menu

Hier kun je zien welke berichten Christiand als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

A Long Way Gone: Memoirs of a Boy Soldier - Ishmael Beah (2007)

Alternatieve titel: Ver van Huis: Herinneringen van een Kindsoldaat

4,5
De afgelopen tijd heb ik al twee andere boeken gelezen met het relaas van kinderen die in een vreselijke oorlog belanden. Ten eerste natuurlijk het verhaal van de Sudanese Valentino Achak-Deng in ‘Wat is de Wat‘ van Dave Eggers en ten tweede het verhaal van de Cambodjaanse Arn Chon-Pond, in ‘Een zwarte pyjama‘ van Patricia McCormick.

En nu dus dit verhaal van Ishmael Beah over zijn tijd als kindsoldaat in Sierra Leone. Het boek lijkt hiermee zeer op de voornoemde boeken, omdat ook hier weer een zeer meeslepend en intrigerend verhaal wordt verteld over de gruwelen van de oorlog. Het boek verschilt echter op een belangrijk punt van de voornoemde twee, namelijk dat dit boek niet door iemand anders is opgetekend. Het is dus Ishmael Beah zelf die vertelt over zijn belevenissen en hij doet dat prachtig in een beeldende en soms zeer poetische stijl. Zeer indrukwekkend boek dus, dit. Zeker lezen! (net als de twee andere boeken die ik noemde!).

Analfabeten Som Kunde Räkna - Jonas Jonasson (2013)

Alternatieve titel: De Zonderlinge Avonturen van het Geniale Bommenmeisje

3,0
Deze schrijver kende ik natuurlijk al van zijn kostelijke boekwerkje over ‘de 100-jarige die uit het raam klom en verdween’, en dit boek ligt heel erg in dezelfde lijn. Wat we dus lezen is wederom een vertelling over de bizarre avonturen van een ongedachte held, met veel dwarsverbandjes naar de wereldgeschiedenis en historische personages. Het plot gaat razendsnel, is kluchtig en zit weer vol met hoogst onwaarschijnlijke en ronduit krankzinnige plotwendingen. Een belangrijk plotelement is wederom dat de hoofdpersoon beschikt over een grote rijkdom (deze keer diamanten ingenaaid in de zoom van een versleten jas). En zelfs de hoofdpersonen uit beide boeken, hoe verschillend ook (een hoogbejaarde Zweedse man versus een jonge zwarte vrouw uit Zuid-Afrika) lijken eigenlijk heel erg op elkaar, door hun intelligentie en onverstoorbare en nuchtere karakter. Hoewel wederom toch wel weer erg geestig, vond ik dit boek hiermee uiteindelijk daarom toch teveel een herhalingsoefening om het echt te waarderen. Mijn tip is dus: lees gewoon één van de beide boeken en laat het daarbij!

And the Mountains Echoed - Khaled Hosseini (2013)

Alternatieve titel: En uit de Bergen Kwam de Echo

4,5
Op de een of andere manier had ik altijd verwacht dat Hosseini, schrijver van het zeer bekende ‘The Kite Runner‘, een eendagsvlieg was, die nooit verder zou komen dan één goed boek. Maar daarmee heb ik hem schromelijk onderschat, want Hosseini blijkt met dit boek een waarlijk groot auteur.

Vanaf de eerste pagina voert Hosseini je mee in een vernuftig opgebouwd boek, dat je al snel niet meer loslaat. Het verhaal is poëtisch, verbeeldingsrijk en rijk geschakeerd en speelt natuurlijk weer grotendeels in Hosseini’s moederland Afghanistan. Het verhaal begint met het relaas hoe de jonge Abdullah wordt gescheiden van zijn zusje Pari, waarmee hij een heel sterke band heeft. En vanaf dat beginpunt waaiert het verhaal prachtig uit naar allerlei andere personages, in verschillende tijdsgewrichten en verspreid over de hele wereld (naast Afghanistan ook de VS, Frankrijk en Griekenland). Hiermee ontstaat een rijk geschakeerd verhaal, dat Hosseini ongelooflijk kundig en in een prachtige poëtische stijl vertelt. Kortom: een werkelijk prachtig boek dit!

Zie ook: Christian Deterink.nl

Bad Signs - Roger Jon Ellory (2011)

Alternatieve titel: Bekraste Zielen

3,5
Dit boek gaat over een moordpartij (‘killing spree’) die zich afspeelt in de VS in de jaren ‘60 van de vorige eeuw. Hoofdpersonen zijn de twee halfbroers Clarence (Clay) en Elliot (Digger). Ze lijken onder een kwaad gesternte geboren, want al jong belanden ze in barre jeugdinstellingen en -gevangenissen, die hen voor het leven vormt. Het plot wordt op gang gebracht als de gevaarlijke psychopaat Earl Sheridan de beide jongens als gijzelaars ontvoert tijdens zijn uitbraak uit de gevangenis. Er volgt een soort ‘Natural Born Killers’-achtige ‘road trip’, want Earl slaat tijdens de wilde vlucht driftig aan het moorden. De broertjes reageren daar heel anders op: Clay zit vol angst en afschuw, maar Digger is gefascineerd en laat zich steeds meer meeslepen. Tot hij Earl zelf helpt bij een bankoverval, een nare affaire die natuurlijk gruwelijk uit de hand loopt. Earl sterft, maar Digger weet te ontsnappen, zichzelf al snel al even erg misdragend als zijn voorbeeld. Clay intussen vlucht ook, samen met een meisje, maar hij weet niet dat zijn leven in groot gevaar is, want de FBI denkt dat hij de dader is en instrueert iedereen om hem bij de eerste mogelijkheid meteen neer te schieten. Dit leidt tot een spannende apotheose, die Ellory mooi maar ook genadeloos opbouwt.

Ellory blijkt met dit boek een uitstekende schrijver te zijn, die al die menselijke drama’s in dit boek prachtig weet bloot te leggen en diep doordringt in de psyche van zijn personages, ook in de soms inktzwarte gedachtenwereld van Digger. Niet vanuit het perspectief van één hoofdpersoon, maar als ‘alwetende verteller’. Dat perspectief is op zich prima, alhoewel Ellory zichzelf soms wel een beetje vergaloppeert in welk erg veel details over alle personages die hij laat terugkomen in zijn boek. Maar al met al is dit een uitstekende roman, die het predicaat ‘literaire thriller’ zeker waard is. Lezen!

Zie ook: Christian Deterink.nl

Bienveillantes, Les - Jonathan Littell (2006)

Alternatieve titel: De Welwillenden

4,5
Het duurde even voordat ik de moed bij elkaar geraapt had om met dit boek te beginnen. Alleen de werkelijk kolossale omvang ervan (circa duizend pagina’s in een paperback-uitgave, het dubbele op iBooks) is al een flinke drempel. En anders is dat wel de materie; dit is namelijk een verhaal over de Tweede Wereldoorlog, gezien vanuit de ogen van SS-officier Maximilien Aue. Een oorlogsverhaal dus, maar deze keer dan niet verteld vanuit het slachtoffer, maar vanuit de dader; en dat is toch wel andere kost! Nou had ik natuurlijk al eerder gelezen over Bernie Gunter, die op een gegeven moment ook SS-er wordt, maar Gunther hield als eigenzinnige geest altijd nog een gezonde afstand tot het nationaalsocialisme. Dat ontbreekt echter te enen male bij Maximilien Aue, die toch min of meer gelooft in de nazi-idealen.

Dat gegeven alleen al maakt dit boek behoorlijk heftig. En dan moet ik nog beginnen! Want wat ook binnen komt, is dat je meteen in de proloog begrijpt dat Aue uiteindelijk de dans zal ontspringen: in de chaos na de oorlog weet hij zich voor te doen als Fransman en in Frankrijk een nieuw leven op te bouwen. En pas dan begint de Aue tegen je te vertellen over zijn tijd als SS-er. Hoe hij ten eerste gestationeerd wordt in Oekraïne; achter de linies, waar de Einsatzgruppen bezig gaan het land te ‘zuiveren’ van Joden. Aue weet zich min of meer te onttrekken aan de meeste moordpartijen, maar ook hij ontkomt niet helemaal aan het ‘handwerk’. En zo vindt ook Aue zich op een bepaald moment terug aan de rand van een modderig massagraf, Joden doodschietend met zijn pistool en uitglijdend over dode lichamen. We hebben het dan over de gruwelijke massamoord van vele duizenden Joden in Kiev, waarover Littell zeer gedetailleerd vertelt. En dit maakt deze passages ongekend indringend.

Maar Littell doet veel meer in dit boek. Hij vertelt in even groot detail over bijvoorbeeld de interne gang van zaken bij de SS, de ambtelijke bureaucratie binnen deze organisatie, de constante wedijver tussen SS en Wehrmacht, het interne gekonkel, en over de vele bij voorkeur intellectuele discussies die onze Dr. Maximilien Aue (zelf jurist) pleegt te voeren. Zo wordt er, als Aue inmiddels in de Kaukasus zit, uitgebreid ingegaan op de etnografische lappendeken die deze regio is en op de vraag of het daar voorkomende volk van de Bergjoden moet worden beschouwd als joods. Deze pseudo-wetenschappelijke discussie is natuurlijk redelijk absurd voor mensen die echt geloven in de bespottelijke rassentheorie van de Duitsers als het superieure ‘Arische’ ras, maar toch laat Littell niet na hier langdurig over te vertellen. De enorme feitenkennis en beheersing over zijn onderwerp die Littell, onder meer in dit soort passages, tentoonspreidt is hierbij zeer indrukwekkend. Maar tegelijkertijd vraag je je soms wel af of het allemaal niet een beetje gekunsteld wordt. Ten eerste omdat het boek dus eigenlijk een navertelling van Aue is over hoe zijn tijd als SS-er was, en je je afvraagt hoe Aue in hemelsnaam dan zoveel details heeft kunnen onthouden. Ten tweede omdat de dialogen soms wel van een zeer intellectueel gehalte zijn: er wordt driftig met citaten van Griekse filosofen gestrooid dat het een lieve lust is. En zelfs aan een opgepakte communistische partijbons die weet dat hij snel zal worden gefusilleerd, weet Aue nog een prikkelend theoretisch discours te ontlokken over de verschillen tussen het communisme en nationaalsocialisme. Tja, dat is toch wel wat ongeloofwaardig…

Deze laatstgenoemde scene speelt zich overigens af in Stalingrad, waar Aue dus ook terechtkomt. De gruwelen die het omsingelde Zesde Leger hier moet ondergaan zijn onbeschrijflijk en bijna surreëel. En Littell maakt er hier ook steeds meer een surrealistische vertelling van, aangezien Aue op dit moment zijn greep op de werkelijkheid langzaamaan begint te verliezen. Het wordt hierdoor steeds onduidelijker waar dingen nu echt gebeuren of niet; zoals bij een scene waarin Aue’s vriend Thomas Hauser het ene moment de granaatscherven uit zijn opengereten darmen plukt en een paar dagen later blijkbaar weer kiplekker is. Littell doorsnijdt zijn verhaal hier ook steeds meer met herinneringen van Aue over diens jeugd, en steeds meer blijkt dat Aue al voor de oorlog een nogal getroebleerd mannetje was: gepest op school, misbruikt op het internaat, een enorme haat richting zijn ouders en een seksuele relatie met zijn tweelingzus, resulterend in een voortdurende obsessie voor haar.

Dit laatste element is verhaaltechnisch misschien toch niet zo handig van Littell, want hierdoor zullen lezers (en ook ik) zich steeds minder met Aue kunnen identificeren. En dit doet af aan de centrale boodschap die Littell eigenlijk al in de proloog aan je meegeeft. Aue richt zich dan tot de lezer en zegt hierin zoiets iets als: “Denkt u maar niet dat u beter bent dan ik; u heeft alleen het geluk in andere omstandigheden te verkeren. U bent nooit gedwongen geweest om te doden. Maar bedenk wel: ik ben net als u!” Het is een opmerking die je zeker aan het denken zet, want zou je zelf echt heel anders hebben gehandeld als Aue? Aue merkt ergens op dat iedereen in een oorlog dingen doet die hij niet wil doen; zowel het slachtoffer als de dader. En word je niet gedwongen door de situatie? Kun je wel in opstand komen tegen het systeem? Niet als je enig gevoel voor zelfbehoud hebt, lijkt het… Want als Aue dan bijvoorbeeld heel voorzichtig eens een keer in opstand komt tegen de waanzinnige opdrachten van zijn superieuren, dan wordt hij meteen ‘weggepromoveerd’ naar Stalingrad, wat dan al min of meer een zekere dood is…

Hiermee is, denk ik, de kern van dit boek al wel geschetst. Niet dat ik daarmee nog maar een derde heb verteld van het plot, want ook na Stalingrad zijn er tal van verwikkelingen. Zo krijgt Aue nieuwe taken die hem dicht brengen bij veel top-nazi’s, waarvan de belangrijkste toch wel Himmler, Speer en Eichmann zijn. Met met name die laatste voert Aue veel gesprekken, waardoor je (een denk ik vrij realistisch) beeld krijgt van het fantasieloze bureaucratische mannetje dat die Eichmann in de kern was. Littell vermengt deze aan realiteit schurende passages met zelfverzonnen personages, die zonder uitzondering nogal excentrieke types zijn. Neem de immens dikke, ruftende dr. Mandelbrod bijvoorbeeld, die als een soort sinister meesterbrein op de achtergrond onder alle hoge nazi’s groot aanzien heeft, en in Aue een beschermeling ziet. Of neem de kolderieke agenten Weser en Clemens, die Aue verdenken van de moord op zijn ouders en hem tot in extremis blijven stalken. Zij lijken rechtstreeks weggelopen uit nota bene Kuifje, als spitting image van Jansen en Jansen. Misschien wilde Littell hier bewust een paar lichte noten inbrengen in zijn toch loodzware vertelling. Want ja, het wordt er steeds minder fraai op. Aue begint steeds meer zijn grip op de werkelijkheid te verliezen en is ook zelf schuldig aan enkele vreselijke obsceniteiten en brute moorden. Op het eind, tijdens de ondergang van Berlijn, moet zelfs zijn trouwe vriend Thomas Hauser, die hem uit tal van netelige situaties heeft gered, het ontgelden. En met deze laagst denkbare daad eindigt het boek…

De conclusie van deze idioot lange recensie is in ieder geval dat dit een ontzettend fascinerende en ook soms heftige leeservaring is. Een boek ook dat heftige emoties oproept, zo blijkt bijvoorbeeld ook uit de uitgebreide discussie die ik tegenkwam op het forum van NRC-boeken. Ik denk ook dat het een boek is dat zeker niet op alle punten even geslaagd is, maar denk wel dat het een ontzettend knappe tour-de-force is van een schrijver die op dat moment 38 jaar oud was, inderdaad: even oud als ik nu ben. De geboren Amerikaan Littell heeft het boek hiernaast ook nog eens in het Frans geschreven, niet eens zijn moedertaal, en dat vind ik bepaald indrukwekkend! Kortom: een boek dat je gelezen moet hebben!

Zie ook: Christian Deterink.nl

Bone Clocks, The - David Mitchell (2014)

Alternatieve titel: Tijdmeters

4,5
Dave Mitchell is een bij mij zeer geliefde schrijver, niet in de laatste plaats om zijn briljante boek ‘Wolkenatlas‘, dat ik gewoon maar eens even een plaatsje heb gegund in mijn top 5 AT van de wereldliteratuur. Omdat het kan, zullen we maar zeggen. En om die reden was deze nieuwste worp van hem natuurlijk een absolute must-read!

Het is meteen al zeer hoopgevend als blijkt dat dit boek duidelijk geen vervolg is op de ‘conventionele’ historische roman ‘Jacob de Zoet‘, maar juist veel meer in het verlengde ligt van ‘De geestverwantschap‘ (het ijzersterke debuut van de schrijver) en voornoemd meesterwerk ‘Wolkenatlas’ (Cloud Atlas). Het is namelijk wederom een raamvertelling waarin diverse losstaande verhalen worden verteld, die toch allemaal met elkaar te maken hebben. Net als in ‘Cloud Atlas’ spelen die verhalen ook in verschillende tijden.

Dat belooft veel goeds. En vanaf de eerste pagina bewijst Mitchell weer meteen dat hij een heerlijke vertelstem heeft. Soepel proza, originele vondsten en metaforen, levensechte karakters. Veel humor, ook.

Centrale persoon in het boek blijkt al snel het Britse meisje Holly Sykes te zijn en in het eerste deel volgen we haar als ze op haar vijftiende wegloopt van huis. Vervolgens lezen we onder meer over de frauduleuze student Hugo Lamb, oorlogscorrespondent Ed Brubeck, de worstelende schrijver Crispin Hershey en dezelfde Dr. Marinus die we al kennen als personage uit ‘Jacob de Zoet’, om ten slotte weer terug te keren bij Holly. Al deze delen worden niet alleen verbonden door deze Holly (die in elke verhaallijn terugkomt), maar ook door een doorlopende intrige rondom twee rivaliserende groepen van onsterfelijken. Deze Anchorites en Horologists zijn een soort hybride tussen de onsterfelijken uit ‘Highlander’ en de breinvampiers uit Dan Simmons’ ‘Carrion Comfort’.

Hiermee vormt fantasy dus een duidelijke onderlaag in dit boek. Maar, alhoewel ik het concept onsterfelijkheid heel interessant vind, vormt juist deze fantasy-laag het minste aspect van het boek. Mitchell is toch met name tomeloos op dreef in de realistische passages, als hij in de huid kruipt van gewone mensen, zoals de jonge puber Holly of de cynische schrijver Crispin. En dan is dat hele fantasy-plot over de finale eindstrijd tussen twee mysterieuze gezelschappen van onsterfelijken, toch een beetje een ongenode gast. Daar komt ook nog eens bij dat dit plot zich redelijk voorspelbaar voltrekt en soms wat gekunsteld aandoet. Alsof Mitchell in deze passages van het boek toch wat minder op dreef was. En plottechnisch is het ook allemaal een beetje gek; want waarom lees je uitgebreid over bijvoorbeeld de jeugdige Holly, als die wederwaardigheden van nul betekenis zijn voor het plot? Je hebt daardoor een beetje het idee dat het hele boek weinig substantie heeft.

Zo zijn er dus wel wat dingen die een beetje wringen in dit boek. En hiermee is het niet helemaal geslaagd. Naast voornoemde redenen komt dit misschien ook wel omdat Mitchell duidelijker dichter bij zichzelf is gebleven (een ‘kwaal’ waar Michael Chabon in diens laatste worp ook al aan leed). In het verhaal van Ed Brubeck kan Mitchell wat persoonlijke frustraties kwijt over de Irak-oorlog (ja, Blair krijgt een flinke oorwassing) en in het verhaal over Crispin Hershey kan Mitchell natuurlijk heel veel kwijt over zijn eigen schrijverswereldje. Erg leuk, maar misschien blijft Mitchell iets te dicht bij zichzelf…

Mitchell is ook al duidelijk niet blij met de huidige gang van zaken in de wereld, met haar overcomsumptie en verspilling van grondstoffen. Hij laat om die reden niet na om in het slot van het boek een inktzwart korte-termijns-toekomstbeeld op je los te laten. Hierin is de samenleving zoals we die kennen (ca. 40 jaar vanaf nu) door energietekorten teruggevallen in de Duistere Middeleeuwen. Net als Dan Simmons ziet Mitchell dus binnen een halve eeuw groot onheil op ons afkomen; ik begin me bijna zorgen te maken!

Naast voorgaande zaken, moet ik constateren dat Mitchell er verhaal- en stijltechnisch beduidend minder in geslaagd is om in elk deel een eigen geluid aan te slaan dan in ‘Cloud Atlas’. Overal hanteert hij dezelfde ik-vertelstijl en overal zijn zijn personages even vlotgebekt; of witty, zoals ze in Engeland zouden zeggen. Hier klinkt teveel de stem van de schrijver door, denk ik. Het is jammer dat Mitchell er hiermee veel minder goed in slaagt een boeiend bouwsel van heel diverse verhalen te bouwen.

En wat is dan de conclusie? Dit boek is in ieder geval wel weer een kostelijke leeservaring geworden, dat is duidelijk. Maar zo oorspronkelijk als ‘Cloud Atlas’? Nee, niet echt. Maar toch is dit zeker een boek om niet te laten liggen. Alhoewel ik wel eenieder zou aanraden om eerst ‘Cloud Atlas’ te lezen!

Boy A - Jonathan Trigell (2004)

Alternatieve titel: Jongen A

4,5
Dit boek gaat over A, een naamloze Engelse jongen met een inktzwart verleden, want als jonge jongen heeft hij met een vriendje ooit een meisje bruut vermoord. Na een lange gevangenisstraf komt A weer vrij en wil hij met behulp van de sociaal werker Terry opnieuw te beginnen in een andere stad (Manchester), onder het pseudoniem ‘Jack’. Hier probeert hij een leven op te bouwen en zelfs enig geluk in zijn leven te vinden, als dat hem gegeven is. Maar dat blijkt al snel erg lastig…

Dit boek is erg goed geschreven in een elegante maar tegelijkertijd beknopte stijl en de diepe emotionele lading van het dramatische verhaal zorgt ervoor dat je al snel zeer door geraakt wordt en er volledig in opgaat. Je raakt echt begaan met deze jongen, die nogal wat voor de kiezen heeft gehad en hoopt oprecht dat alles toch nog goed afloopt… Tegen beter weten in misschien… Werkelijk erg goed gedaan, dit, ik was echt geroerd! Een van de beste boeken die ik de afgelopen jaren heb gelezen!

Dit Kan Niet Waar Zijn: Onder Bankiers - Joris Luyendijk (2015)

4,5
Dit boek van de geroemde journalist Joris Luyendijk (die destijds al een zeer boeiende ‘banking blog’ bijhield) was een absolute must-read voor mij, geinteresseerd als ik ben door de crisis van 08. Hij doet zijn onderzoek met de insteek van de antropoloog die hij van oorsprong is en hij bestudeert nauwgezet hoe die samenleving-in-een-samenleving nou eigenlijk werkt en hoe mensen er met elkaar omgaan.

En ook hij reageert geschokt en woedend als hij door krijgt hoe de financiële wereld eigenlijk in elkaar steekt. ‘Godverdomme‘, is er meermalen onverbloemd te lezen. Het beeld dat hij schetst is dan ook zeer verontrustend: sinds de deregulering in de jaren ’80 zijn de vele zakenbanken tot nog maar een paar kolossale ‘molochen’ uitgegroeid, die niet alleen too-big-to-fail zijn maar ook too-big-to-manage. Er wordt enorm veel geld verdiend, maar vooral omdat er continu zeer grote risico’s worden genomen en niemand enig belang schijnt te hechten in een verantwoorde lange-termijn bedrijfsvoering. Snelle winsten en aandeelhouderswaarde, dat is het enige waar het om draait! En die risico’s, daar kan de belastingbetaler voor opdraaien als het mis gaat, terwijl de onheilsstichters er zelf vrolijk met astronomische bonussen vandoor gaan.

Luyendijk maakt ook duidelijk dat de crisis van ’08 vooral een bijna-crisis was, waarin de wereld langs de rand van de afgrond is gelopen en ternauwernood ontsnapt is aan een nog veel ergere ramp. Bij het grote publiek is dit toch onvoldoende doorgedrongen, want bij de ‘in-crowd‘ heerste toen blijkbaar echt blinde paniek, tot en met dat familie werd opgedragen meteen al het spaargeld op te nemen, zo veel mogelijk voorraden in te slaan en met de kinderen te vluchten naar het platteland.

Maar dat is nog niet eens het meest verontrustende dat Luyendijk benoemt. Dat is namelijk dat hij moet constateren dat er ondanks de bijna-ramp van ’08 niets wezenlijks veranderd is. Natuurlijk, er zijn wat regeltjes bijgekomen en wat makkelijk te omzeilen bonusplafonds, maar de financiële wereld is gewoon weer doorgegaan. Business as usual! Niemand grijpt in en niemand heeft ook de controle! En intussen lijkt de wereld onafwendbaar af te stevenen op een volgende en nog veel ergere catastrofe, als een vliegtuig met een lege cockpit. Schokkend allemaal en zeer onrustbarend!
Dit boek is daarom ook wat mij betreft voor iedereen een absolute must om zelf ook te lezen!

Heren van de Thee - Hella S. Haasse (1992)

3,0
Hella Haasse ben ik leren kennen als een goed schrijfster en daarom moest ik me natuurlijk nog eens wagen aan deze bestseller van haar. ‘Heren van de thee’ is een vuistdik epos over de Nederlandse koloniale tijd dat, met onder meer ‘Max Havelaar’ en ‘De Stille Kracht’, is ondergebracht in de Nederlands Indië-canon. Het boek heeft als hoofdpersoon Rudolf Kerkhoven en volgt hem als hij na zijn studie naar Indië afreist om net als zijn vader theeplanter te worden. Het is een hele worsteling voor hem om zijn eigen plantage Gamboeng van de grond te krijgen, maar de koppige en rechtlijnige Rudolf zet door. Dan al sluimert er echter de frustratie over dat hij door zijn eigen familie miskend wordt en dat komt veel later pas tot uiting, als hij zichzelf inmiddels al tot financiële welstand heeft gebracht. Maar hij is niet de enige die heeft moeten afzien, dat geldt net zo goed voor zijn vrouw Jenny; en zij gaat er zelfs aan onderdoor.

Het verhaal is meeslepend en geeft een zeer scherp en gedetailleerd beeld van de hoogtijdagen van de koloniale tijd in Indië. Haasse, zelf natuurlijk ook uit Indië afkomstig, toont dat ze zich zeer goed gedocumenteerd heeft. Toch vind ik dat het boek ook zwakke kanten heeft, en wel met name door de vorm. Het verhaal hangt naar mijn mening een beetje tussen geschiedschrijving en een roman in: Rudolf heeft namelijk echt bestaan en Haasse blijft aan de ene kant heel trouw aan de historische bronnen (bijvoorbeeld in hele brieffragmenten die in het boek terugkomen) terwijl ze aan de andere kant er duidelijk dingen bij verzint (bijvoorbeeld de brieven van Jenny). Dat had wat mij betreft echter niet gehoeven: als Haasse duidelijker voor de romanvorm had gekozen, dan had het verhaal aan kracht kunnen winnen omdat ze dan minder eerbiedig met de historische feiten had hoeven om te gaan. Hiernaast is ook het vertelperspectief onduidelijk: dat ligt in het eerste deel van het boek namelijk geheel bij Rudolf, tot opeens ook passages worden verteld vanuit het oogpunt van (onder meer) Jenny. Ik vond dit een beetje bevreemdend.

Kortom: het boek heeft alles in zich van een monumentaal epos over een zeer boeiende periode uit de Nederlandse geschiedenis. Maar ik had toch wel verwacht c.q. gehoopt dat een vaardig schrijfster als Haasse de vertelvorm consistenter had kunnen houden.

Me before You - Jojo Moyes (2012)

Alternatieve titel: Voor Jou

3,5
Dit boek gaat over de Louisa, een laat-twintiger, wonend in een klein Brits stadje. Nadat ze is ontslagen bij een lunchroom, vindt ze uiteindelijk werk als verzorgster van een jonge invalide man, Will, die vanaf de nek geheel verlamd is. Vervelender is echter dat hij heel chagrijnig en gemeen tegen haar is.

Vanaf dit moment verloopt het verhaal naar mijn mening nogal voorspelbaar en schematisch. Want ja; natuurlijk groeien de aanvankelijk onuitstaanbare Will en Louisa uiteindelijk naar elkaar toe. Tja. Hoe vaak hebben we dat al niet eerder gezien? Het is niet het enige waarbij Moyes nogal voorspelbaar is. Zo doet ze bijvoorbeeld ook erg weinig moeite om aanvankelijk te verhullen dat de relatie die Louisa aanvankelijk nog heeft met ene Patrick zal gaan ploffen; dat ligt er namelijk vanaf het begin al heel dik bovenop. En zo zijn er wel meer voorbeelden. Zelfs het tragische eind van het verhaal (Will zal ondanks alles uiteindelijk beslissen zijn leven te beëindigen) zag ik eerlijk gezegd al van heel ver aankomen.

Dat maakt dit toch geen echt goed boek. Niet dat het slecht is, maar het blijft naar mijn mening allemaal teveel hangen in, naar de bouquet-reeks neigende, zwijmel-romantiek waar vele vrouwen misschien van houden, maar ik toch niet echt. Dat ik het toch uitlas, heeft dan te maken met de toch wel erg fijne vertelstem van Moyes, waarin humor ook nooit ver weg is. Sommige scenes, zoals die waarin Louisa met Will naar een bruiloft gaat, zijn bovendien erg mooi uitgewerkt. En ten slotte heeft Moyes van Louisa zo’n aangenaam onhandig en eigenaardig type gemaakt, waar je meteen van gaat houden…

Zie ook: Christian Deterink.nl

Meester van de Neerdaling, De - Hella S. Haasse (1973)

4,5
Deze roman van Hella Haasse, waarvan ik eigenlijk nooit meer heb gelezen dan het obligate middelbareschool-boekenlijst-boek ‘Oeroeg’, blijkt onvermoed een kostelijk werkje te zijn. Het bestaat uit twee lange verhalen, die toch veel met elkaar te maken blijken te hebben. Het eerste draait rondom de calvinistische obsessies van een alleeenstaande vrouw die in een zeer gereformeerd gezin is opgevoed. Als klein broertje Andries uit de band spring en de wereld intrekt, begint zij dingen te zien die er niet zijn. Haasse bouwt dit verhaal meestelijk op en pas zeer langzaam krijg je door dat je misschien niet alle waarnemingen van de hoofdpersoon voor waarheid moet aannemen.
Het tweede verhaal is meer thriller-esque en gaat erover hoe het neefje van voornoemde vrouw, die op middelbare leeftijd naar Venetië is getrokken om er de verzorgster te worden van een zwakzinnige markiezen, samen met zijn vrouw een koffer proberen terug te halen. Van hier af aan lopen de zaken al snel volledig mis…
Beide verhalen waren hiermee zeer genietbaar en verrassend leuk. Ik ga zeker eens meer van Haaase lezen!

Zie ook: Christian Deterink.nl

Melnitz - Charles Lewinsky (2006)

Alternatieve titel: Het Lot van de Familie Meijer

3,5
Door de titel had ik de indruk dat dit een loodzwaar boek zou zijn over hoe een Joodse familie slachtoffer wordt van de holocaust. Dat is echter niet het geval; het boek blijkt een uitgebreide familie-kroniek te zijn over de familie Meijer, een sage die al vanaf de negentiende eeuw begint en tot ruim in de twintigste voortduurt. Lewinsky weet een prachtig liefdevol portret te maken van zijn personages, met al hun eigenaardigheden en zwakheden. Milde ironie en humor zijn nooit ver weg. De vertelling is hierdoor soms geestig en altijd meeslepend. Lewinsky’s schrijfstijl is prachtig poëtisch. Hierbij worden ook zeer geregeld Jiddische woorden gebruikt, hetgeen de vertelling heel geloofwaardig maakt. Ik vond het boek door dit alles soms wel wat lijken op de geschiedschrijving door Jonathan Safran Foer van het Joods-Oekraïense dorp Trachimbrod in ‘Everything is illuminated‘.

Natuurlijk kent het boek ook een zwaardere kant, als wordt verteld over de soms verborgen, maar altijd aanwezige sluimerende Jodenhaat, zelfs bij de bevolking van het toch redelijk vreedzame Zwitserland, waar het verhaal zich afspeelt.De Holocaust waaraan de nazi’s zich schuldig zouden gaan maken, kwam kort gezegd niet uit het niets voort! En natuurlijk laat dit boek ook de desastreuze gevolgen van de Wereldoorlogen zien voor de Joden.

Zo is dit al met al een behoorlijk briljant werk van een zeer goede schrijver. De flinke leesinvestering (want dit boek is zeker geen dunnetje) is dit boek hiermee meer dan waard. Lezen!

Lees verder op: www.christiandeterink.nl

Never Fall Down - Patricia McCormick (2012)

Alternatieve titel: Een Zwarte Pyjama

4,5
Dit boek is een indringend portret van de Cambodjaanse jongen Arn Chorn-Pond, die ‘The Killing Fields’ overleeft. De ontberingen en gruwelijkheden die Arn moet doorstaan zijn verbijsterend en ‘off the map’, maar zijn desondanks waargebeurd. Patricia McCormick heeft diens verhaal uit de eerste hand opgetekend in een boek met een sobere, beknopte en zeer makkelijk leesbare stijl. Met dit laatste lijkt het boek, ondanks de nogal heftige materie, vooral bedoeld voor jong-volwassenen. Maar dit neemt niet weg dat dit boek voor iedereen zeer de moeite waard is en zich zelfs kan meten met het zeer vergelijkbare en redelijk briljante boek ‘Wat is de Wat’, van Dave Eggers, het waargebeurde verhaal van een jongen die de Sudanese burgeroorlog overleeft. Het enige waar dan nog wat op aan te merken is, is die nogal nietserige titel van de Nederlandse vertaling (‘Een zwarte pyjama’), maar dat is uitgerekend het enige waar McCormick niets aan kan doen. Aanrader!

Zie ook: Christian Deterink.nl

Ocean at the End of the Lane, The - Neil Gaiman (2013)

Alternatieve titel: De Oceaan aan het Einde van het Pad

4,0
Dit is een één van die unieke boeken die moeilijk of zelfs helemaal niet binnen een hokje is te plaatsen. Want is dit nu fantasy? Of is dit meer een literaire roman? Is het voor volwassenen of jongvolwassenen? Het is en blijft allemaal onduidelijk en eigenlijk maakt het ook niet uit natuurlijk. Laten we het erop houden dat dit een zeer verbeeldingsrijk boek is!

Het gaat allemaal over een man die terugdenkt aan zijn kindertijd. Rond zijn zevende kwam deze jongen in contact met de buren, de Hempstocks, die aan het einde van het pad wonen. Hij maakt kennis met een meisje van 11, Lettie, haar moeder en haar oma, die daar allemaal al eeuwen lijken te wonen. De jongen raakt snel bevriend met Lettie en zij wil hem graag de oceaan laten zien in hun achtertuin. Dit is een begin van een magisch-surrealistische vertelling die buitengewoon meeslepend is. Eentje die ook buitengewoon vaardig en aanstekelijk beschreven is. Mooi boek dit!

Zie ook: Christian Deterink.nl

Oorlog en Terpentijn - Stefan Hertmans (2013)

3,5
De Belgische schrijver Stefan Hertmans heeft dit boek gebaseerd op de dagboekaantekeningen die hij heeft gevonden van zijn grootvader Urbain Martien. Deze Urbain was soldaat in de Eerste Wereldoorlog en werd hierna schilder.

Hertmans vertelt echter niet recht voor zijn raap het levensverhaal van zijn voorvader, maar schrijft ook over dat schrijven van dat verhaal. Over hoe lang hij gedraald heeft voor hij uiteindelijk de dagboeken durfde te openen, bijvoorbeeld. Hoezeer de geschiedenis hem zelf persoonlijk raakt. En hoe hij in hedendaags Gent plekken bezoekt die herinneren aan zijn grootvader.

Het is echter juist dit meta-aspect van dit boek dat eigenlijk het oninteressants is. Zo vertelt Hertmans in deel 1 van het boek eerst wel uitgebreid over zijn familiegeschiedenis en gaat hij zelfs terug tot zijn overgrootvader, Urbain’s vader. Maar de vraag is of de hier wel heel ruimschoots aanwezige melancholiek aandoende beschrijvingen van het Gent van ruim een eeuw geleden wel zo interessant zijn. Hetzelfde gebeurt in deel 3, waarin Hertmans ook weer ‘meta gaat’, zogezegd.

Daarmee is het tussenliggende tweede deel, de kern van het boek, waarin in ik-vorm de belevenissen van Urbain tijdens de oorlog worden verteld, wat mij betreft verreweg het boeiendst. Hertmans weet diens oorlogservaringen heel indringend te beschrijven en maakt hier een zeer meeslepende vertelling van.

Maar door de genoemde zwaktes is dit boek uiteindelijk toch niet meer dan een niet geheel geslaagde roman. Alhoewel Hertmans dat deels goed te maken door een soms erg mooie uitgesproken poëtische schrijfstijl. Een 7 uit 10 dus voor dit boek…

Zie ook: Christian Deterink.nl

Quiet Belief In Angels, A - Roger Jon Ellory (2007)

Alternatieve titel: Een Stil Geloof in Engelen

3,5
Ellory heeft voor mij al bewezen dat hij een thriller-schrijver is met een waarlijk ‘literaire’ vertelstem, en dit blijkt ook duidelijk bij dit boek. Deze constatering doet vermoeden dat dit een heel positieve recensie wordt, maar helaas zal dat toch niet helemaal gebeuren…

Dat komt met name omdat ik me bij tijd en wijlen wel wat begon te storen aan Ellory’s vertelstijl in dit boek. Die kan namelijk ook nogal lang van stof zijn, waarin Ellory vervalt in soms wel heel vergezochte metaforen of zelfs totaal onnavolgbare passages. Allemaal op het eerste oog heel poëtisch, maar dan wel op de verkeerde manier poëtisch, want zijn verhaal doet dan hetzelfde bij dat soort gedichten met een inhoud die als een tang op een varken lijkt te slaan, oftewel: voor mij in ieder geval vrij onbegrijpelijk is. Dit soort passages sloegen bij mij kortom dus eigenlijk helemaal dood en natuurlijk draagt dit niet bij tot het leesplezier.

Wat het boek dan had kunnen redden, was een waarlijk boeiend plot. Nu draait het hele verhaal rondom Joseph Vaughn, die als jongen opgroeit in een klein plattelandsdorpje waarin een seriemoordenaar actief is die jonge meisjes op gruwelijke wijze vermoordt. Joseph is begaan met hun lot en gaat op zoek naar die seriemoordenaar, iets waar hij -in een extreem uitgerekte who-dunnit- maar liefst een kwart eeuw over doet. Door die lange doorlooptijden zakt de spanning in het verhaal toch een beetje in, en dan hou je alleen nog het levensverhaal over van Joseph, die nogal veel ongeluk tegenkomt in zijn leven (ouders en vriendinnen die hem ontvallen, een onterechte gevangenisstraf, you name it).

Op zich misschien niet helemaal oninteressant, maar dat deel van het boek duurde mij toch allemaal eigenlijk iets te lang. Em alhoewel de uiteindelijke confrontatie met de seriemoordenaar ‘die je wist dat zou komen’ wel wat goed maakt, is al met al toch sprake van een niet helemaal geslaagd boek. Te literair en te langdradig…

Zie ook: Christian Deterink.nl

Republiek, De - Joost de Vries (2013)

4,5
Dat Joost de Vries, ondanks zijn nogal gewone naam, een uitzonderlijk en heel bijzonder pareltje is in de Nederlandse letteren, bewees hij al met zijn ijzersterke debuut Clausewitz. En met deze nieuwe worp van hem bevestigt hij dat hij een zeer prikkelende schrijver is.

Dit verhaal draait om Friso de Vos, die naar een congres in Wenen gaat om daar met de Nederlandse student Philip de Vries te discussiëren over de ideeën van de dan nog niet zo lang gestorven Josip Brik, de legendarische hoogleraar die voor hen beide een mentor was.

Dit lijkt nog niet eens zo’n boeiend gegeven, maar Joost de Vries is zo’n schrijver waarbij het verhaal eigenlijk maar bijzaak is: het is vooral een kapstok voor een erudiet en vindingrijk (en misschien wel post-modern) spel met boeiende ideeën en oorspronkelijke vondsten.Wat hieraan ook bijdraagt is dat zijn boek volgestopt zit met verwijzingen naar de wereldliteratuur en de cultuur in het algemeen, waarbij ‘lage’ cultuur en ‘hoge’ cultuur zonder enige terughoudendheid door elkaar heen worden aangestipt (bijvoorbeeld als Prik niet alleen wordt vergeleken met Professor Barabas uit Suske en Wiske maar ook met de Timofej Pnin uit het boek Pnin van Nabokov).

In de vloeiende, bijna soms nonchalante schrijfstijl van De Vries, doorspekt met vaak ijzersterke metaforen, leidt dit alles tot een zeer boeiend boek. Een boek ook met duidelijke verbanden met ‘Clausewitz’, niet alleen omdat die naam nog twee keer wordt genoemd, maar ook omdat alles eigenlijk uiteindelijk draait om een figuur die zelf niet eens een rol in het verhaal speelt, of dit nu Prik of LeFebvre is. Lezen, dit boek!

Zie ook: Christian Deterink.nl

Stikvallei - Frank Westerman (2013)

4,0
Dit boek gaat over een noodlottig voorval in 1986 waarin, op zomaar een nazomeravond, ergens in Kameroen alle inwoners van een vallei (mens en dier) dood neervallen. De internationale gemeenschap duikt al snel op deze ramp en denkt dat een bepaald gas dat in dit vulkanische gebied vrij is gekomen de boosdoener is, maar de precieze toedracht wordt nooit duidelijk.

Vele jaren later, heeft Westerman dus besloten het onderwerp nog eens uit te diepen. Met Ararat in het achterhoofd, wist ik al dat ik geen rechttoe-rechtaan historisch verslag hoef te verwachten, en dat gebeurt ook niet. Westerman gebruikt het gegeven namelijk vooral als kapstok om te bestuderen hoe verhalen, of mythes, ontstaan. Om die reden heeft hij zijn boek een heel bijzondere thematische indeling meegegeven. Het eerste deel gaat hierbij over de wetenschappers die mythes proberen te ‘doden’ door alles rationeel proberen te verklaren. Het tweede deel gaat over de ‘brengers’ van mythes: de missionarissen die in het gebied werkzaam zijn tijdens de ramp. En het laatste deel gaat ten slotte over het maken van mythes. Meer precies: hoe de stikvallei-ramp leidt tot nieuwe mythes en verhalen.

Dit alles leidt tot een zeer boeiende vertelling vol met prikkelende gedachten en denkbeelden en in Westerman’s bekende vrijelijk associërende en soms bijna poëtische schrijfstijl. Het hele boek heeft ook een hoog meta-gehalte: hij schrijft dus ook veel over het schrijven van dit boek (zijn laatste zin is nota bene zoiets als: ik opende in Word een nieuw document en begon te schrijven aan dit verhaal). Zeer de moeite waard om te lezen!