menu

Hier kun je zien welke berichten Sol1 als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Tierra de Mujeres: Una Mirada Íntima y Familiar al Mundo Rural - María Sánchez (2019)

4,5
Sol1 (crew)
Het originele werk is in Spanje al een aantal malen herdrukt; er zijn in elk geval een Duitse en een Franse vertaling beschikbaar. De foto op de voorkant, niet de schrijfster, lijkt wat rolbevestigend, lijkt minder aan te sluiten bij de inhoud van het boek. Voor María Sánchez heeft die foto echter een speciale betekenis.

María Sánchez verdeelt haar boek in drie stukken, die elk in hoofdstukken zijn verdeeld, met een klein slothoofdstuk over de foto op de voorkant.

Op een paar punten kom ik in aparte berichtjes terug, omdat het anders wel een erg lang verhaal wordt zo.

In de introductie ‘Een Onzichtbaar Verhaal’ houdt ze een filosofische beschouwing over portretfotografie, stelt ze de hedendaagse fotografie tegenover die uit het verleden. Voor haar waren de personen op de ingelijste portretten aan de muren van de beide grootouderlijke huizen familieleden, die samenwoonden met de nog levenden; familieleden, die de nog levenden aanschouwden. Met de huidige technologie, resteren lege lijsten.

Vandaar uit ontstaat haar bezorgdheid zelf te leven, zonder te weten wie de personen uit haar familie zijn die haar voorafgingen: ‘dat wat niet wordt benoemd, bestaat niet’ (of heeft niet bestaan). Van sommige familieleden zijn inderdaad niet of nauwelijks zaken meer bekend.

Haar schrijven is niet alleen een poging die leemte op te vullen, maar ook een stem te geven aan degenen die vandaag nog op het platteland werkzaam zijn; in de schaduw, zonder iemand die hun verhaal vertelt.

In een eerste deel zonder titel geeft ze aan hoe haar familie altijd al verbonden is geweest aan het land en aan de dieren, aan de extensieve beweiding. Ze is zelf een vrouw van de derde generatie: haar grootvader was veearts, haar vader was veearts, zijzelf heeft nu ook dit beroep gekozen. In haar puberteit waren de vrouwen van het huis onzichtbaar in de schaduw van broer, vader, man of zelfs kinderen.

Er moest enige tijd overheen gaan voordat ze zich afvroeg wie hen een stem zou moeten geven. Voordat een combinatie van boosheid en schuldgevoelens ontstond: waarom hebben de vrouwen geen prominente plaats in haar leven gespeeld en wilde zij niet zoals hen zijn? Haar verhaal wil die vrouwen benoemen, om ze te kunnen laten bestaan.

De schrijfster werkt in twee milieus, het landelijke en het culturele, die ze met elkaar in overeenstemming probeert te brengen. Het platteland in Spanje blijft een grote onbekende, wordt plat en idyllisch weergegeven op ansichtkaarten. De werkelijkheid is ver verwijderd van het sentimentalisme en de nostalgie van de media, dat een gevoel van onmacht oproept. De wereld waarin zij evolueert en werkt, wordt niet door die media vertegenwoordigd. In de grootste steden worden de beslissingen genomen, zij dicteren de normen, bepalen het ritme. Plattelandsvrouwen worden twee keer gediscrimineerd, geïgnoreerd: eerst door hun geslacht, vervolgens door de plaats waar zij wonen en werken.

In haar boek beschrijft zij op een interessante manier een aantal rituelen en gewoonten, die zij vervolgens als metafoor inpast in haar eigen verhalen over het platteland, haar familie en haarzelf.

María Sanchez is een duidelijke voorstander van de extensieve veeteelt, van ecologisch verantwoorde omgang met het land en benoemt een aantal organisaties op dat punt.

Daarnaast geeft zij verhandelingen over de positie en het belang van taal en kennis van het platteland.
Er worden ook literaire verbanden gelegd tussen het werk van diverse andere auteurs en de opvattingen van María Sánchez.

In een tweede, eveneens ongetitelde, deel van haar boek behandelt zij de drie vrouwen met wie ze zich het meest verwant voelt: de achter-achtergrootmoeder van haar vaderskant, de grootmoeder van haar moederskant en haar eigen moeder.

Met de (auto)biografieën en de onderlinge relaties van de vrouwen, komen ook hier een hele reeks facetten van het Spaanse platteland langs.

Opnieuw ontstaat daardoor een grondige indruk van dat platteland en haar gebruiken.

Ze beschrijft hier verder de problemen, de druk van de verwachtingen, die ze zelf op de universiteit ondervond, in haar positie als (klein)dochter van twee andere veeartsen. Hoewel ze van haar eigen vader nooit les heeft gehad, was die wel professor aan dezelfde universiteit: geen van beiden wilde met de ander in verband worden gebracht. Hoewel ze later naar elkaar toe zijn gegroeid, vond hij haar gedichten flauwekul en tijdverlies en diende ze zich naar zijn mening slechts op haar studie te concentreren.

Ergens in haar boek geeft zij zelf al aan dat het onmogelijk is om binnen het bereik van één boek het hele (Spaanse) platteland te duiden. Door alle informatie die desondanks meekomt en haar duidelijke liefde voor haar onderwerpen, ontstaat toch een vrij rijk beeld daarvan.

Bovendien is een deel van haar betoog zonder meer toepasbaar op het platteland en de verhouding tussen stad en platteland elders, wat het boek wat mij betreft extra leesbaar en een nogal aangename en interessante ervaring maakt.

Een beperkt nadeel is wellicht dat het boek weinig gericht is op haar feitelijke activiteiten als veearts, dat is nu eenmaal niet de opzet, maar dat 'gebrek' vormt voor mij geen probleem.

Tomate Crevettes - Erik Vlaminck (1999)

4,0
Sol1 (crew)
Klein, maar krachtig.

Het boekje lijkt wat harder binnen te komen, dan bij andere werken van Erik Vlaminck al het geval is, omdat hij hier nog duidelijker in persoon bij is betrokken.

Volgens Erik zelf doet hij, behalve aan historische en feitelijke research, ook aan emotionele research voor zijn boeken: hij wil bij zijn onderwerpen zijn betrokken. Omdat hij in Vlaanderen al te vaak was betrokken bij onderzoek op dit punt, misschien te bekend was, heeft hij zijn werkterrein verlegd naar het neutrale Dublin, om daar tussen de daklozen te leven. Hij blijkt ook daar een meester in het beschrijven van misstanden ... en in het hanteren van de pen.

Ondanks de hardheid van de situaties, ontbreekt ook hier de humor (in een aantal vormen) niet. Truck Renting Carlo heeft er geen bezwaar tegen, om eventueel op dagelijkse basis een kraak bij een bank of juwelier te zetten. Op de suggestie van Erik, om de benodigde truck te stelen, reageert hij gekwetst. Hij gaat die truck eerlijk huren, omdat hij tenslotte een eerlijk mens is.
Handschoenen van een ander meenemen is geen diefstal, want het is buiten koud.
Of de constatering: "in plaats van ons met rust te laten, het is zo al erg genoeg, organiseren ze een kerstfeest".

Met figuren als Robby the Bear, Paula, Rickie, Frankie en niet te vergeten Erik zelf, houdt het boekje aardig de aandacht gevangen. De titel is een verwijzing naar een maaltijd, die Erik zich achteraf in Vlaanderen laat smaken - en hij hanteert daarbij een gewoonte, die hij vanuit Dublin heeft geïmporteerd.

Het nagekomen interviewtje over zijn zesdelige roman fleuve is op zich niet onaardig, maar lijkt er hier een beetje bij te hangen.


Elegance in a man is a very rare thing, and especially in Dublin

Roddy Doyle

Tsar C'est Moi: L'Imposture Permanente d'Ivan le Terrible à Vladimir Poutine, Le - Claudio Ingerflom (2015)

4,5
Sol1 (crew)
Ik stond vrijwel op het punt bij de toevoeging van dit boek als extra genre "humoristisch" op te geven, maar officieel is dat niet correct.


De auteur Claudio Ingerflom, een Frans-Argentijns historicus en gespecialiseerd in Russische geschiedenis, lijkt zich zo nu en dan prima te vermaken. Door die invalshoek en de aard van het onderwerp, krijgt het boek op sommige momenten bijna een slapstick-karakter mee.


Het gedoe met valse tsaren en tsarevitsjen heeft zich een slordige drie eeuwen voortgezet. Wie denkt dat aan dergelijke oplichterspraktijken met de Russische revolutie van 1917 een eind kwam, komt gelukkig bedrogen uit. Oplichters gaan na die gebeurtenis vrolijk verder met zich uit te geven voor Trotski of met een compleet nep Centraal Comité te presenteren.
Daarnaast deden ook leden van sociale, culturele en religieuze kringen gedurende meerdere eeuwen enthousiast mee met het grote oplichtersspel.
Religie speelt ook een rol bij de eigenaardige inwijdingsrituelen van sommige oplichters, die in hun tijd het bewijs van hun claim met een dergelijk ritueel "aantoonden".
Het totaal van dit moois strekt zich uiteindelijk uit over een periode van meer dan vier eeuwen, tot verbazing van buitenstaanders (en sardonisch genoegen van lezers).


Claudio Ingerflom beschrijft in een reeks kortere hoofdstukken hoe dit allemaal in zijn werk is gegaan, met bijbehorende analyses en uitvoerige verwijzingen en toelichtingen in de voetnoten.


Het boek is voorlopig enkel in het Frans beschikbaar en zeer prettig leesbaar, maar geeft heel veel persoonsnamen weer. Hoewel uit de context van elk hoofdstuk goed blijkt wat er aan de hand is, is het voor sommige mensen misschien praktisch na afloop van een hoofdstuk de historische betekenis van de in dat hoofdstuk vermelde personen op internet verder uit te spitten voor een volledig beeld.
Dat vooraf te doen, kan wat leesplezier bederven en verrassing wegnemen.


Het boek is in Frankrijk uitgegeven en tot stand gekomen in samenwerking met de Nationale Universiteit van San Martin in Argentinië.


Met een variatie op een bekend Russisch thema, dat van de Matroesjka, daarbij ietwat cryptisch opgedragen aan een internationale groep van zes personen die één zouden moeten zijn: Veronika Gloria, Michael Serge, Elián Galileo, Lelio Timoteo, Mateo Elliot en Vadim Jacques.

Tsjto Ja Videl: Raskazzy o Vesjtsjach - Boris Zjitkov (1939)

Alternatieve titel: Op Reis met Tom Waarom: Een Kinderboek voor Grote Mensen

3,5
Sol1 (crew)
Het boek werd op het moment van eerste uitgave in 1939 gezien als vernieuwend voor de Sovjetkinderliteratuur, waarbij moest worden afgerekend met de prerevolutionaire kinderliteratuur en buitenlandse invloeden eveneens moesten worden buitengesloten.

Kinderboeken moesten volgens de romanschrijver Maksim Gorki niet alleen fictief zijn, maar ook cognitief en encyclopedisch. Een schrijver als Samoeïl Marsjak, met wie Boris Zjitkov in nauw contact stond, sloot zich daarbij aan.

De achterkant van de Nederlandse vertaling uit 2019 van de uitgeverij 'Woord in Blik' van vertaler Arie van der Ent lijkt daarbij aan te sluiten. Van der Ent merkt op zijn beurt op dat Boris Zjitkov een ‘Encyclopedie voor Wijsneuzen van Vier’ wilde schrijven, de titel die Zjitkov eerst in gedachten had: de kinderloze Zjitkov had een neefje, Aljosja, die graag naar het waarom van alle dingen vroeg.

Boris Zjitkov volgt dan wel zijn eigen unieke systeem door er een verhalend reisverslag van te maken, in plaats van een ‘droge’ encyclopedie.

Als je het boek van Boris Zjitkov nu leest, zie je dat de Aljosja uit zijn boek steeds weer tegen nieuwe dingen oploopt die hem moeten worden uitgelegd. Door de manier, waarop hij daarmee omgaat, ontstaan een aantal grappige situaties. Voor volwassenen, de feitelijke lezers of die uit het boek, herkenbaar.

Tegen de Russische historische achtergrond uit de jaren 1930 geplaatst, maakt dat het boek aantrekkelijk genoeg om te lezen.

Terzijde: volgens het colofon van de Nederlandse vertaling, verschenen de eerste tien exemplaren daarvan op 1 februari 2019 ter gelegenheid van de bijeenkomst ‘De Wereld van het Sovjet-kinderboek’ van het IISG in Amsterdam.