menu

Hier kun je zien welke berichten metalfist als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Carrie - Stephen King (1974)

poster
4,0
Met een gemiddelde van 3.85 op 20 boeken (al heb ik er voor mijn Boekmeter tijd nog meer gelezen, maar niet op gestemd wegens te ver weg in herinnering) is Stephen King toch één van mijn favoriete schrijvers. Het is ook degene waarnaar ik altijd teruggrijp als ik eens niet goed weet wat te lezen, want hij weet me altijd wel te boeien. En effectief, in een paar dagen uitgelezen waarvan ongeveer de helft van het boek vandaag.

Carrie is het eerste boek dat King heeft uitgebracht als schrijver (een deel van zijn werk maakte hij onder het pseudoniem Richard Bachman en die zouden pas later uitgebracht worden), maar het is wel niet het eerste boek dat hij effectief schreef. Toch is het op zijn minst merkwaardig te noemen dat zijn stijl hier al geperfectioneerd lijkt te zijn. Hetgeen ik dan ook zo heerlijk vind aan zijn verhalen, is hoe hij er telkens in slaagt om met kleine climaxen je toch aan dat volgende hoofdstuk te laten beginnen. In Carrie is dat niet anders en hier doet hij dat door een interessante mix van boekfragmenten, interviews, nieuwsberichten, ... Het geeft een leuke afwisseling in een sowieso al niet te dik boek waardoor dit een heuse pageturner wordt. Vooral ook interessant om te zien hoe King er in slaagt om Carrie geloofwaardig te laten evolueren. De kaart van de religieuze moeder/vader is misschien in de loop der jaren al wat teveel getrokken, maar naar het einde van het boek begrijp je perfect wat Carrie eigenlijk heeft doorgemaakt. Wel een beetje jammer dat enkel Carrie echt goed uit de verf komt, al is Sue ook nog wel een interessant personage. King is juist de moeite omdat zelfs nevenpersonages nog altijd een zekere aantrekkelijkheid behouden, maar (waarschijnlijk vanwege het beperkt aantal bladzijden) dat komt hier niet helemaal tot zijn recht.

Toch wederom een erg vermakelijke zit. King is hier op zijn best en hoewel hij niet zijn ultieme niveau behaalt, daarvoor moet je nog iets verder in zijn oeuvre gaan zoeken, is het toch een "debuut" waar menig schrijver jaloers op mag zijn. Onvoorstelbaar dat zijn vrouw de aanzet van het boek uit de prullenbak heeft moeten vissen omdat King er niet de kwaliteit in zag..

4*

Casino Royale - Ian Fleming (1953)

Alternatieve titel: You Asked for It

poster
3,5
Eigenlijk heb ik aan Ian Fleming één van mijn leukste vakantieherinneringen te danken. Ik werkte indertijd als 16-jarige als rekkenaanvuller in een supermarkt en tijdens de pauze had ik Goldfinger mee. Een dun boekje dat ik tijdens mijn eenzame pauze (de jobstudenten mochten geen pauze samen nemen...) kon lezen. Korte hoofdstukjes ook en dat paste perfect in dat kwartiertje vrije tijd. Later een resem James Bond boeken gekocht maar uiteindelijk nooit allemaal gelezen. Hoog tijd om daar dus iets aan te gaan doen en +/- 10 jaar later het debuut van 007 nog eens vastgepakt.

Verbazingwekkend eigenlijk hoeveel hier nog van is blijven hangen. De martelscène door Le Chiffre blijft nog altijd nazinderen en de romance met Vesper wordt mooi beschreven door Fleming. Het is echter vooral het spionnenleven dat erg aanspreekt in deze Casino Royale. Zelfs iets triviaals als een spelletje baccarat krijgt in de handen van Fleming een extra vaart. Alleen jammer dan ook dat hij zijn boek niet altijd even goed weet te doseren. De dood van Le Chiffre komt er te snel en te abrupt en de 'twist' waar Vesper een contraspionne blijkt te zijn wordt dan weer over teveel pagina's gespreid terwijl je deze toch al van erg ver ziet komen. Dat neemt echter niet weg dat hier toch wel een zekere kwaliteit achter schuilt en ik vermoed dat de volgende Bond verhalen wel eens een hogere score zouden kunnen krijgen. Mooi ook hoe Fleming zijn personage al vanaf de eerste pagina's zo weet te definiëren. Weliswaar niet meteen één van de meest aimabele figuren in het literaire universum en toch.. ook dat werkt goed. Ondertussen zijn we al een hele resem verfilmingen later maar 007 staat meteen als een huis.

Ik vermoed dat de volgende boeken van Bond, James Bond wel eens in een snel tempo gaan kunnen volgen. Dit smaakt in ieder geval naar meer en ik ben benieuwd of Fleming dit niveau weet vast te houden. Een meesterwerk is het in mijn ogen niet, maar soms heb je gewoon eens nood aan een vermakelijke no-brainer.

3.5*

Casino: Love and Honor in Las Vegas - Nicholas Pileggi (1995)

Alternatieve titel: Casino

poster
3,5
Ik heb even moeten nadenken hoe ik Casino eigenlijk in mijn bezit is gekomen. Ik ben weliswaar een tijd geïnteresseerd geweest in de maffia, maar ik heb een redelijk recente uitgave van dit boek dat ik niet kon herleiden tot die periode. Dan schoot het me ineens te binnen: op het boekenfestijn had ik nog een bon voor een gratis boek en daartussen lag dus Casino. Om old times sake meegepakt en zowaar begon het een tijd geleden nog eens te kriebelen om me onder te dompelen in de wereld van de maffia.

Volgens mij ook eens lang geleden de gelijknamige verfilming van Martin Scorsese gezien, maar daar is helemaal niets meer van blijven hangen. Soit, de spilfiguur in Casino is Franky 'Lefty' Rosenthal en het boek vertelt de manier waarop hij aan de macht is gekomen. De schrijfstijl van Nicholas Pileggi is erg vlot te noemen en het boek leest makkelijk weg, maar een echte page turner wordt het nooit. Het blijft allemaal nogal afstandelijk doordat het meer aanvoelt als een opeenstapeling van feiten en niet als een coherent verhaal. Er wordt dan ook nog eens regelmatig met namen gegoocheld waardoor je je aandacht er wel wat moet bijhouden. Vond vooral eigenlijk het einde wat teleur stellen. Pileggi lijkt af te stevenen op een confrontatie tussen Tony en Franky (en de rest van de maffia wereld), maar dat loopt uiteindelijk met een sisser af. Tony blijkt opeens dood te zijn en dan wordt er een paar bladzijden gewijd aan de zwemprestaties van Franky's dochter, die dan van de ene moment op de andere erg slecht blijkt te zijn geworden, en dan is het gedaan.

Mjah, wat lastig te beoordelen als je het mij vraagt. In ieder geval wel een interessant boek om eens wat inzicht te krijgen in hoe de maffia de casino wereld regeerde, maar dan had ik liever een Mario Puzo-achtige aanpak gezien die meer een verhaal verteld dan enkel een (hallucinante) opeenstapeling van feiten.

Kleine 3.5*

Cask of Amontillado, The - Edgar Allan Poe (1846)

Alternatieve titel: Het Vat Amontillado

poster
2,0
Gisteravond had ik nog wel zin in een kortverhaal van Edgar Allan Poe en deze The Cask of Amontillado was de volgende in rij. Moet bekennen dat ik werkelijk nog nooit van dat verhaal had gehoord, al lijkt het blijkbaar wel één van de meer gelezen verhalen van Poe te zijn hier op de site, en wist daardoor ook niet goed wat ik moest verwachten. Het is een typisch Poe uitgangspunt, maar de uitwerking laat nogal wat te wensen over.

Vooral omdat Poe het hier wel erg bont maakt met zijn narratief vlak. Pas op, bij andere verhalen roem ik hem juist om de manier waarop hij schrijft, maar hier krijg je wel erg hard het gevoel dat hij dit gewoon even tussen de spreekwoordelijke soep en de patatten heeft geschreven. Montresor ligt in het begin van het verhaal te verkondigen dat hij wraak wilt nemen op Fortunato voor een niet nader genoemde belediging. Dat we de belediging op zich niet te weten komen, daar kan ik nog mee leven, maar het hele verhaal hangt gewoon met haken en ogen aan elkaar. Montresor zegt in het begin "A wrong is unredressed when retribution overtakes its redresser. It is equally unredressed when the avenger fails to make himself felt as such to him who has done the wrong." en hoewel Fortunato wel zal doorhebben dat het Montresor is die hem inmetselt (wat op zich ook alweer een herhaling is van bijvoorbeeld The Black Cat), vertelt Montresor nooit zijn beweegredenen aan Fortunato. Gewoon heel de opbouw van het personage wordt onderuit gehaald...

Mijn versie was maar een pagina of 5 lang geloof ik, maar het gebeurt me niet gauw dat ik me op zo weinig pagina's erger. Het is dat Poe hier en daar nog wel wat moois neerpent (de tocht naar de wijnkelder is één van zijn betere dreigingen), maar tot nu toe het slechtste dat ik van de man heb gelezen.

2*

Catching Fire - Suzanne Collins (2009)

Alternatieve titel: Vlammen

poster
4,0
Ik hield een beetje een dubbel gevoel over bij het eerste Hunger Games boek. Vermakelijk geschreven, interessant plot - hoewel het wel schatplichtig is aan Battle Royale en anderen - maar die klassiekerstatus die het nu al heeft gekregen is in mijn ogen overdreven. Dat neemt echter niet weg dat ik best wel zin had om te weten te komen hoe het nu eigenlijk met Katniss en Peeta ging vergaan nadat ze hun Hunger Games hadden weten te overleven. Een paar dagen geleden dan eens in de sequel begonnen.

Er zit maar een jaartje tussen beide boeken en dat merk je doordat je voelt dat dit perfect in elkaar overloopt. Het lijkt wel alsof schrijfster Suzanne Collins gewoon meteen met het volgende boek is begonnen toen ze de laatste pagina van The Hunger Games neerschreef en dat is sowieso al een pluspunt. De stijl blijft zijn vermakelijkheid behouden en het interessante deze keer is dat er minder focus is komen te liggen op de Games zelf maar meer op al hetgeen dat zich daarrond afspeelt. Dat Katniss en Peeta opnieuw de arena gaan moeten betreden was wel te verwachten, maar Collins kiest er gelukkig voor om Katniss deze keer meer met anderen te laten communiceren. Het gebrek aan persoonlijkheid bij de Tributes uit het eerste boek stak me wat tegen en daar is hier minder van te merken. Toegegeven, het zijn maar een paar personages die er echt tussenuit springen maar dat zijn er al heel wat meer dan in de voorganger. Beetje jammer dan ook dat Collins dat niveau niet over de gehele lijn weet vast te houden. Het plot blijft de interessante kant opgaan, maar het einde is overduidelijk een knieval naar het volgende deel waardoor Catching Fire wat met een anti-climax achter blijft.

Krijg in ieder geval wel zin om binnenkort aan het derde deel te beginnen. Hopelijk wordt dat een perfecte mix tussen de twee voorgangers en verdwijnen alle kleine minpuntjes. De voorspelbaarheid zal waarschijnlijk wel blijven, maar om de een of andere reden geraakt Collins daar mee weg. Ben in ieder geval benieuwd hoe dit gaat eindigen en vooral of Collins zich opnieuw gaat weten te overtreffen. Ik vind Catching Fire in ieder geval al beter dan zijn voorganger.

4*

Cell - Stephen King (2006)

Alternatieve titel: Mobiel

poster
3,5
Ik had een paar dagen geleden opeens weer eens zin in een Stephen King verhaal. Sowieso toch wel één van mijn favoriete schrijvers en hoewel hij hier en daar wel eens een misstap begaat (Cycle of the Werewolf onder andere), blijft hij wel altijd een zeker niveau houden. Na wat twijfelen tussen welk boek ik deze keer ging lezen, de man heeft zoveel interessants geschreven, dan toch uiteindelijk voor Cell gegaan. Een wat lijvig boek, maar dat is bij King wel eens vaker het geval.

Hij neemt dan ook rustig de tijd om het verhaal op gang te laten komen en ik had pas het gevoel dat het echt van start ging na de gedwongen zelfmoord van het hoofd van de Gaiten Academy. Dat is in ieder geval de schrijver op zijn best en vanaf dan gaat het met een serieuze vaart verder. De apocalyptische setting werkt goed (Clayton draaft ook niet meer continu door over zijn vrouw en zoon) en het groepje reizigers is boeiend genoeg. Jammer dat Alice degene is die uiteindelijk het loodje moet leggen, vond haar één van de interessantste personages, maar hetgeen dat het meeste tegensteekt is het einde. Het helpt natuurlijk ook niet dat mijn versie dan nog eens een hoofdstuk uit Lisey's Story als extraatje bevat waardoor het plotse einde me wel erg overviel. De uitwerking is sowieso nogal simpel met opnieuw een dynamiet aanval op de Foners, maar ik verwachtte nog zo'n 20 pagina's en nu blijf je achter met een open einde dat geen voldoening geeft. Zonde, want voor de rest laat King hier wel weer wat goeds zien.

Beetje moeilijk te beoordelen dit vind ik. Komt wat traag op gang en het einde is niet helemaal mijn ding, maar hetgeen daartussen is wel weer de schrijver ten voeten uit. Misschien maakt hij er ooit nog eens een vervolg op? Aangezien hij recentelijk toch ook weer De Donkere Toren en de Shining nieuw leven heeft ingeblazen.

Nipte 3.5*

Child of Vengeance - David Kirk (2013)

Alternatieve titel: De Erecode van de Samoerai

poster
4,0
Ik heb altijd wel een zekere interesse voor samoerai gehad, iets wat zich logischerwijs resulteerde in films over die Japanse krijgers. Een tijd geleden zag ik de Samurai trilogie (met Toshirô Mifune!) en hoewel die een beetje teleur stelde was de fascinatie voor Miyamoto Musashi wel ontstaan. Het handige was dat ik die films met mijn broer was gaan kijken en opeens kwam hij met deze Child of Vengeance op de proppen. Natuurlijk direct geleend toen hij hem uit had.

Child of Vengeance, of De Erecode van de Samoerai zoals de Nederlandse vertaling luidt, is het eerste deel uit de Musashi trilogie. De origine van de echte Musashi is op zijn minst nogal onduidelijk te noemen, maar David Kirk maakt er een vlot lopend en interessant verhaal van. Dit eerste deel is een typisch coming-of-age drama waarin een jongen door een aantal tegenslagen evolueert naar een man, maar Kirk pakt het slim aan en maakt goed gebruik van de Japanse setting en tradities. Het eerste deel met Munisai is het beste en even lijkt het verhaal in elkaar te stuiken bij de Paardenstorm, maar Kirk herpakt zich vrij snel en weet het boek te eindigen als een mooi afgerond geheel met toch nog een spanningsboog naar het volgende deel. Beetje jammer weliswaar dat de dood van Hayata wat snelsnel wordt afgehandeld, het was toch de primaire drijfveer van Bennosuke, maar voor de rest eigenlijk weinig op aan te merken.

Het tweede deel zou Hours of the Dog heten en er zou al een draft bij de uitgever liggen. Kirk heeft zelf al verkondigt dat hij in het wachten op de goedkeuring al een heel stuk van het derde boek heeft geschreven. Ik ben in ieder geval fan, benieuwd wat de latere jaren van Musashi gaan geven.

4*

Children of Dune - Frank Herbert (1976)

Alternatieve titel: Kinderen van Duin

poster
4,0
Mijn verwachtingen waren eerlijk gezegd redelijk laag geworden voor dit derde deel in de Dune cyclus. Het eerste deel voldeed perfect aan het beeld dat ik in de loop der jaren had gevormd, maar het tweede deel bleek toch een stuk taaier te zijn. Het was geen slecht boek (het kreeg een halfje minder dan de voorganger maar eindigde nog altijd op 3.5*) maar ergens pakte het me niet. Van dit derde deel kon ik me eigenlijk bitter weinig herinneren dus uiteindelijk maar met een klein hartje aan begonnen.

En dat was dus absoluut niet nodig, want Children of Dune benadert het eerste deel en overtreft gemakkelijk zijn voorganger. Opnieuw een tijdssprong, daar is Frank Herbert wel fan van blijkbaar, en dat is deze keer opnieuw een goede zet. Heel de situatie rond Paul is gaan liggen, Alia is als persoon gegroeid (en is ook gewoon ouder geworden) en Ghanima & Leto zijn twee interessante personages. Soms een beetje lastig om hen maar als 9-jarige kinderen te zien terwijl ze overduidelijk veel meer zijn - als lezer identificeer je je dan ook vrij makkelijk met andere personages in deze situaties - maar het klikt allemaal mooi in elkaar. Ik blijf het dan ook vreemd vinden hoe Herbert er deze keer wel in slaagt om er een goed geheel van te maken en de voorganger, die bijna de helft korter is, veel taaier aanvoelt. Betekent dat dat alles dik in orde is? Neen, dat nu ook weer niet en daardoor dat ik dit gevoelsmatig ook wat lager zet dan het eerste deel. Sommige personages komen er een beetje bekaaid af, Gurney Halleck is bijvoorbeeld een beetje tot een karikatuur herleidt van het personage dat hij in Dune zelf was, maar bon: ik heb me er in ieder geval weer goed mee geamuseerd en ik heb deze keer wel zin om meteen aan een volgend deel te beginnen.

Vanaf het vierde deel is het namelijk een volstrekt nieuwe ervaring (ik kreeg soms flashes van herinneringen tijdens het herlezen van dit deel) en afgaande op een kleine glimps van de korte inhoud is er nu weer een tijdssprong en geen kleintje in ieder geval. Ik ben benieuwd hoe Herbert dit gaat aanpakken. Zoals altijd: wordt vervolgd!

4*

Citizen Kane Book, The - Pauline Kael e.a. (1971)

Alternatieve titel: The Citizen Kane Book: Including the Essay, Raising Kane & The Shooting Script

poster
3,0
Citizen Kane wordt zowat algemeen geroemd als één van de beste films aller tijden, maar ik moet zeggen dat het kwartje indertijd niet viel. Een herziening deed echter alles op zijn plaats vallen en hoewel ik ander werk van Orson Welles nog sterker vind (Macbeth!), blijf ik wel een zwak hebben voor wat Welles als 24-jarige neerzette. In die mate zelfs dat ik flink wat leesmateriaal heb liggen rond Citizen Kane (en Welles in het bijzonder) waarvan deze The Citizen Kane Book er eentje is. Een combinatie van een essay dat ooit in The New Yorker verscheen en het shooting script van de film zelf.

En razend interessant, ware het niet dat je dit allemaal met een flinke - erg flinke - korrel zou moet nemen. Een beetje achtergrond is echter misschien wel nodig en daarbij moet je vooral in het achterhoofd houden dat Pauline Kael jarenlang filmcriticus voor The New Yorker was en daardoor blijkbaar kon ontsnappen aan de strikte fact checking policy van het magazine. Had ze wel haar bronnen moeten verantwoorden, dan had het een heel ander verhaal geweest want in de loop der jaren is Kael compleet door de mand gevallen. Zo was het regisseur Peter Bogdanovich (en goede vriend van Orson Welles, hetgeen hem ook niet helemaal objectief maakt) die ontdekte dat Kael weinig research zelf heeft gedaan maar gebruik maakte van het werk van Howard Suber. Die had voor zijn werk interviews gedaan met onder andere de secretaresse van Mankiewicz's (Rita Alexander) de weduwe van Mankiewicz (Sara Mankiewicz) filmeditor Robert Wise, de assistent van Welles (Richard Wilson) en Dorothy Comingore die in de film de rol van Susan Alexander Kane speelt.

Kael gaf hem de mogelijkheid om ook een essay voor het 30-jarig bestaan van de film te schrijven, maar aangezien Suber geen tijd had (en het ook een stom idee vond om allebei een essay te schrijven over hetzelfde onderwerp) besloot hij Kael zijn materiaal te geven in ruil voor een deel van het geld dat Kael van The New Yorker kreeg en zijn naam als co-auteur in het artikel. Kael besloot echter om a) die afspraak niet volledig na te komen en b) uit het materiaal van Suber enkel maar hetgeen te halen wat in haar eigen plaatje paste. Het resultaat zijn volstrekte leugens en een poging om het werk van Welles naar beneden te halen en het werk van Mankiewicz naar een hoger niveau te brengen. Hoewel ik ervan overtuigd ben dat er sommige dingen niet overdreven zijn (Welles heeft inderdaad een arrogant kantje), haalt Kael op deze manier haar werk volledig onderuit. In de jaren die erop volgden kwam er meer en meer bewijs naar boven dat ze bepaalde roddels voor waar heeft aangenomen, ontkenden sommige getuigen dat ze ooit met haar hebben gesproken en blijkt ze volledig de kant van Mankiewicz te hebben gekozen waardoor Welles zelf nooit is geïnterviewd maar ook mensen die de pro-Mankiewicz getuigenissen tegenspraken compleet genegeerd werden.

Het resultaat? Een eerbetoon aan Kael uit 2011 genaamd The Age of Movies: Selected Writings of Pauline Kael bevat haar meest besproken essay niet.. De schade aan de reputatie van Welles was niet te onderschatten en hoewel er in de loop der jaren vele rechtzettingen zijn uitgebracht, had geen enkele de impact die het essay van Kael wel had. Welles was naar het schijnt serieus geïrriteerd hierdoor maar langs de andere kant had hij ook nog wel een voordeel aan het succes van het essay. Het werd namelijk in boekvorm uitgebracht met het shooting script (waar zowel Welles en Mankiewicz werden gecrediteerd, het gerucht gaat zelfs dat het Welles zelf was die erop stond dat Mankiewicz als eerste werd gecrediteerd) waardoor Welles ook een centje kreeg voor elk verkocht exemplaar.. De man kon op bepaalde momenten in zijn carrière het geld goed gebruiken dus het is een mes dat aan twee kanten heeft gesneden. Ondertussen zijn alle personen overleden (Welles in 1985, Mankiewicz in 1953 en Kael in 2001) dus enkel de erfgenamen hebben er nu nog profijt van.

En wat vind Metalfist er nu uiteindelijk van? Hij weet het niet goed. Kael brengt een aantal interessante punten en ik denk dat de backlash die ze heeft gekregen niet helemaal verdiend was, maar het feit blijft wel dat haar geloofwaardigheid compleet onderuit is gehaald. Daarvoor zou ik dit normaal gezien met 1.5* hebben 'beloond' maar aangezien dit is uitgebracht met het effectieve script (en de kwaliteit daarvan wel gewoon uitstekend is), wordt het dus 3*

3*

City of the Chasch - Jack Vance (1968)

Alternatieve titel: Een Stad Vol Chasch

poster
3,5
Tot nu toe was de kennismaking met Jack Vance niet zo'n succes te noemen. Het is een schrijver waar ik een tijd geleden van overtuigd was dat hij wel iets voor mij ging zijn en ik schafte een aantal van zijn boeken dan ook redelijk blind aan. De eerste twee titels die ik uit die voorraad las (Vandals of the Void en Ports of Call) stelden echter serieus teleur waardoor ik besloot om voor het volgende boek eerst eens even na te kijken welke boeken het hoogst op de site worden beoordeeld.

De aandachtige lezer heeft al wel door dat deze City of the Chasch in die categorie hoort. En ok, het is al het beste boek dat ik tot nu toe van Vance heb gelezen en toch ben ik niet akkoord met die hoge waardering. Vance doet zijn uiterste best om een zo breed mogelijke wereld te introduceren maar het boek telt nog geen 170 pagina's en dan zijn al die verschillende rassen gewoon overkill. Groene Chasch, Blauwe Chasch, Wankh, Dirdir, Pnume en ga zo nog maar even verder. Halveer dat aantal en spendeer iets meer tijd aan het uitwerken daarvan en je hebt een compleet ander verhaal. Toch mag het ook gezegd worden dat Vance hier veel goed doet. Zo is Reith een leuk en aimabel personage en hoewel het allemaal een tikkeltje voorspelbaar blijft, blijft het plot wel boeien. Alleen een beetje jammer dat er nooit echt een climax komt. Ik heb het boek zelf in één grote bundel zitten (Tschai, de waanzinnige planeet bevat de vier delen uit de reeks) en ik had eerlijk gezegd eerst niet door dat er een nieuw boek begonnen was.

Ik heb er in ieder geval wel zin in om aan het vervolg te beginnen en dat is iets dat bij Ports of Call al niet het geval was. Geen idee hoe dit verder gaat evolueren in ieder geval en dat is een goed teken. Tschai is een intrigerende wereld en hoewel er misschien net iets teveel detail inzit, hoop ik dat dat wat beter uitgewerkt zal worden in de drie andere delen. Ik ben benieuwd in ieder geval.

3.5*

Cujo - Stephen King (1981)

poster
4,0
Stephen King is nooit vies van een link te leggen naar een ander boek uit zijn oeuvre. Toen ik Pet Sematary (wat mij betreft nog altijd één van zijn beste boeken) aan het lezen was maakte één van de personages een verwijzing naar een hond die een viertal jaar geleden met rabiës besmet geraakte en een aantal mensen vermoordde. Ik was niet helemaal zeker, maar het leek me een knipoog naar Cujo te zijn. Ik had zin in nog eens een Stephen King verhaal en daardoor dus voor Cujo gegaan.

Lijkt me dan ook dat de verwijzing echt wel naar de viervoeter is gericht, want King schreef beide verhalen begin jaren '80. Alleen verschiet ik ervan dat hij erin geslaagd is om überhaupt een verwijzing naar Cujo in Pet Sematary te steken, want naar King's eigen zeggen (in On Writing, oftewel Over Leven en Schrijven zoals de Nederlandse vertaling luidt) was hij tijdens het schrijven van Cujo zo dronken dat hij zich niet meer veel van deze periode herinnert. Vreemd, want Cujo leest in een sneltreinvaart en is bovendien King op zijn best. De kennismaking met de personages, de langzame opbouw en dan alles naar de verdoemenis laten gaan. Het aantal slachtoffers blijft redelijk beperkt, zeker als ik het vergelijk met Cell die ik een paar maanden geleden las, maar dat maakt het net des te doeltreffender. De climax waar de kleine Tad uiteindelijk toch sterft, ettelijke seconden vooraleer zijn moeder het opneemt tegen de doorgedraaide hond, is dan ook een prima einde. Wat me hier echter het meeste in aansprak was de keuze van King om Cujo zelf ook als een echt personage te laten opdraven. Natuurlijk praat hij niet, dat zou maar belachelijk zijn, maar we leren wel zijn denkwijze kennen en dat werkt gewoon enorm goed met het oog op de spanning.

Niet zo goed als Pet Sematary, maar het mag duidelijk zijn dat Cujo een boek is dat eenzelfde niveau benadert. Hier en daar klikt niet alles even goed in elkaar (de plotse aanwezigheid van politie agent Masen voelt wat geforceerd aan), maar het zijn kleine hekelpuntjes die voor de rest weinig invloed uitoefenen op het niveau van het boek. Benieuwd naar wat meer jaren '80 werk van King.

4*

Cycle of the Werewolf - Stephen King (1983)

Alternatieve titel: Het Uur van de Weerwolf

poster
2,0
Ik blijf Stephen King toch een fascinerend schrijver vinden. Het tempo waaraan hij boeken schrijft is vrij hoog, maar zijn niveau blijft dat over de grote lijn ook wel. Hij heeft ondertussen zo'n naam gemaakt dat hij zijn eigen goesting kan doen en dat werkelijk alles wat hij schrijft wordt in grote aantallen uitgebracht.

Zo startte Cycle of the Werewolf oorspronkelijk als een kalender door Zavista met illustaties door Bernie Wrightson. Elke maand zou een tekening hebben en een bijhorend vignetje van King. De grootte van zo'n vignetje was echter te limiterend voor de schrijver waarop hij een aantal kortverhalen schreef die bij de tekeningen hoorde. Dit werd dan gebundeld en verkocht als het boek dat iedereen nu kent.

Doordat het verhaal is opgedeeld in 12 hoofdstukken, één hoofdstuk voor elke maand dus, is Cycle of the Werewolf op zich wel een vermakelijk niemendalletje. Het leest erg vlot (vooral omdat er op het einde en het begin van elk hoofdstuk ook nog eens illustraties aanwezig zijn waardoor de pagina's werkelijk voorbij vliegen) en King's gebruikelijke stijl aanwezig is. Toch voelt het uiteindelijk aan als een te simpel tussendoortje.

Iets wat voornamelijk te wijten is aan het feit dat het verhaal nooit een echte climax bereikt. De meeste personages sterven aan het einde van hun hoofdstuk waardoor je nooit de gebruikelijke impact die dit teweeg moet brengen voelt. Daarbovenop wordt het mysterie van de wolf te snel onthuld en voelt de oplossing nogal gemakzuchtig en gehaast aan. King neemt meestal wel ruim zijn tijd om het einde op te bouwen, maar hier blijft hij steken op het aloude cliché van zilveren kogels.

2*