menu

Hier kun je zien welke berichten schiIdpad als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Mijn Lieve Gunsteling - Marieke Lucas Rijneveld (2020)

3,0
Nogal wat symboliek ligt er in dit boek vervat. Wat mij i.i.g. opviel in willekeurige volgorde, en ik zal mij hierbij vast meermalen bezondingen aan (Freudiaanse) overinterpretatie, was het volgende: de verwerping van Mijn Lieve Gunsteling van haar plaaggeest, oftewel de veearts, uitgebeeld met de weggegooide bokkenpoten (satyrs hebben die ook) in de dakgoot; Bugs Bunny op de ballon (soms is een wortel een wortel) is overduidelijk in zijn aankondiging van de eetstoornis van MLG dientengevolge het misselijkmakende orale misbruik (en soms is een wortel geen wortel) in de verkoeverkamer maar herinnert ook aan het per ongeluk doodvoeren van haar langoorkonijn door haar teveel wortels te voeren, iets dat zij nu met opzet op zichzelf tracht toe te passen - ik dacht hierbij ook aan de automutilatie met de scalpel en het uitdrukken van de sigaret als uiting van het trauma, of verzet tegen of onbewust signaal aan haar aanrander. De ballon zelf refereert dan natuurlijk weer aan IT. De Volvo, volgens mij een verwijzing naar Cobain die ooit zijn Lexus heeft ingeruild voor dit merk, naar het schijnt omdat deze te opzichtig naar zijn zin was; De Fiat, als rondrijdende "goedkeuring" en betekent "dat het geschiede, laat het gebeuren, het mag gebeuren", maar die gaat wel heel erg ver moet ik toegeven;het nachtelijk hardlopen met de duivel (de veearts) in de te grote hardloopschoenen van haar broer, hetgeen de penisnijd /genderdystopie van MLG verbeeld, daar zij in de veronderstelling verkeert eenmaal in het bezit van een “geweitje” serieuzer te worden genomen als jongen dan als meisje in het boerenbedrijf, of in ieder geval als zoon (in de voetsporen van haar broers) in achting stijgen zou bij haar vader. Te meer daar hij, na haar ongesteldheid, zijn vaderlijke affectie voor haar laat vieren en er gevoelsmatig nog meer verlies en afstandelijkheid in haar leven kwam; de veearts is gehuwd met Camillia, welke hem (“ik was zo opgelucht dat het twee zoons waren.”) twee kinderen baarde. Dit ideaalplaatje van de familie doorsnee verschaft hem naar de buitenwereld toe een dekmantel voor zijn heimelijke perverse levenswandel, welke hem in zijn vormende jaren middels seksuele en religieuze chantage door zijn sadistische moeder ingehangen lijkt te zijn (Norman Bates uit Psycho knipoogt hier even wanneer de veearts zijn moeder doodslaat met een sneeuwbol) en hierdoor zijn seksuele identiteit op het niveau van een 14 jarige blijft stilstaan, met als gevolg de dader-slachoffer-dynamiek die zo kenmerkend is voor seksueel misbruik. Camillia vervult zowel de rol van schooljuf van MLG alsmede die van haar gewenste surrogaatmoeder in het oneindige pantheon van denkbeeldige beschermheiligen, valse raadgevers (Hitler, de veearts zelve uiteraard, en Freud tot op zekere hoogte daar zijn “wetenschap” reeds lange tijd weerlegd is) en een reeks popidolen waar zij zich beurtelings aan vastklampt en op verdacht voorlijke wijze (ze leest namelijk nog kinderboeken) mee in gesprek gaat om haar existentiele verlatingsangst en schuldgevoel maar te kunnen bezweren - in hoeverre het hier niet gewoon het geweten van de veearts is die ons toespreekt wordt me niet duidelijk. Hoe dan ook, beter negatieve aandacht assimileren dan helemaal geen aandacht lijkt hier het overlevingsdevies van MLG en juist dat maakt haar uiterst chantabel in de ogen van de veearts, die op uiterst geraffineerde roofdierwijze inspeelt op haar schuldcomplex en verlatingsangst - oftewel omgang en ontucht met haar blijft afdwingen door o.a. te dreigen met nu juist zijn vertrek uit haar leven, zijn eigen “dreigkoffertje” dreigt te pakken. Camillia houdt er een altaartje op na waar o.a. in prijkt een foto van Lady Di. De veearts vraagt zich af wat zijn vrouw in die foto ziet, en is blijkbaar niet in staat zijn misbruik van een minderjarig meisje te koppelen aan de achterdocht van Camillia. Lady Di, notoir vreemdgangster maar ook zelf bedrogene door het overspel van Princes Charles met Camilla (!) Parker Bowles, was dan ook nog eens, net zoals de “verlorene”, slachtoffer van een autoongeluk in de jaren 90. Dat het notabene diezelfde veearts was die ook nog eens verantwoordelijk was voor de dood van de “verlorene” en dus indirect voor het vertrek van de “verlatene”, de moeder, maakt het zwaarmoedige verhaal nog wat nawranter en in sommige ogen misschien te vergezocht (ik vroeg me trouwens af of het andere “gejatte” meisje misschien niet ook slachtoffer van deze doodbrengende veearts geweest kon zijn maar het verhaal werpt hier verder geen licht op). Iemand die het interview met Rijneveld in dagblad Trouw (27 Jan, 2018) leest en hierbij de obligate disclaimer in het boek negeert (namelijk dat elke gelijkenis met de werkelijkheid in het boek op toeval is gebaseerd etc.) kan de overeenkomst tussen de autobiografische Rijneveld met die van haar fictieve alterego in het boek maar moeiljk ontgaan. Ook het seksuele misbruik van Rijneveld op de middelbare school komt in het artikel tersprake maar hierover wenst ze niet te willen uitweiden, en dat is haar goed recht. Het grote kuiken, bedenk ik me zo op de valreep nog even, is wellicht de kip waar een “gezonde” volwassen haan van zou houden, i.t.t. een kuikentje. De veearts moet van die dode blauwaangelopen veehouder leren om van Camillia (de kip) te houden, of zoiets. Dan was er nog dat moment dat de veearts zich vergist had in het jaar van uitkomen van Duffy's Warwick Avenue, wat 3 jaren later geweest moest zijn dan de zomer waarin het zich afspeelde. Ik vroeg me af of dat een gewetenspoging van hem was om haar, Mijn Lieve Gunsteling, in zijn hoofd ouder te laten zijn dan in werkelijkheid. Duffy is trouwens naar eigen zeggen ontvoerd en verkracht geweest. Nou, dat was het wel zo'n beetje. Ben benieuwd of er nog meer paaseieren in zitten.

Hoewel ik het boek in veel opzichten vond voortborduren op De Avond is Ongemak is het uiteraard de thematiek van pedofilie en misbruik welke het onderscheidt van eerste. Wat geforceerd ook daar waar Rijneveld ostentatief (en ik mag toch aannemen als eerbetoon aan Nabokov en niet om critici op voorhand de mond te snoeren) voor de zoveelste maal hint op Lolita als zij de veearts de woorden “vuur van mijn lendenen” (Fire of my Loins) in de mond legt.


Hoewel het misschien niet zo lijkt gezien al het voorgaande ben ik niet bepaald gecharmeerd van schrijvers die hun lezers trakteren blijven op zogenaamd betekenisvolle dromen en nachtmerries die hun personages ten deel vallen en de lezer geacht is te moeten duiden op zoek naar een diepere betekenis. Dat is een truukje om magisch realisme in je boek te verwerken zonder dat het te ongeloofwaardig wordt. Het zijn van die maniertjes, waar zelfs reuzen als Reve, Wolkers en Hermans zich van bediend hebben maar die gebruikten ze veel spaarzamer dan Rijneveld hier. Goed boek, niet beter dan de vorige maar de schrijver komt wel degeljk weer met heleboel mooie zinnen op de proppen.