaiende onlusten. In zijn woorden klinkt echter ook een zekere heimwee door, niet alleen naar de verdwijnende dorpen als Monieux maar ook naar de tijd waarin joden, christenen en moslims vreedzaam samenleefden in Caïro. De verloren schat van Monieux deed mij niet zo veel, maar Hertmans’ eerbied voor de oeroude documenten en zijn verlangen om aan te raken wat Hamoutal heeft aangeraakt vond ik ontroerend. De schrijfstijl is goed te volgen, het tempo wat wisselvallig zonder dat het ooit saai wordt. Uiteindelijk blijkt De Bekeerlinge een stuk deprimerender te zijn dan mijn inschatting was. Desondanks ben ik blij dat ik het heb gelezen.
Bleak House - Charles Dickens (1853)
Alternatieve titel: Het Grauwe Huis

3,0
1
geplaatst: 31 januari 2023, 14:30 uur
Misschien is het vloeken in de kerk, maar ik denk dat Bleak House heel erg gebaat zou zijn geweest bij een rigoureuze redacteur. Ik heb over het algemeen geen problemen met lijvige boeken maar in dit geval zou het een zoveel beter boek geweest zijn als het eens flink was bijgesnoeid. Zowel qua aantal bladzijden als qua personages.
De grote lijnen van het verhaal zijn namelijk prima. De statige lady Dedlock heeft een geheim waar snode advocaat Tulkinghorn jacht op maakt. Ondertussen speelt er een schimmige rechtszaak over een oude erfenis, en ergens hebben die twee verhaallijnen met elkaar te maken. Ik had dit een fantastisch boek kunnen vinden. Er zit alleen nog zoveel omheen! Nu is Dickens erg goed in karakteriseren; hij trekt moeiteloos blikken kleurrijke personages open. Fijn dat hij dat zo goed kan, maar overdaad schaadt. Om een willekeurig voorbeeld te geven: ene meneer Smallweed helpt/hindert Tulkinghorn bij zijn zoektocht. Dat feit an sich helpt het verhaal vooruit, maar waarom dan ook nog een uitgebreide beschrijving van al zijn familieleden, die verder in het verhaal niets te zoeken hebben? (Even los daarvan ben ik zelden zo’n onuitstaanbaar personage tegengekomen als meneer Skimpole. En ook die voegt helemaal niets toe!)
Die enorme hoeveelheid personages haalt ook de vaart uit het verhaal. Ik heb zo vaak alvast vooruitgelezen, op zoek naar een interessant deel, dat ik op een gegeven moment de volgorde van het verhaal kwijt dreigde te raken. Vooral in het middendeel van het boek was dit een probleem. Tegen de tijd dat Tulkinghorn het geheim van lady Dedlock ontrafelt en kort daarna sterft komt er ineens weer vaart in het verhaal. Alsof Dickens ineens de geest heeft gekregen en besloten heeft het verhaal eens tot een einde te brengen, in plaats van eeuwig door te gaan met een soort Victoriaanse variant op een sitcom. Sowieso vind ik Dickens op zijn best als hij alle satire laat varen. De sterfscène van Jo vond ik bijvoorbeeld oprecht ontroerend.
Sommige elementen in het verhaal zullen bij de Victoriaanse lezer ook beter gevallen zijn dan bij mij. Dickens’ spot met mevrouw Jellyby en consorten is bijvoorbeeld nog wel te transplanteren naar onze huidige maatschappij, maar kritiek op het Britse rechtssysteem van de negentiende is voor mij niet zo interessant. En hoewel ik zowel Esther als meneer Jarndyce sympathieke personages vond (iets té engelachtig misschien), bekroop me toch een ongemakkelijk gevoel bij hun voorgenomen huwelijk. Waarna meneer Jarndyce zonder Esthers medeweten een alternatief huwelijk voor haar regelt. Andere tijden, andere zeden, maar het was ongemakkelijk genoeg om me uit het verhaal te halen.
Al met al gemengde gevoelens dus. De sterke karakterisering, sommige uitstekende scènes en interessante machtsverhoudingen zouden zo vier sterren hebben kunnen opleveren. Het zeer wisselvallige tempo en vooral de overdaad aan irrelevante personages leiden eerder tot twee sterren. Ik zal er dus maar drie sterren van maken.
De grote lijnen van het verhaal zijn namelijk prima. De statige lady Dedlock heeft een geheim waar snode advocaat Tulkinghorn jacht op maakt. Ondertussen speelt er een schimmige rechtszaak over een oude erfenis, en ergens hebben die twee verhaallijnen met elkaar te maken. Ik had dit een fantastisch boek kunnen vinden. Er zit alleen nog zoveel omheen! Nu is Dickens erg goed in karakteriseren; hij trekt moeiteloos blikken kleurrijke personages open. Fijn dat hij dat zo goed kan, maar overdaad schaadt. Om een willekeurig voorbeeld te geven: ene meneer Smallweed helpt/hindert Tulkinghorn bij zijn zoektocht. Dat feit an sich helpt het verhaal vooruit, maar waarom dan ook nog een uitgebreide beschrijving van al zijn familieleden, die verder in het verhaal niets te zoeken hebben? (Even los daarvan ben ik zelden zo’n onuitstaanbaar personage tegengekomen als meneer Skimpole. En ook die voegt helemaal niets toe!)
Die enorme hoeveelheid personages haalt ook de vaart uit het verhaal. Ik heb zo vaak alvast vooruitgelezen, op zoek naar een interessant deel, dat ik op een gegeven moment de volgorde van het verhaal kwijt dreigde te raken. Vooral in het middendeel van het boek was dit een probleem. Tegen de tijd dat Tulkinghorn het geheim van lady Dedlock ontrafelt en kort daarna sterft komt er ineens weer vaart in het verhaal. Alsof Dickens ineens de geest heeft gekregen en besloten heeft het verhaal eens tot een einde te brengen, in plaats van eeuwig door te gaan met een soort Victoriaanse variant op een sitcom. Sowieso vind ik Dickens op zijn best als hij alle satire laat varen. De sterfscène van Jo vond ik bijvoorbeeld oprecht ontroerend.
Sommige elementen in het verhaal zullen bij de Victoriaanse lezer ook beter gevallen zijn dan bij mij. Dickens’ spot met mevrouw Jellyby en consorten is bijvoorbeeld nog wel te transplanteren naar onze huidige maatschappij, maar kritiek op het Britse rechtssysteem van de negentiende is voor mij niet zo interessant. En hoewel ik zowel Esther als meneer Jarndyce sympathieke personages vond (iets té engelachtig misschien), bekroop me toch een ongemakkelijk gevoel bij hun voorgenomen huwelijk. Waarna meneer Jarndyce zonder Esthers medeweten een alternatief huwelijk voor haar regelt. Andere tijden, andere zeden, maar het was ongemakkelijk genoeg om me uit het verhaal te halen.
Al met al gemengde gevoelens dus. De sterke karakterisering, sommige uitstekende scènes en interessante machtsverhoudingen zouden zo vier sterren hebben kunnen opleveren. Het zeer wisselvallige tempo en vooral de overdaad aan irrelevante personages leiden eerder tot twee sterren. Ik zal er dus maar drie sterren van maken.
Botticelli Secret, The - Marina Fiorato (2010)
Alternatieve titel: Het Raadsel van Botticelli

3,5
3
geplaatst: 24 november 2021, 21:41 uur
Afgelopen zomer was ik een dag in Florence en een deel daarvan besteedde ik in de Galleria degli Uffizi. Nu is vrijwel alles in dat museum imposant, maar de eerste keer dat mijn haren letterlijk overeind gingen staan was toen ik een zaal binnenkwam en oog in oog stond met Botticelli’s Primavera. Ik heb er een milde fascinatie voor alles van Botticelli overgehouden (nog aangewakkerd door de uitstekende tv-serie Medici). Ik zocht in de collectie van de bibliotheek naar Botticelli en stuitte onderweg op dit boek. Nou vind ik historische fictie vele malen leuker dan een biografie, dus de zoektocht werd gestaakt, het boek werd gereserveerd en in de druilerige herfstmaanden kreeg ik het dan eindelijk te lezen.
Binnen de kortste keren nam het boek mij mee naar het Italië van de Renaissance. Binnen de historische fictie is dit een van mijn favoriete settings voor een verhaal, en dat zal ongetwijfeld mijn oordeel beïnvloed hebben, maar waarom zou dat de pret moeten drukken? Fiorato heeft een levendige schrijfstijl die het je gemakkelijk maakt om je te verplaatsen in de personages en in de tijd en ruimte waarin zij zich bevinden. Fiorato heeft volgens de kaft geschiedenis gestudeerd en op de kunstacademie gezeten, en dat blijkt door het hele boek. Behalve uitgebreide beschrijvingen en interpretaties van de Primavera komt er ook een handjevol Italiaanse steden, politieke figuren en imposante gebouwen langs. Voor mij was het bij vlagen een feest van herkenning, hoewel het ook echt niet hoeft te storen als je nog nooit een voet in Italië hebt gezet.
Dat je je niet hoeft te storen aan alle (kunst)historische informatie die over je wordt uitgestrooid, is vooral te danken aan het centrale duo. De ongeletterde hoer met haar rappe tong en gewiekstheid en de geleerde monnik die barst van idealisme en boekenwijsheid – ze vullen elkaar goed aan. Nu is het niet bijster origineel om twee tegenpolen tot elkaar te veroordelen en naar elkaar toe te laten groeien, maar het is wel kundig uitgevoerd en daarom prima te genieten. Naast Luciana en Guido is er nog een flinke stoet van kleurrijke personages, voor het grootste deel historische. Jammer vind ik dat de meest notoire figuur – Lorenzo ‘Il Magnifico’ de’ Medici – het minst uit de verf komt. Ook had ik zelf liever gehad dat het grote complot tegen Lorenzo gericht was (als een soort vervolg op het Pazzi-complot waar in het boek wel naar gerefereerd wordt), in plaats van door hem bedacht, maar dat is misschien vooringenomenheid van mij. De ontknoping vond ik daarnaast net iets te snel gaan. Als laatste minpunt moet ik nog even noemen dat er een paar inconsistenties in het boek staan waar ik me nogal aan ergerde (ergens had een redacteur iets beter zijn best moeten doen).
Nu vraagt Het geheim van Botticelli (naast enige interesse in kunst en/of geschiedenis) wel om een zekere suspension of disbelief. Je moet niet te lang stilstaan bij de vraag waarom een beroemde schilder toch een megalomaan complot in code vast zou leggen op een enorm schilderij. Als je dit centrale concept kunt accepteren vormt geloofwaardigheid de rest van het boek geen probleem meer. Binnen deze context klopt namelijk alles eigenlijk wel. Dat het verhaal vlot en met duidelijke kennis van zaken geschreven is helpt absoluut om je scepsis even opzij te zetten.
Ik was mijn oorspronkelijke beweegreden om dit boek te lezen alweer bijna vergeten. Toch is het wat wonderlijk dat Botticelli zelf zo’n beperkte rol krijgt in een naar hem genoemd boek. Hij wordt overschaduwd door zijn eigen meesterwerk.
Binnen de kortste keren nam het boek mij mee naar het Italië van de Renaissance. Binnen de historische fictie is dit een van mijn favoriete settings voor een verhaal, en dat zal ongetwijfeld mijn oordeel beïnvloed hebben, maar waarom zou dat de pret moeten drukken? Fiorato heeft een levendige schrijfstijl die het je gemakkelijk maakt om je te verplaatsen in de personages en in de tijd en ruimte waarin zij zich bevinden. Fiorato heeft volgens de kaft geschiedenis gestudeerd en op de kunstacademie gezeten, en dat blijkt door het hele boek. Behalve uitgebreide beschrijvingen en interpretaties van de Primavera komt er ook een handjevol Italiaanse steden, politieke figuren en imposante gebouwen langs. Voor mij was het bij vlagen een feest van herkenning, hoewel het ook echt niet hoeft te storen als je nog nooit een voet in Italië hebt gezet.
Dat je je niet hoeft te storen aan alle (kunst)historische informatie die over je wordt uitgestrooid, is vooral te danken aan het centrale duo. De ongeletterde hoer met haar rappe tong en gewiekstheid en de geleerde monnik die barst van idealisme en boekenwijsheid – ze vullen elkaar goed aan. Nu is het niet bijster origineel om twee tegenpolen tot elkaar te veroordelen en naar elkaar toe te laten groeien, maar het is wel kundig uitgevoerd en daarom prima te genieten. Naast Luciana en Guido is er nog een flinke stoet van kleurrijke personages, voor het grootste deel historische. Jammer vind ik dat de meest notoire figuur – Lorenzo ‘Il Magnifico’ de’ Medici – het minst uit de verf komt. Ook had ik zelf liever gehad dat het grote complot tegen Lorenzo gericht was (als een soort vervolg op het Pazzi-complot waar in het boek wel naar gerefereerd wordt), in plaats van door hem bedacht, maar dat is misschien vooringenomenheid van mij. De ontknoping vond ik daarnaast net iets te snel gaan. Als laatste minpunt moet ik nog even noemen dat er een paar inconsistenties in het boek staan waar ik me nogal aan ergerde (ergens had een redacteur iets beter zijn best moeten doen).
Nu vraagt Het geheim van Botticelli (naast enige interesse in kunst en/of geschiedenis) wel om een zekere suspension of disbelief. Je moet niet te lang stilstaan bij de vraag waarom een beroemde schilder toch een megalomaan complot in code vast zou leggen op een enorm schilderij. Als je dit centrale concept kunt accepteren vormt geloofwaardigheid de rest van het boek geen probleem meer. Binnen deze context klopt namelijk alles eigenlijk wel. Dat het verhaal vlot en met duidelijke kennis van zaken geschreven is helpt absoluut om je scepsis even opzij te zetten.
Ik was mijn oorspronkelijke beweegreden om dit boek te lezen alweer bijna vergeten. Toch is het wat wonderlijk dat Botticelli zelf zo’n beperkte rol krijgt in een naar hem genoemd boek. Hij wordt overschaduwd door zijn eigen meesterwerk.
Brave New World - Aldous Huxley (1932)
Alternatieve titel: Heerlijke Nieuwe Wereld

4,0
1
geplaatst: 22 februari 2011, 09:31 uur
Tot mijn verbazing bleek dit een uitstekend leesbaar boek. Het is misschien niet echt mijn genre en het begin zal wellicht sommige lezers afschrikken, maar het loont zeker de moeite om daar even door heen te bijten. Het boek laat je nadenken zonder dat je daarvoor met je hersens in de kreukels moet liggen. Het verhaal is niet moeilijk te begrijpen, de vergelijkingen zijn soms subtiel maar altijd duidelijk.
Het einde is mooi, hoewel het natuurlijk ook wel wat deprimerend is, maar ik denk niet dat het anders af had kunnen lopen. Wel jammer dat je niets meer hoort van Bernard en Helmholtz, nadat ze zijn weggestuurd. Ook vraag ik mij af hoe Lenina en de rest van 'haar soort mensen' zal reageren op de zelfmoord (iets dat niet vaak voorkomt in de Nieuwe Wereld, dunkt mij) van de Wilde. Maar hoe dan ook, een heel interessant en goed uitgewerkt boek dat een toekomst beschrijft die niet moeilijk voor te stellen is, het is zelfs na 80 jaar nog actueel te noemen en het laat de lezer nog altijd nadenken over de maatschappij van nu en de toekomst daarvan.
Het einde is mooi, hoewel het natuurlijk ook wel wat deprimerend is, maar ik denk niet dat het anders af had kunnen lopen. Wel jammer dat je niets meer hoort van Bernard en Helmholtz, nadat ze zijn weggestuurd. Ook vraag ik mij af hoe Lenina en de rest van 'haar soort mensen' zal reageren op de zelfmoord (iets dat niet vaak voorkomt in de Nieuwe Wereld, dunkt mij) van de Wilde. Maar hoe dan ook, een heel interessant en goed uitgewerkt boek dat een toekomst beschrijft die niet moeilijk voor te stellen is, het is zelfs na 80 jaar nog actueel te noemen en het laat de lezer nog altijd nadenken over de maatschappij van nu en de toekomst daarvan.
Brideshead Revisited: The Sacred and Profane Memories of Captain Charles Ryder - Evelyn Waugh (1945)
Alternatieve titel: Terugkeer naar Brideshead

3,0
0
geplaatst: 26 juli 2014, 12:01 uur
Het is zelden dat ik na het lezen van een boek zo sterk het gevoel heb dat ik iets gemist heb - de clou, zeg maar. Ik zou wel ongeveer kunnen vertellen wat er gebeurt in Brideshead Revisited, maar waar het nu over gaat? Ik heb daar inmiddels ook wat over gelezen, en tevens ontdekt dat dit boek binnen de Engelse literatuur hoog aangeschreven staat, maar ik kan er nog steeds niet bij.
Brideshead Revisited heb ik gelezen omdat het me aangeraden werd, omdat ik de titel mooi vond én omdat ik de verfilming had gezien. Na de film bleef ik met behoorlijk wat vragen over en had ik ook al zo sterk het gevoel dat ik iets miste. Waar het aan ligt, weet ik nog steeds niet. Het is niet dat Waugh onsamenhangend schrijft of niet goed te volgen is, het is ook niet dat ik niets van de setting begrijp of dat ik überhaupt niets met de periode heb. Naar mijn idee worden de thema's nooit helemaal duidelijk en de personages altijd afstandelijk.
Tegen het einde verandert Charles' houding ten opzichte van het katholiek geloof plotsklaps, hij lijkt zich zelfs te hebben bekeerd. Betekent dit dat Brideshead Revisited een verhaal is over hoe een zondaar tot geloof komt? Ik vind het in die hoedanigheid niet bepaald overtuigend. Charles' relatie met Julia loopt op een vreemde manier ten einde. De uitleg die daarvoor gegeven wordt vind ik evenmin toereikend. Gaat het dan meer over Charles' vriendschap met Sebastian? Ook die lijkt ineens verdwenen te zijn, net als Sebastian zelf. De thema's kunst, schoonheid, de ondergang van de Engelse aristocratie en jeugd vond ik ook niet overtuigend als centraal idee voor het boek.
Toch vond ik Brideshead Revisited niet vervelend om te lezen. De setting spreekt mij zeker wel aan, en ik had meermaals het gevoel dat er potentie zat in het verhaal voor een groot drama. Dat vervolgens niet uitmondde in een voor mij te waarderen plot is dan weer jammer. Met name de kleinere personages als Lady Marchmain, Cara en Cordelia vond ik interessant, en ik had hun graag een grotere rol zien spelen. In de tweede helft van het boek had ik graag meer willen weten over Sebastian. Charles is echter het grootste probleem. Ik vind het aan de ene kant heel knap van Waugh hoe hij erin slaagt om je het gevoel te geven dat je echt in Charles' hoofd zit. Zo krijg je in een conversatie vaak alleen te horen wat de ander zegt, waardoor je het idee krijgt dat jij degene bent tegen wie er wordt aangepraat. Aan de andere kant is Charles me een raadsel. Misschien is hij niet de meest geschikte persoon om mij als lezer inzicht te verschaffen over zichzelf? Soms krijg je via Anthony Blanche of Cordelia wat meer informatie om je toch een beeld te kunnen vormen, maar ik blijf het idee houden dat we, juist doordat we in Charles' hoofd zitten, hem nooit volledig leren kennen.
Daarom is het denk ik ook dat het mij zo weinig kan schelen wat er met Charles gebeurt. Het einde vond ik wat vreemd, maar op dat punt maakte het me al lang niet meer uit hoe het verhaal voor hem zou eindigen. Hoe dichtbij je ook bij Charles kunt komen, ik kreeg het gevoel dat hij steeds verder van de lezer verwijderd raakte. Jammer.
Brideshead Revisited is geen boek voor mij, en ik vrees dat het dat ook niet zal worden.
Brideshead Revisited heb ik gelezen omdat het me aangeraden werd, omdat ik de titel mooi vond én omdat ik de verfilming had gezien. Na de film bleef ik met behoorlijk wat vragen over en had ik ook al zo sterk het gevoel dat ik iets miste. Waar het aan ligt, weet ik nog steeds niet. Het is niet dat Waugh onsamenhangend schrijft of niet goed te volgen is, het is ook niet dat ik niets van de setting begrijp of dat ik überhaupt niets met de periode heb. Naar mijn idee worden de thema's nooit helemaal duidelijk en de personages altijd afstandelijk.
Tegen het einde verandert Charles' houding ten opzichte van het katholiek geloof plotsklaps, hij lijkt zich zelfs te hebben bekeerd. Betekent dit dat Brideshead Revisited een verhaal is over hoe een zondaar tot geloof komt? Ik vind het in die hoedanigheid niet bepaald overtuigend. Charles' relatie met Julia loopt op een vreemde manier ten einde. De uitleg die daarvoor gegeven wordt vind ik evenmin toereikend. Gaat het dan meer over Charles' vriendschap met Sebastian? Ook die lijkt ineens verdwenen te zijn, net als Sebastian zelf. De thema's kunst, schoonheid, de ondergang van de Engelse aristocratie en jeugd vond ik ook niet overtuigend als centraal idee voor het boek.
Toch vond ik Brideshead Revisited niet vervelend om te lezen. De setting spreekt mij zeker wel aan, en ik had meermaals het gevoel dat er potentie zat in het verhaal voor een groot drama. Dat vervolgens niet uitmondde in een voor mij te waarderen plot is dan weer jammer. Met name de kleinere personages als Lady Marchmain, Cara en Cordelia vond ik interessant, en ik had hun graag een grotere rol zien spelen. In de tweede helft van het boek had ik graag meer willen weten over Sebastian. Charles is echter het grootste probleem. Ik vind het aan de ene kant heel knap van Waugh hoe hij erin slaagt om je het gevoel te geven dat je echt in Charles' hoofd zit. Zo krijg je in een conversatie vaak alleen te horen wat de ander zegt, waardoor je het idee krijgt dat jij degene bent tegen wie er wordt aangepraat. Aan de andere kant is Charles me een raadsel. Misschien is hij niet de meest geschikte persoon om mij als lezer inzicht te verschaffen over zichzelf? Soms krijg je via Anthony Blanche of Cordelia wat meer informatie om je toch een beeld te kunnen vormen, maar ik blijf het idee houden dat we, juist doordat we in Charles' hoofd zitten, hem nooit volledig leren kennen.
Daarom is het denk ik ook dat het mij zo weinig kan schelen wat er met Charles gebeurt. Het einde vond ik wat vreemd, maar op dat punt maakte het me al lang niet meer uit hoe het verhaal voor hem zou eindigen. Hoe dichtbij je ook bij Charles kunt komen, ik kreeg het gevoel dat hij steeds verder van de lezer verwijderd raakte. Jammer.
Brideshead Revisited is geen boek voor mij, en ik vrees dat het dat ook niet zal worden.
Bright Air Black - David Vann (2017)
Alternatieve titel: Klare Lucht Zwart

4,0
2
geplaatst: 22 januari 2022, 17:36 uur
Medea is misschien wel het interessantste personage in de Griekse mythologie. Zeker de interessantste vrouw, omdat ze totaal niet in het plaatje past: ze wordt niet bezwangerd door een godheid, ze wordt niet dwarsgezeten door een godheid en ze wordt niet door een dappere held gered. Medea heeft in elke versie die ik gelezen heb altijd de touwtjes strak in handen. Die afwijking van de norm maakt haar al een boeiend personage, waar nog bijkomt dat haar moraliteit op z’n zachtst gezegd twijfelachtig is. Reden genoeg voor een roman met Medea in de hoofdrol.
David Vann kiest ervoor om zijn vertelling in een realistische setting te situeren. Er doen zich geen bovennatuurlijke verschijnselen voor; er is geen god als letterlijke deus ex machina. De goden zijn wel degelijk aanwezig, maar alleen als concept dat door mensen gebruikt wordt voor hun eigen doeleinden. Ik had zo mijn twijfels over deze keuze van de schrijver, maar werd aangenaam verrast door hoe goed het uitpakt. Vann laat ons door de ogen van Medea zien hoe de mannen om haar heen een vermeende goddelijke afstamming gebruiken om hun macht te behouden. Medea zelf is heel vernuftig in het benutten van haar status als priesteres van Hekate, een gevreesde godin voor wie Medea angstaanjagende en weerzinwekkende rituelen verzint.
Het verhaal begint als het gulden vlies al veroverd is en de eerste van Medea’s beruchte daden al geschied. Ze staat op de Argo met haar broer in stukken gesneden. Ik vind het jammer dat we daar niet meer over te lezen krijgen (aan de andere kant is het natuurlijk wel een ijzersterke introductie). Vann richt zich echter eerst op Medea’s moeizame positie op de Argo. Ze beseft heel snel dat iedereen haar zal moeten vrezen, anders zal ze een slavin worden. Als het niet voldoende is om haar broer in stukken te hakken en zijn bloed op te likken, dan zal ze meer moeten doen. En dat doet ze. Wat haar voor mij zo fascinerend maakt is dat ze zo compleet meedogenloos en onverschrokken te werk gaat, maar toch geen psychopaat is. Het mooiste voorbeeld is als Jason en Medea tot slaaf gemaakt worden en Medea begint te huilen als Jason zich voor haar opoffert. Haar vaak complexe gevoelens houden haar echter niet tegen om haar doel te bereiken, ongeacht de prijs die ervoor betaald moet worden - ook zeker door haarzelf. Ik moest meermaals denken aan George R.R. Martins Cersei Lannister, maar is elke machtige en nietsontziende vrouw in fictie niet schatplichtig aan Medea?
Bright Air Black is niet perfect. Zeker het eerste boek hapert wat qua spanning. Daarnaast verwijst de schrijver wel erg vaak naar Egypte op een manier die mij net iets te veel aan zelffelicitatie doet denken (gezien de noot van de auteur). Klein puntje, maar ik stoorde mij er wel aan. De poëtische stijl van Vann is ook niet altijd aan mij besteed. Echter, telkens als ik de de beschrijvingen van de zee en de nacht een beetje zat begin te worden, speelt Vann zijn troefkaart. Zijn schrijfstijl blijkt namelijk uitermate geschikt voor horror. De dood van Pelias bijvoorbeeld wordt beschreven op een manier die even prachtig als weerzinwekkend is. Knap.
Dit is het soort boek waar je zo een middelbare school-essay voor zou kunnen schrijven (en het kost mij moeite om dat niet hier alsnog te doen). Thema’s als misogynie, familiebanden, machtsverhoudingen, religie, het komt allemaal aan bod. Er is genoeg symboliek in te vinden om over te filosoferen. Over het einde en Medea’s moraliteit alleen al zou ik nog een aantal alinea’s door kunnen gaan. Omwille van de leesbaarheid zal ik mijn conclusie over Bright Air Black kort houden: fascinerend. Ga het vooral zelf lezen.
David Vann kiest ervoor om zijn vertelling in een realistische setting te situeren. Er doen zich geen bovennatuurlijke verschijnselen voor; er is geen god als letterlijke deus ex machina. De goden zijn wel degelijk aanwezig, maar alleen als concept dat door mensen gebruikt wordt voor hun eigen doeleinden. Ik had zo mijn twijfels over deze keuze van de schrijver, maar werd aangenaam verrast door hoe goed het uitpakt. Vann laat ons door de ogen van Medea zien hoe de mannen om haar heen een vermeende goddelijke afstamming gebruiken om hun macht te behouden. Medea zelf is heel vernuftig in het benutten van haar status als priesteres van Hekate, een gevreesde godin voor wie Medea angstaanjagende en weerzinwekkende rituelen verzint.
Het verhaal begint als het gulden vlies al veroverd is en de eerste van Medea’s beruchte daden al geschied. Ze staat op de Argo met haar broer in stukken gesneden. Ik vind het jammer dat we daar niet meer over te lezen krijgen (aan de andere kant is het natuurlijk wel een ijzersterke introductie). Vann richt zich echter eerst op Medea’s moeizame positie op de Argo. Ze beseft heel snel dat iedereen haar zal moeten vrezen, anders zal ze een slavin worden. Als het niet voldoende is om haar broer in stukken te hakken en zijn bloed op te likken, dan zal ze meer moeten doen. En dat doet ze. Wat haar voor mij zo fascinerend maakt is dat ze zo compleet meedogenloos en onverschrokken te werk gaat, maar toch geen psychopaat is. Het mooiste voorbeeld is als Jason en Medea tot slaaf gemaakt worden en Medea begint te huilen als Jason zich voor haar opoffert. Haar vaak complexe gevoelens houden haar echter niet tegen om haar doel te bereiken, ongeacht de prijs die ervoor betaald moet worden - ook zeker door haarzelf. Ik moest meermaals denken aan George R.R. Martins Cersei Lannister, maar is elke machtige en nietsontziende vrouw in fictie niet schatplichtig aan Medea?
Bright Air Black is niet perfect. Zeker het eerste boek hapert wat qua spanning. Daarnaast verwijst de schrijver wel erg vaak naar Egypte op een manier die mij net iets te veel aan zelffelicitatie doet denken (gezien de noot van de auteur). Klein puntje, maar ik stoorde mij er wel aan. De poëtische stijl van Vann is ook niet altijd aan mij besteed. Echter, telkens als ik de de beschrijvingen van de zee en de nacht een beetje zat begin te worden, speelt Vann zijn troefkaart. Zijn schrijfstijl blijkt namelijk uitermate geschikt voor horror. De dood van Pelias bijvoorbeeld wordt beschreven op een manier die even prachtig als weerzinwekkend is. Knap.
Dit is het soort boek waar je zo een middelbare school-essay voor zou kunnen schrijven (en het kost mij moeite om dat niet hier alsnog te doen). Thema’s als misogynie, familiebanden, machtsverhoudingen, religie, het komt allemaal aan bod. Er is genoeg symboliek in te vinden om over te filosoferen. Over het einde en Medea’s moraliteit alleen al zou ik nog een aantal alinea’s door kunnen gaan. Omwille van de leesbaarheid zal ik mijn conclusie over Bright Air Black kort houden: fascinerend. Ga het vooral zelf lezen.
Bring Up the Bodies - Hilary Mantel (2012)
Alternatieve titel: Het Boek Henry

3,5
1
geplaatst: 22 maart 2015, 20:20 uur
Vrij kort na Wolf Hall begonnen in de opvolger - ik was toch wel erg benieuwd naar de verdere belevenissen van Thomas Cromwell. (Helaas is het derde en laatste deel nog in de maak, dus nu is het alsnog wachten...)
Bring Up the Bodies is een fantastische titel, helaas in de Nederlandse vertaling verdwenen. Het Boek Henry is als titel ook weer niet uit de lucht gegrepen, maar heeft niet dezelfde onheilspellende toon als de originele titel. Het is voor niemand een verrassing dat Anne Boleyn in dit boek het onderspit delft - afgaande op de plotbeschrijving hoef ik niet eens spoilertags te gebruiken. Een koningin van de troon stoten, eigenlijk gebeurde dat in Wolf Hall ook al. Katherine werd de troon afgeholpen en Anne erop, nu moet Anne eraf en Jane erop. Als je bedenkt dat Henry dit kunstje vervolgens nog een paar keer herhaalde vraag je je af hoe zoiets echt gebeurd kan zijn. Maar hoezeer dit ook klinkt als een plot voor een ongeloofwaardige dramafilm, het is geschiedenis.
Aan Cromwell de schone taak om aan Henry's eisen tegemoet te komen. Zodoende krijgen we in Bring Up the Bodies te zien hoe Cromwell in een paar maanden tijd hemel en aarde beweegt om Anne de vernieling in te helpen. Als het balletje eenmaal gaat rollen ontstaat er een sneeuwbaleffect met het schavot als grimmig eindpunt. Hier gaan wel een flink aantal bladzijden overheen, maar het leest weg alsof het zo gebeurt. Dan is het boek uit en vraag je je af hoe Cromwell, die onderweg de nodige vijanden heeft gemaakt, hier zelf uit zal komen. In dat opzicht eindigt het boek op een mooi moment, waar Wolf Hall voor mij een beetje te abrupt eindigde.
Ik vond Bring Up the Bodies gemakkelijker te lezen dan zijn voorganger. Er zijn minder tijdsprongen heen en weer binnen een alinea, er zijn minder personages en minder zijplotjes. Aan de ene kant leest dit prettiger, maar ik vind dat het verhaal zo wel wat beperkter wordt. Ik had graag meer gelezen over Rafe Sadler of de verborgen vrouw van Cranmer. Sowieso vind ik het jammer dat we minder te lezen krijgen over Cromwells leven thuis, of wat er in hem omgaat. Cromwell is een raadselachtig persoon en dat is ook prima, maar ik vond hem in Wolf Hall fascinerender, omdat hij toen liet zien niet alleen een koele strateeg te zijn maar ook een rouwende weduwnaar met gevaarlijke protestantse sympathieën. In het vervolg lijkt Cromwell een beetje van zijn menselijkheid te zijn ontdaan.
Desalniettemin heb ik genoten van Bring Up the Bodies. Het is een levendig, kleurrijk en soms absurd verhaal. Ik vind het altijd fijn om me te kunnen verwonderen over de absurditeit van de geschiedenis en daar geeft Bring Up the Bodies alle gelegenheid voor. Ik hoop alleen dat het vervolg snel komt…
Bring Up the Bodies is een fantastische titel, helaas in de Nederlandse vertaling verdwenen. Het Boek Henry is als titel ook weer niet uit de lucht gegrepen, maar heeft niet dezelfde onheilspellende toon als de originele titel. Het is voor niemand een verrassing dat Anne Boleyn in dit boek het onderspit delft - afgaande op de plotbeschrijving hoef ik niet eens spoilertags te gebruiken. Een koningin van de troon stoten, eigenlijk gebeurde dat in Wolf Hall ook al. Katherine werd de troon afgeholpen en Anne erop, nu moet Anne eraf en Jane erop. Als je bedenkt dat Henry dit kunstje vervolgens nog een paar keer herhaalde vraag je je af hoe zoiets echt gebeurd kan zijn. Maar hoezeer dit ook klinkt als een plot voor een ongeloofwaardige dramafilm, het is geschiedenis.
Aan Cromwell de schone taak om aan Henry's eisen tegemoet te komen. Zodoende krijgen we in Bring Up the Bodies te zien hoe Cromwell in een paar maanden tijd hemel en aarde beweegt om Anne de vernieling in te helpen. Als het balletje eenmaal gaat rollen ontstaat er een sneeuwbaleffect met het schavot als grimmig eindpunt. Hier gaan wel een flink aantal bladzijden overheen, maar het leest weg alsof het zo gebeurt. Dan is het boek uit en vraag je je af hoe Cromwell, die onderweg de nodige vijanden heeft gemaakt, hier zelf uit zal komen. In dat opzicht eindigt het boek op een mooi moment, waar Wolf Hall voor mij een beetje te abrupt eindigde.
Ik vond Bring Up the Bodies gemakkelijker te lezen dan zijn voorganger. Er zijn minder tijdsprongen heen en weer binnen een alinea, er zijn minder personages en minder zijplotjes. Aan de ene kant leest dit prettiger, maar ik vind dat het verhaal zo wel wat beperkter wordt. Ik had graag meer gelezen over Rafe Sadler of de verborgen vrouw van Cranmer. Sowieso vind ik het jammer dat we minder te lezen krijgen over Cromwells leven thuis, of wat er in hem omgaat. Cromwell is een raadselachtig persoon en dat is ook prima, maar ik vond hem in Wolf Hall fascinerender, omdat hij toen liet zien niet alleen een koele strateeg te zijn maar ook een rouwende weduwnaar met gevaarlijke protestantse sympathieën. In het vervolg lijkt Cromwell een beetje van zijn menselijkheid te zijn ontdaan.
Desalniettemin heb ik genoten van Bring Up the Bodies. Het is een levendig, kleurrijk en soms absurd verhaal. Ik vind het altijd fijn om me te kunnen verwonderen over de absurditeit van de geschiedenis en daar geeft Bring Up the Bodies alle gelegenheid voor. Ik hoop alleen dat het vervolg snel komt…
Bröderna Lejonhjärta - Astrid Lindgren (1973)
Alternatieve titel: De Gebroeders Leeuwenhart

5,0
1
geplaatst: 27 februari 2014, 20:51 uur
De meningen zijn niet bepaald verdeeld hier, zie ik al. Ik kan me alleen maar bij de rest aansluiten: De Gebroeders Leeuwenhart is een fantastisch boek. Nu ben ik sowieso wel een liefhebber van avontuurlijke verhalen en heb ik niets tegen kinderboeken, dus net als The Chronicles of Narnia kan ik dit boek gerust blijven lezen nu ik al lang niet meer tot de doelgroep behoor.
Kinderboek, doelgroep - het zijn ook maar relatieve termen. Ja, de belangrijkste personages zijn kinderen en voor het taalgebruik hoef je niet veel moeite te doen. Verder is dit boek allesbehalve kinderachtig: het verhaal is erg spannend en bevat veel bijzonder zware thema's. Astrid Lindgren weet dood en tirannie te beschrijven op een manier die een kind kan begrijpen, zonder iets af te doen aan de ernst ervan, zelfs zonder dat het boek zelf loodzwaar wordt. Wat ongelooflijk knap gedaan.
Het resultaat is een bijzonder ontroerend boek. Lindgren maakt het nergens te ingewikkeld - zo vraagt Kruimel zich nooit af hoe Jonathan zoveel weet over Nangijala. Dat maakt ook helemaal niet uit: hij vertrouwt zijn broer volkomen. De thema's zijn daardoor wel zwaar, maar niet al te gecompliceerd (de eerste keer dat ik dit boek las was al zo lang geleden dat ik niet meer wist wie de verrader was in het Kersendal, en ik had al een hele theorie over een dubbelspion bedacht, maar zo ingewikkeld hoeft het helemaal niet). Verder is het boek ook gewoon heel spannend, met Katla die zo angstaanjagend is dat Kruimel niet durft te vragen wat zij nou eigenlijk is, onderaardse gangen, geheime boodschappen...
Veel te snel uit, De Gebroeders Leeuwenhart. Misschien is dat wel het enige nadeel.
Kinderboek, doelgroep - het zijn ook maar relatieve termen. Ja, de belangrijkste personages zijn kinderen en voor het taalgebruik hoef je niet veel moeite te doen. Verder is dit boek allesbehalve kinderachtig: het verhaal is erg spannend en bevat veel bijzonder zware thema's. Astrid Lindgren weet dood en tirannie te beschrijven op een manier die een kind kan begrijpen, zonder iets af te doen aan de ernst ervan, zelfs zonder dat het boek zelf loodzwaar wordt. Wat ongelooflijk knap gedaan.
Het resultaat is een bijzonder ontroerend boek. Lindgren maakt het nergens te ingewikkeld - zo vraagt Kruimel zich nooit af hoe Jonathan zoveel weet over Nangijala. Dat maakt ook helemaal niet uit: hij vertrouwt zijn broer volkomen. De thema's zijn daardoor wel zwaar, maar niet al te gecompliceerd (de eerste keer dat ik dit boek las was al zo lang geleden dat ik niet meer wist wie de verrader was in het Kersendal, en ik had al een hele theorie over een dubbelspion bedacht, maar zo ingewikkeld hoeft het helemaal niet). Verder is het boek ook gewoon heel spannend, met Katla die zo angstaanjagend is dat Kruimel niet durft te vragen wat zij nou eigenlijk is, onderaardse gangen, geheime boodschappen...
Veel te snel uit, De Gebroeders Leeuwenhart. Misschien is dat wel het enige nadeel.
