menu

Hier kun je zien welke berichten the Cheshire cat als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Aan de Goede Kant van 30 - Saskia Noort (2003)

1,0
Wat bezielt mij toch om steeds maar weer van dit soort verschrikkelijke boekjes te lezen? "Ik, als uitgesproken vrouw... ", kakelde Noort laatst nog bij Jinek. Uitgesproken oppervlakkig, dacht ik nog. Saskia Noort schrijft over herkenbare gebeurtenissen uit het leven... De dagelijkse beslommeringen, dat is nou net waarom ik zo graag lees, om juist die te ontvluchten. Ik snap bovendien niet waarom mensen zo geobsedeerd zijn door leeftijd, 30, 40, 50... Het zal me allemaal aan m'n reet roesten. Aaf Brandt Corstius schrijft er ook al van die malle boeken over. Die zat onlangs bij Pauw te wauwelen dat ze het liefst met leeftijdgenoten optrekt, brrr... Of zijn de boeken stiekem toch wel leuk? Soms is het zo slecht geschreven dat ik echt moeite moet doen mijn lach in te houden. Om een klein voorbeeldje te geven: ergens schrijft Noort dat ze op een kinderfeestje is en naast een jongen zit die verkleed is als Darth Vader. Vervolgens voegt ze daar tussen haakjes aan toe: (slechterik uit Star Wars) Maar het is vaker ergernis dan lachen. Die nare column bijvoorbeeld over die vrouw die zo stinkt in de supermarkt, weliswaar zegt ze erbij dat ze zelf ook ooit zo stonk vanwege haar rookverslaving, maar het blijft toch akelig. Of de column 'Anne', daarin steekt ze de loftrompet af over haar overleden schoonmoeder die zo sterk was en wel dertien kinderen baarde. Dat is aardig van Saskia, zou je denken, tot je opeens dat zinnetje leest en denkt van: mmm... , toch niet zo heel aardig. ...en bij elk bezoek gaf ze me een kwart vlaai en zag er streng op toe dat ik het stuk karton tot de laatste kruimel opat. Dan vertelt ze over die keer dat ze de vaatwasmachine voor haar schoonmoeder had ingeruimd, maar die haalde er vervolgens alles weer uit en zette het er op haar manier weer in. Of de lasagne die ze voor haar schoonmoeder had gemaakt maar niet werd opgevreten, omdat er knoflook in zat. Hahaha...

Ach, nou ja, ik neem het boekje morgen wel mee naar de kerstboomverbranding, kan het daar op de brandstapel.

Adolf & Eva & de Dood - Jeroen Brouwers (1995)

4,0
Ergens in de jaren twintig bevond Klaus Mann zich in de Carlton Tearoom in München. Daar zag hij - in rozig discreet licht en gedempte muziek, omringd door bergen gebak - Hitler zitten, wiens voorkomen hem sterk deed denken aan Fritz Haarmann, de seriemoordenaar en kannibaal uit Hannover die minstens 24 jonge daklozen om het leven had gebracht.

'Zoiets komt nooit aan de macht!' dacht Klaus Mann toen nog. 'Ik was heel zeker van mijn zaak, toen ik naar de uitgang liep. Je bent een nul, Schicklgruber. Je komt niet verder dan één lustmoord, op zijn best!'

Brouwers gaat met name dieper in op de zelfmoord van zowel Adolf Hitler als Eva Braun, maar biedt tevens geheel nieuwe inzichten omtrent Hitler zelf. Er staan ook foto's in het boek; soms zie je van die oude foto's van Hitler samen met zijn hond Blondi en dan krijg ik altijd zo'n medelijden met die hond. Dieren zijn vaak de vergeten slachtoffers van oorlogen; waarschijnlijk omdat we er in vredestijd ook niet zo leuk mee omgaan.

Blondi is maar 4 jaar geworden.

Advocaat, De - René Appel (2013)

4,0
Wie een boek leest van René Appel weet al bij het eerste hoofdstuk dit gaat gegarandeerd fout aflopen, de vraag is alleen: voor wie? Tot de laatste bladzijde toe houdt Appel de lezer in onwetendheid over de afloop. Het is als een vlakke etappe in de Tour de France, de allerlaatste pagina's daar sprint je doorheen.

Ook weer opvallend: Appels fascinatie voor rare achternamen. Op een gegeven moment krijgt het hoofdpersonage, advocaat Driessen, een zaak toegewezen waarin hij een rijke vrouw moet verdedigen met de absurde achternaam Van Middelheim thoe Archem, deze dame staat overigens terecht voor het stelen van lingerie in een warenhuis.

Van Middelheim thoe Archem

(Ik heb zelf een naslagwerk Nederlandse & Vlaamse familienamen in huis, maar deze staat er niet in)

Americana. Omzwervingen in de Amerikaanse Cultuur - Joost Zwagerman (2013)

Joost Zwagerman schreef in totaal drie essays over popster Madonna, die zijn verzameld in deze bundel Americana onder het kopje Madonnarama: Macho Madonna, Goddess en Midlife Madonna.

Macho Madonna, de eerste essay en wat mij betreft de beste gaat onder andere over Madonna's steeds wisselende imago, haar haat-liefdeverhouding met de katholieke kerk, haar androgyne uiterlijk, haar affiniteit met nichten (De nichtenscene is paradijselijk. Madonna leeft op te midden van de joyeuze gays en valt voor hun flirterige hang naar theatraliteit, hun talent voor overacting, hun maniertjes en hun gevoel voor camp en decadentie. In homokringen bouwt ze een bescheiden reputatie op als 'fruitfly', nichtenmeisje, of, zoals ze het zelf noemt, 'fag hag' (letterlijk: mietjesheks). Madonna wordt het kokette meisje dat zich het lekkerst voelt te midden van beeldschone jongens van de verkeerde kant.) en haar controversiële videoclips zoals Like a Prayer (Door Madonna zelf bedoeld als hoogstpersoonlijke geloofsbelijdenis maar door anderen, onder wie de paus, beschouwd als blasfemie tot in derde graad. Klassenjustitie, interraciale seks, de Klu-Klux-Klan, homoseksualiteit, fysieke verering van een icoon, Madonna als Maria Magdalena, de hartenklop van een zwárt heiligenbeeld: republikeins Amerika en het Vaticaan komen vingers tekort om de subversief en blasfemisch geachte scènes en thema's te tellen. Natuurlijk breekt de hel los. Madonna ontvangt haar eerste, serieuze bedreigingen. In kringen van de Ku-Klux-Klan staat zij definitief te boek als 'niggerpussy'...)

In het tweede, Goddess, worden de biografieën besproken die er zoal over de wereldster zijn verschenen, onder meer dat walgelijke boek van Andrew Morton. Andrew Morton, die zeer terecht door Madonna, zo kan ik me nog herinneren, 'dat onderkruipsel' werd genoemd. Ik vind Zwagerman nog behoorlijk mild over dat boek, maar hij zegt wel : Voor de rest kun je er alleen maar over zeggen dat Andrew Morton de eerste Madonnabiografie schreef waarin zo weinig te vinden is over haar muziek. Je verdenkt hem er bijna van dat hij een Madonnahit niet kan onderscheiden van een nummer van, zeg, tieneridolen Britney Spears of Jennifer Lopez.

Midlife Madonna ten slotte gaat over de eerste keer dat Zwagerman een concert bijwoonde van Madonna in het Gelredome (Re-Invention Tour). Ook ik zag Madonna voor de eerste keer in het Gelredome in Arnhem in 2004. Later op het journaal vernam ik dat Zwagerman dezelfde show had gezien want hij werd na afloop van het concert nog geïnterviewd. Waarschijnlijk zat hij ergens op de tribune achterin, omdat hij het in zijn essay heeft over 'poppetjes in de verte'. Zelf stond ik goed vooraan en kon alles dus goed aanschouwen. Ik had zelfs nog een vluchtig oogcontact met Madonna. Op een gegeven moment huppelde ze over een soort van bouwstellage heen die over het publiek heen hing en zo kon ik, zo'n 3 tot 4 meter lager, onder haar Schotse rok kijken. Een vreemde gewaarwording, al zeg ik 't zelf, maar eenmaal weer buiten bedacht ik me opeens: maar wie heeft er nu niet bij haar onder de rok mogen kijken? Het mooiste aan de show vond ik nog de voor Madonna's doen eenvoudige uitvoering van Papa Don't Preach, waarin ze aan het einde een cirkel vormt met haar achtergronddanseressen en zij gaan ronddraaien, wat mij sterk deed denken aan het schilderij 'La Danse' van Henri Matisse uit 1909 waarop vijf naakte figuren te zien zijn die hand in hand in het rond dansen. Als er een KunstMeter zou bestaan zou dat doek vast en zeker in mijn top tien komen te staan.

Joost Zwagerman had een bijzondere en ruimdenkende kijk op kunst.

Amerika: Voor en Tegen - Maarten van Rossem (2003)

3,5
Ook ik heb net als Maarten van Rossem familie in Amerika wonen, toevallig ook twee nichtjes (en een neef), in Norco om precies te zijn, een plaatsje ten oosten van Los Angeles. Voor mij was het net als Van Rossem een hele gebeurtenis wanneer zij in Nederland op vakantie kwamen. Amerika fascineerde me mateloos als kind maar op latere leeftijd leer je ook dat andere Amerika kennen, hoewel wij Europeanen geen haar beter zijn natuurlijk. In 'Fastfood' kraamt Van Rossem echt onzin uit:

Voor wie vlug wat wil eten in een kindvriendelijke omgeving is McDonalds een prachtige uitvinding.

De rode kleur in het logo van McDonalds hebben ze een aantal jaren terug veranderd in groen. Dat oogt wat milieuvriendelijker. Ja, ja... Amerika: Voor en Tegen gaat vooral over politiek en dat weet mij toch allemaal iets minder te boeien. Om heel eerlijk te zijn hoor en zie ik de bekende historicus liever. Maar wel een voldoende.

Angel of Death: Killer Nurse Beverly Allitt - John Askill en Martyn Sharpe (1993)

Alternatieve titel: Engel des Doods

4,0
Dit soort boeken las ik vroeger veel maar tegenwoordig nauwelijks meer. Echt diepgaand wordt het nooit en over de kindertijd van de moordenaar krijg je ook maar weinig te weten, iets waar ik altijd wel nieuwsgierig naar ben.
Wat kunnen mensen trouwens ongelofelijk naïef zijn; het hele ziekenhuis in rep en roer, de recherche erbij en dan nog zo'n vrouw die al wordt verdacht en op de kinderafdeling werkt thuis op je baby laten passen.
Het valt me overigens ook op dat veel seriemoordenaars - eenmaal opgepakt - iets triomfantelijks over zich krijgen, zo'n onoverwinnelijke houding, zo van: ik sta boven de wet, jullie maken me niks. Een goed voorbeeld daarvan zijn de vrouwelijke handlangers van Charles Manson die samen hand in hand naar de rechtszaal liepen, lachend en zingend. En recent nog, Anders Breivik.
Dit boek bevat ook foto's van zowel slachtoffers als Beverly Allitt zelf, op een van die foto's zit ze in een politiewagen en heeft ze precies zo'n spottende lach.

Beverly Allitt zit nog heel lang vast en dat is maar goed ook.

Animal Farm - George Orwell (1945)

Alternatieve titel: Boerderij der Dieren

5,0
All books are equal, but some books are more equal than others.

Als tiener las ik Animal Farm voor de eerste keer en op slag raakte ik verliefd op dit geweldige verhaal, de personages (de onderdrukte dieren) en zelfs op George Orwell zelf. Begin dit jaar heb ik het (voor de eerste keer) nogmaals gelezen, iets wat ik niet snel doe overigens, maar gelukkig viel ik opnieuw (hoe toepasselijk) in katzwijm...

Over katten gesproken, van de kat in het verhaal kon ik me nog maar weinig herinneren en eigenlijk was ik daar wel het meest nieuwsgierig naar. De poes is, op de zingende schapen na en een paar kippen, het enige dier in het verhaal dat geen naam draagt. Waarom ook zoiets banaals als een naam voor zoiets raadselachtigs als een kat? Heel mooi hoe Orwell de kat heeft vormgegeven. Nadat de dieren de hoeve hebben overgenomen valt het hen op dat de kat zich vreemd gedraagt. Telkens als er een karweitje opgeknapt moet worden is ze nergens te vinden, maar de dieren nemen het haar niet kwalijk, want als ze er wel is ligt ze altijd zo vredig te spinnen. Het is ook een beetje onduidelijk aan wiens kant ze nu eigenlijk staat, waarschijnlijk aan die van haarzelf, maar wanneer de mensen de boerderij proberen te heroveren zet ze wel even haar nagels in de nek van een melkknecht. Op een zekere dag zit ze op het dak, waar ze een paar spreeuwen toespreekt. Ze vertelt hun dat alle dieren nu Kameraden zijn en dat ze gerust op haar poot kunnen komen zitten, maar de spreeuwen blijven toch maar op een afstandje.

Maar natuurlijk niet alleen de kat, alle dieren zijn goed bedacht: Benjamin de cynische ezel, Muriel de geit, zij is een van de weinige dieren die kan lezen, Bokser het paard (als kind zag ik al de tekenfilm van Animal Farm en het moment dat Bokser wordt afgevoerd naar het slachthuis vond ik echt hartverscheurend), en Mollie het ijdele paard dat van lintjes in haar haar houdt en op een dag ertussenuit knijpt omdat ze liever bij de mensen wil zijn die haar verwennen met suikerklontjes. Omdat het dieren zijn én omdat ze onderdrukt worden leef je ontzettend met ze mee. Verder vind ik de tamme raaf Mozes intrigerend, hij vertegenwoordigt de Russisch-Orthodoxe Kerk en religie in het algemeen. Hij is een verklikker en het troeteldier van boer Jansen. Tijdens de Rebellie gaat hij er als een haas vandoor, maar na jaren keert hij onverhoeds weer terug en vertelt de hongerlijdende dieren over een geheimzinnig land, de Berg der Suikerklontjes genaamd, waar alle dieren na hun dood heengaan, als ze maar hard genoeg zwoegen. Het doet me aan een Bijbelcitaat denken: 'Iedereen moet het gezag van de overheid erkennen, want er is geen gezag dat niet van God komt.'

Wonderlijk eigenlijk hoe je fantasie tijdens het lezen van een boek te werk gaat; zo vormt een plek uit mijn jeugd in mijn verbeelding het decor voor Animal Farm, een klein weiland achter mijn ouderlijk huis, nauwelijks een weiland te noemen, waar af en toe koeien graasden, maar in geen velden of wegen een boerderij te bekennen, geen boomgaard, geen molen, wel een gigantische kolencentrale maar dat doet nu niet ter zake. Maar dan weer net even anders, zoals vaak ook bij dromen het geval is. Net zoals ook bijna alle huizen in boeken, raar genoeg, ongeveer dezelfde indeling hebben als het huis waarin ik als kind woonde, ook al wordt het heel anders beschreven, dan nog.

Blijft het verhaal, buiten de allegorie om, overeind staan? Ik vind van wel. Dan is Animal Farm nog altijd een fantastisch verhaal. Wellicht gebruikt Orwell een eenvoudigere taal dan in zijn andere boeken, een kleutertaal is het geenszins, maar het is dan ook, en daar begint het verhaal mee: 'Een Sprookje voor Grote Mensen'.

Kortom, een humanimalistisch kunstwerkje. Geen idee wat ik ermee bedoel, maar het ik vond het wel leuk staan, zo aan elkaar geregen.

Four legs good, two legs bad.

Animals. Their Past and Future - G.H. Pember (1883)

Alternatieve titel: De Bijbel over Dieren en Dierenwelzijn

4,0
Nadat de mens verdreven was uit het paradijs plaatste God, ten oosten van de tuin van Eden, de cherubs en het heen en weer flitsende, vlammende zwaard. Zij moesten de weg naar de levensboom bewaken. Volgens theoloog en schrijver G.H. Pember zouden de cherubs dieren geweest kunnen zijn en zouden dieren voor de zondeval gesproken kunnen hebben. Aan de hand van teksten uit de Bijbel tracht Pember aan te tonen hoezeer God het welzijn van dieren nastreefde. Ook Jezus blijkt, uit teksten in het Nieuwe Testament, vol liefde te zijn voor dieren. In de toekomst, wanneer de mens verlost is van zijn zonden, zal ook alle pijn en alles wat schade aanricht in het dierenrijk verdwijnen. Uit Jesaja 11: Dan zal een wolf zich neerleggen naast een lam, een panter vlijt zich naast een bokje neer; kalf en leeuw zullen samen weiden en een kleine jongen zal ze hoeden. Een koe en een beer grazen samen, hun jongen liggen bijeen; een leeuw en een rund eten beide stro. Bij het hol van een adder speelt een zuigeling, een kind graait met zijn hand naar het nest van een slang.

Een nobel boekje, maar wel een beetje karig allemaal. Het meeste ervan is overigens gewoon terug te vinden op het internet, maar het boekje is uit 1883 dus eigenlijk best bijzonder.

Asylum, The - John Harwood (2013)

Ruth Rendell: 'Harwood has a gift for creating suspense, apparently effortlessly.'

Had al heel lang niet meer een boek in het Engels gelezen, maar wonderbaarlijk genoeg is mijn Engels er in de loop der jaren niet op achteruit maar juist op vooruit gegaan. Desondanks moest ik mijn hoofd erbij houden en soms ook een paar pagina's teruglezen als ik de draad van het verhaal weer eens was kwijtgeraakt. Dit las niet echt erg prettig, moet ik eerlijk bekennen. Toch een goed boek, mysterieus, met ergens in het verhaal een persoonsverwisseling à la Single White Female.
Echter, ik heb het boek niet uitgelezen en weet ook niet hoe het afloopt, ik had nog zo'n 20 a 30 bladzijdes te gaan maar toen overleed mijn trouwe hond Wolf

Ik ben het wel eens met Ruth Rendell.