menu

Hier kun je zien welke berichten Ted Kerkjes als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Enamoramientos, Los - Javier Marías (2011)

Alternatieve titel: De Verliefden

4,0
Ted Kerkjes (moderator)
Een ideeënroman, dat kun je wel zeggen, ja.
Het is een boek dat doorspekt is met gedachtenspinsels. De ideeën drijven het plot en het plot drijft de ideeën: beide zijn op een bijzondere wijze ineengevlecht op een manier die ik nooit eerder zag.
De ideeën zijn afkomstig vanuit de personages, en vooral vanuit María, de ik-figuur. Continu lees je over de gedachten van eigenlijk iedereen, zelfs de personen die buiten het bewustzijn van María staan. Dit komt doordat María voortdurend als toeschouwer haar ideeën en gedachten op iedereen om haar heen projecteert. (Deze eigenschap sticht zelfs indirect het verhaal aan, want iedere ochtend was zij de projecterende toeschouwer van het Perfecte Paar.) Het hele boek lang worden alle situaties, zelfs (of juist) die zich enkel in het hoofd van María afspelen, minutieus overdacht en geanalyseerd. Hierdoor kunnen korte gebeurtenissen tientallen pagina’s duren.

De maalstromen in het boek handelen met name over de dood, de liefde en de waarheid, al lijkt ‘de waarheid’ eigenlijk al een te stellige formulering en zou ‘een waarheid’ misschien beter zijn, want het boek lijkt er niet zo zeker van te zijn dat er iets bestaat als een absolute waarheid. Dit zit natuurlijk al in het subjectieve perspectief waarin het boek geschreven is: er is geen alwetende verteller die de lezer duidelijkheid kan verschaffen, maar alles krijgen we te horen via María, die zelf ook nog continu loopt te piekeren over van alles.
De twijfel aan de absolute waarheid zit natuurlijk ook al in de vijf kranten die María over de moord leest: elke krant vertelt een ander verhaal met andere feiten. (Alternatieve feiten, zo je wilt.)
Wat is het makkelijk om wie dan ook aan het twijfelen te brengen.

De ideeën over liefde en dood zou ik vooral cynisch noemen. Ontzettend cynisch, eigenlijk. Dat de cynische ideeën door het boek bevestigd worden, maakt dat het boek ook wat cynisch aanvoelt. Niet dat het boek een duidelijk idee uitdraagt, want het boek zet alles op losse schroeven door de algehele scepsis tegenover iets als de waarheid, maar toch waart het woord ‘cynisch’ door mijn hoofd.
En zo cynisch ben ik zelf dan weer niet - of nou ja, in ieder geval niet als het op die onderwerpen aankomt. Soms vond ik het dan ook best wel even doorbijten om me door die ellenlange zwartkijkerij te worstelen. Javier Marías’ schrijfstijl vond ik bijzonder prettig, maar toch vond ik het bij tijd en wijle wat te veel van het goede. Dat zal mijn lichte aversie jegens dikke boeken ook wel zijn. Wat mij betreft kon die hele verhandeling over Balzac en Dumas gerust worden geschrapt. Of nou ja, het gaf wel een leuk méta-laagje aan de roman, dus helemaal schrappen hoeft van mij ook weer niet, maar inkorten had het boek, naar mijn idee, zeker wel goed gedaan.
Wat er gebeurde is van minder belang. Het is een roman en wat er in romans gebeurt doet er niet toe en wordt vergeten zodra je ze uit hebt.

Verder hadden die verhandelingen over Balzac en Dumas ook iets ironisch: Marías beschimpt namelijk aan het begin en aan het einde op hilarische wijze het moderne literaire wereldje, dat zo “pretentieus” is. Nou, dat gedweep in dit boek met Balzac en Dumas kun je ook best pretentieus noemen. Overigens verder niets dan lof voor die geweldige satire op het literaire wereldje, hoor. Om die passage in het begin met Garay Fontina heb ik hardop gelachen.

De figuur Garay Fontina is overigens ook een soort voorbode voor het spel met namen dat Marías in deze roman speelt: Garay Fontina wil namelijk absoluut voluit genoemd worden:
’Maar meneer Garay…’
‘Garay Fontina, liefje, dat heb ik al zo vaak gezegd; Garay zonder meer is bijna wie dan ook, in Baskenland, in Mexico en in Argentinië. Het zou zelfs een voetballer kunnen zijn.’ Hij drong daar zo op aan dat ik ervan overtuigd was dat de tweede achternaam een verzinsel was (...).’
Verder wil María in de roman niet over haar minnaar denken of schrijven bij zijn voornaam Javier: ze noemt hem dan ook bijna altijd Díaz-Varela. Bovendien noemt Javier Díaz-Varela zijn “handlanger” ook niet bij zijn voornaam maar steevast bij zijn achternaam Ruibérriz.
María(s) schrijft over namen in de roman nog het volgende:
Waarschijnlijk was hij (=Ruibérriz) ook een slachtoffer van Díaz-Varela, die ik in gedachten al steeds minder bij zijn zo vaak uitgesproken en ingefluisterde voornaam noemde, maar bij zijn achternaam. Dat is ook kinderlijk, maar het helpt om afstand te nemen van degenen die je hebt bemind.
Zo gaat het spel met namen in deze roman dus over afstand en zelfbescherming en zijn de verhoudingen tussen de personages over wie María(s) schrijft al in de taal besloten.
Bovendien dragen natuurlijk ook de namen Javier en María speciale betekenis: het zal niet toevallig zijn dat Javier Marías deze namen aan zo’n beetje de twee belangrijkste personages gegeven heeft. Misschien gaat het inderdaad om een gesprek tussen het hoofd en hart van de auteur, zoals Pythia al oppert?

Het was leuk en boeiend om een keer een roman als deze gelezen te hebben, maar ik denk niet dat de ideeënroman een vorm is die mijn voorkeur heeft. Liever lees ik een roman die impliciet bepaalde vragen stelt, in plaats van een boek waarin de personages expliciet uitgebreid nadenken over zaken en deze vraagstukken helemaal uitpluizen in ellenlange essays. Ik geef dan toch de voorkeur aan bijvoorbeeld een vondst als die vijf kranten die elkaar tegenspreken: zo stel je impliciete vragen. Dat vind ik persoonlijk sterker dan een gedachtestroom over waarachtigheid.
Het is zeker een boek dat ontzettend knap in elkaar steekt, maar waar ik eigenlijk niet zo veel bij voelde: het komt allemaal heel erg via het hoofd binnen. Liever heb ik dan een boek met een betere balans.
Uiteindelijk heb ik toch wel plezier aan het boek gehad (bijvoorbeeld nu ik dit schrijf) en kan ik er wel een naar boven afgeronde vier aan kwijt, maar de ideeënroman zal niet zo snel mijn favoriete vorm worden, denk ik.