menu

Hier kun je zien welke berichten andreas als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Abbés - Pierre Michon (2002)

Alternatieve titel: Abten

4,0
Pierre Michons verhalenbundels “Mythologies d’hiver” en “Abbés” zijn in de Nederlands vertaling gebundeld in een boek getiteld “Vuur van Brigid, en andere wintermythen” (2005, Uitgeverij G.A. van Oorschot, Amsterdam). De samenstelling ligt voor de hand, gezien alle verhalen zich afspelen binnen een historisch kader.

In "Abbés" vinden we drie los met elkaar verweven verhalen. Vorm, inhoud en stijl zijn hecht met elkaar verweven en geven in synergie aanleiding tot een heel speciale, donkere sfeer. Om bij een haardvuur te lezen als het vriest buiten...

Ajtó, Az - Magda Szabó (1987)

Alternatieve titel: De Deur

2,0
Een boek in toon en stijl geschreven voor de middelmatige lezer, op een ergerlijke manier zwaarwichtig en sentimenteel. Wat op zich een interessant portret zou kunnen zijn van een vrouw die zich door haar tragische levensloop heeft afgeschermd van de liefde, en die daaraan toch plots wordt blootgesteld, ontaardt in een smakeloos groteske finale. Elke fijngevoeligheid ontbreekt in het tranendal van een pathetische heiligverklaring. Dat er op inexpliciete wijze een stuk Hongaarse geschiedenis in het boek vervat zit, verandert niets aan het feit dat dit waardeloze literatuur is.

Alleen Maar Nette Mensen - Robert Vuijsje (2008)

3,5
Het uitgangspunt van "Alleen maar nette mensen" is wel interessant. Het biedt een bijwijlen hilarische schets van een niet zo gekende grootsteedse zwarte subcultuur in contrast met een "elitair" milieu. Al vanaf de eerste bladzijden rekent Vuijsje af met hoe xenofoob iedereen met iedereen omgaat en dat blijft een rode draad doorheen het boek. Daarnaast gaat het over hoe onoverbrugbaar een cultuurverschil kan zijn en hoe hard we onze opvoeding en de omgeving waarin we opgroeien met ons meedragen.

Vuijsje beschrijft dit alles met een klinische taal die maakt dat sommige dingen extra grappig en andere sarcastisch en hard aankomen. Over het algemeen zit er misschien wat teveel ballast in het verhaal, maar daar heeft de lezer geen last van omdat het zo snel leest.

Het grote drama is echter afwezig, er komt geen omwenteling of climax, het geheel blijft vlak en gaat te weinig ergens naartoe. Vuijsje probeert wel turbulentie te brengen op het einde, maar slaagt daar te weinig in. De "filosofie" van het hoofdpersonage over de "intellectuele negerin" komt zelfs belachelijk over: alsof we dat zelf niet hadden afgeleid uit de voorgaande bladzijden...

Ook de stereotypie van de zwarten die hij neerzet is soms problematisch: hoe grotesker de karikatuur, hoe beter de boodschap overkomt en hoe komischer het wordt, maar zo ondergraaft Vuijsje ook de psychologie van zijn eigen hoofdpersonage. Dat personage wordt dan gereduceerd van "vervreemd van zijn eigen cultuur" tot "bezeten door de zwarte cultuur".

Al bij al een goed boek, waarin de elementen om het meer gewicht te geven helaas ontbreken.

Amant, L' - Marguerite Duras (1984)

Alternatieve titel: De Minnaar

4,5
In welke mate L’amant verhaalt over de jeugd van Marguerite Duras interesseert mij niet. De hype die het in Frankrijk teweegbracht, is echter wel gestoeld op zijn onthullend karakter. Autobiografisch lezen kan een meerwaarde bieden bij het overschouwen en analyseren van Duras ander werk, maar ook al benader je dit kleinood puur fictief, het komt sowieso aan als een donderslag.

Je voelt dat het een verhaal geschreven is op afstand, emotioneel en qua plaats en tijd. Duras wekt deze distantie op door de dingen enerzijds registrerend en zonder pathos te beschrijven en anderzijds door een vreemdsoortige korreligheid in haar beelden te leggen, iets quasi impressionistisch. Hiertoe draagt het exotische van Frans Indochina jaren dertig zeker ook bij.

Ondanks de dikte, gaat L’amant over heel veel: versteende gezinnen, ontmenselijkte relaties, seksualiteit, het leven, ondergang… Er spreken zowel noodzaak als berusting uit de beschrijving van het gebeurde, en misschien de kiem van een schrijverschap. De elliptische, gefragmenteerde manier waarmee dit allemaal wordt aangebracht, de poëzie als bindmiddel voor een verhaal in scenes is overweldigend. Ook de opbouw is subliem: toenemende densiteit, begeerte die haar hoogtepunt bereikt, vertrek en op het einde de cirkel die rondgemaakt wordt.

Duras schrijft suggestief en verplicht activerend te lezen. Neem daarbij de psychologische beklemming waar je als lezer in vast zit en je hebt een boek om in één ruk uit te lezen. Je komt er gegarandeerd als een ander mens uit.

Atropa - Tom Lanoye (2008)

Alternatieve titel: De Wraak van de Vrede

5,0
Ik ben het met JJ eens. De theaterbewerking van “Atropa” door Guy Cassiers was mij te statisch; het durfde wel eens slepen. Langs de andere kant is een verstilde voorstelling de enige manier om Lanoyes adembenemend mooie tekst centraal te stellen…

In elk geval, de leeservaring is verpletterend. Uit de voortvloeiende alexandrijnen spreekt een oneindige taalgevoeligheid. De klaagzangen zijn ongenadig hard en brandend actueel. Het geheel is buitengewoon ontroerend. Om koude rillingen van te krijgen.

Avonden, een Winterverhaal, De - Simon van het Reve (1947)

Alternatieve titel: De Avonden

4,5
"Het is niet erg om ongelukkig te zijn, maar hoe moet het een mens te moede zijn als hij weet dat nergens buiten hemzelf schuld is aan te wijzen?"

De avonden is bij momenten een uitzonderlijk grappig boek, op een groteske manier, maar de algemene nasmaak is zeer wrang. "De held van deze geschiedenis" is zonder meer een van de meest mistroostige personages uit de wereldliteratuur. Hij is sociaal vervreemd, liefdeloos en verliest zich in dwangmatigheden en apathie. Het boek is beladen met een benauwende kilheid, een verstikkend cynisme.

Het wonderlijke is dat Reve dit bereikt door een heel afstandelijke, registrerende stijl, zonder ooit beschouwelijk te worden. Dit heeft in het begin een zweem van onwerkelijkheid, maar naargelang het verhaal vordert, leidt deze afstandelijkheid tot een nog naargeestiger beklemming.

Klasse!

Catch-22 - Joseph Heller (1961)

Alternatieve titel: Paragraaf 22

4,0
Het idee om de waanzin van de oorlog aanschouwelijk te maken door de absurde logica in Catch-22 is hoogst origineel. Joseph Heller creëerde een aantal onvergetelijke personages in een door elkaar gehaalde verhaalstructuur. Het geheel is prikkelend en aanstekelijk. Lachen troef!

Naar het einde toe wordt de teneur van het boek donkerder en in de zwaarte is Heller minder glansrijk dan in de lichtheid van het begin. Soms had ik de indruk dat dezelfde basisingrediënten wat teveel werden uitgebuit, maar vervelen doet het eigenlijk nooit...

Voor de humor, de heel eigen sfeer en de vlotte tekst: lezen!

Dubliners - James Joyce (1914)

Alternatieve titel: Dublinezen

4,5
In “Dubliners” schrijft James Joyce enkel essenties neer en de stijl is daar volledig op geënt. Elk verhaal is hypergeconcentreerd. Het is alsof hij een heel leven kan filteren en het tot een cruciale scene herleiden. Die scene is dan lang genoeg om een personage te schetsen en in het kantelmoment schuilt de rest (een heel verleden of een hele toekomst). De diepgang is enorm, zowel op sociaal-kritisch als existentieel vlak. Neem daarbij de extra dimensie die door de tijds- en plaatsgebondenheid ontstaat en je krijgt een weergaloze verhalenbundel. Zeker voor wie nog geen ervaring heeft met kortverhalen zou de kennismaking hiermee verpletterend moeten zijn.

Engelenmaker, De - Stefan Brijs (2005)

3,5
donnie darko schreef:
Eén van de mooiste boeken die ik ooit heb gelezen. Zo een geweldig verhaal met een prachtig einde en een prachtige schrijfstijl.


Beste kerel, naar mijn bescheiden mening overdrijft u.

Ik wil niet ontkennen dat dit een slecht boek is, integendeel. Het leest inderdaad heel vlot en is "aardig" geconstrueerd (ik verlies mij hier bewust niet in supperlatieven gezien de conventie in deze context nooit veraf is). Brijs is daarenboven bijzonder goed gedocumenteerd, zo getuige ik als student geneeskunde...

Echter onderscheidt "De engelenmaker" zich op deze manier nog niet van, ik zeg maar iets, Dan Browns "Da Vinci Code". Beide boeken hebben hun verdiensten, maar mijn punt is dat literatuur zoveel meer kan bieden.

Persoonlijk ben ik pas literair bevredigd als een schrijver impliciet aan zijn stijl verwondering kan opwekken (cfr. bv. Hugo Claus' "Jaar van de kreeft" en Tom Lanoye in de monstertrilogie) of als de stijl quasi volledig ten dienste staat van de inhoud (getuige daarvan "Tirza" van Arnon Grunberg).

Ook inhoudelijk kunnen boeken, los ("De ontdekking van de hemel", Harry Mulisch) of immanent ("Tirza" opnieuw) aan het verhaal, een meerwaarde bieden. Dit is precies wat "De engelenmaker" in mijn ogen ontbeert: het aanreiken van een bepaald inzicht.

Dit boek biedt heel aangenaam entertainment, zoveel is zeker, maar van de (voor mij) nodige stilistische en ideële diepgang is het toch wel gespeend.

"CONSUMMATUM EST !"

Fu Mattia Pascal, Il - Luigi Pirandello (1904)

Alternatieve titel: Wijlen Mattia Pascal

3,5
“Wijlen Mattia Pascal” zou de bekendste roman van Nobelprijs winnaar Luigi Pirandello zijn. Hierin peilt hij naar de menselijke identiteit: kunnen we leven zonder maatschappelijke wortels? De welsprekende verteltoon en de humor maken hem tot een prettig boek om te lezen. Het verhaal is bovendien gelardeerd met vaak heel spitsvondige en ironische analyses en naar het einde toe sluipt er nog een tragisch element binnen. Ondanks de gedateerdheid van sommige passages, zeker een lezenswaardig boek!

Gesetz, Das - Thomas Mann (1944)

Alternatieve titel: De Wet

4,0
Subtiel, ironisch en, als je de context kent waarin dit schrijven ontstond, met een krachtig anti-fascistisch statement op het einde.

Groener Gras - Annelies Verbeke (2007)

4,0
Een krachtige bundel kortverhalen!

Stuk voor stuk zijn ze subtiel opgebouwd, met een sterk gevoel voor humor en fantasie. Soms absurd, dan weer geëngageerd. Ontwapenend of triest en steevast met een verrassend einde. Elk personage is scherpzinnige en interessant uitgetekend...

Dit boek stond op de longlist van de Gouden Uil 2008. Heel jammer dat hij de finale selectie niet haalde.

Grote Baggerboek, Het - Ilja Leonard Pfeijffer (2004)

4,0
Het is even schrikken wanneer je begint te lezen in “Het grote baggerboek”. Omwille van de overvloedige scabreuze uitweidingen, zeker, maar vooral ook om het uitzinnig soort Nederlands dat Pfeijffer aanwendt. Het virtuose taalvuurwerk dat in deze roman wordt afgestoken, is verrukkelijk. Even hilarisch als lyrisch, voortdenderend met een delirerende vaart: een “kunstproza” dat al het vulgaire overstijgt. Dit voor het eerste personage, de baggeraar.

Hiertegenover plaatst Pfeijffer een psychiater, die zich heel formeel en plechtstatig uitdrukt. De botsing tussen de stijlen geeft op een hoger niveau de verhouding weer tussen de twee karakters. Achter de taal verbergen zich mensen…

Ook al liggen er ontroering en wijsheid besloten in dit boek, het is zijn opzet als “taalkunstwerk” dat het tot interessante literatuur maakt.

Huis van de Aanrakingen - Peter Verhelst (2010)

3,5
Met Huis van de aanrakingen schreef Peter Verhelst een roman in het genre van zijn tien jaar geleden verschenen Tongkat. Het nieuwe boek is echter in verschillende opzichten minder geslaagd.

We vinden nog wel de zintuiglijke, suggestieve (puzzelende) en sprookjesachtige manier van vertellen, maar de coherentie is zoek. In Tongkat krijgt de aandachtige lezer het gevoel dat alles minutieus gecomponeerd is: de verhalen grijpen in elkaar via onderhuidse verwijzingen en een dwingende overkoepelende thematiek. In Huis van de aanrakingen is alles veel vrijblijvender en thematisch bevinden we ons op meer etherische domeinen.

Enerzijds is de roman soms te vaag, anderzijds te informatief, waardoor je het geïrriteerde gevoel krijgt dat Verhelst op een te weinig welomlijnde manier toch alomvattend wil zijn. Problematisch hierbij is ook de soms vervaarlijke overhelling naar de New Age. Waarom de bordenspelen, lange uitweidingen over oosterse religies, de pseudofilosofische tussenvoegsels, de wetten van Newton, de kalligrafie,...?

Wat blijft is echter de sterk idiomatische manier van schrijven. Het wendbaar gebruik van de taal, het specifiek vocabulaire, de barokke beeldspraak: het zijn enkele elementen die van Peter Verhelst een unieke stem in de Nederlandse letteren maken. Met louter flitsen hiervan krijg je echter niet noodzakelijk een goed boek.

Krejtserova Sonata - Lev Tolstoj (1890)

Alternatieve titel: De Kreutzersonate

4,0
“Als ik een jonge man de lust in de vrouw zou willen benemen, dan zou ik hem daartoe niet in een ziekenhuis voor syphilitici brengen, maar hem in mijn eigen ziel laten blikken, hem de duivels laten zien die mijn ziel verscheurden.”

Dit is wat het hoofdpersonage van deze novelle verteld naar aanleiding van diens relaas over zijn dramatisch huwelijksleven. En zo moet dit gehele werkje opgevat worden: als een heftig pamflet tegen het huwelijk, het “op een zedeloze manier samenleven van man en vrouw”. Het eerste deel is een bijna woedende polemiek en daarna komt het exemplarisch verhaal uit de praktijk.

Volgens Tolstoj bestaat de liefde niet, enkel de drift. Hij fulmineert tegen de (veralgemeende) mannelijke losbandigheid, de vrouwelijke behaagzucht en de wetenschap die het bevredigen van de menselijke drift als natuurlijk ziet. Het huwelijk is een anomalie die vroeg of laat uitdraait op bedrog of dwang, de hel om samen te leven nadat de “liefde” voorbij is. Enkel scheiding of (zelf)moord biedt soelaas.
Op een bepaald punt concludeert ons personage dat “vleselijke hartstocht de volmaking van de mensheid in de weg staat”. De oplossing is seksuele onthouding, “het aanzien van de maagdelijke staat als de hoogst menselijke”.

Je kan alleen maar lachen als je zoiets leest, maar het verhaal dat Tolstoj daarna verweeft met deze “theorie” is wel heel menselijk. En hij schrijft mooie dingen over de muziek, die als een transcendent personage een scharnier- (schuld) functie vervult, want “het intieme contact tussen twee mensen die zich aan de edelste kunst wijden is een belangrijke oorzaak van overspel”. De band van de muziek tussen twee personen zou de verfijnste van alle zinnelijke gevoelens zijn...

De vertelling is heel nauwgezet opgebouwd en in balans met de stijl. Neem daarbij het aangrijpend einde en je krijgt toch wel een goed boek.

Mefisto for Ever - Tom Lanoye (2006)

3,5
JJ_D schreef:
Lanoye laat zijn personages theater spelen binnen theater, en de grote kracht schuilt in de verwerking van meesterwerken van Shakespeare, Tsjechov en Goethe. Wie de werken niet kent mist hoe dan ook al een gedeelte van de kracht.

Literair heeft Lanoye er echter weer een festijn van gemaakt. Moeiteloos laat hij spontane dialogen overvloeien in stukken authentiek theater.

Lanoye verwerkt inderdaad fragmenten uit verschillende klassieke teksten binnen een eigen stuk. Je zou kunnen zeggen dat hij ze "toepast" en gebruikt om de emotie van personages vorm te geven Hij doet dat op een heel intelligente manier, wat veel respect afdwingt.

Het heeft mij echter niet altijd kunnen prikkelen en wel om twee redenen. Zonder achtergrondkennis van de klassiekers is het moeilijk om de intrinsieke lading van een fragment te schatten, los van de spanning die het krijgt in zijn nieuwe context. Ten tweede werkt deze manier van doen soms vermoeiend. Je krijgt verschillende stijlen door elkaar, die een ander soort lezen en inleven vereisen. Hierdoor wordt het ritme wat gebroken.

Het geheel heeft dus het aspect van een collage, die bij momenten heel verrijkend werkt. De afwezigheid van een vloeiende uniforme stijl, zoals we die vinden in Lanoyes "Atropa", maakt dit stuk voor mij minder krachtig.

Melodien oder Nachträge zum Quecksilbernen Zeitalter - Helmut Krausser (1993)

Alternatieve titel: Melodieën of Aanvullingen op het Kwikzilveren Tijdperk

3,0
Helmut Krausser zegt inderdaad mooie dingen over muziek en de historische stukken in deze roman spreken wel tot de verbeelding. Het deel over Castiglio in het begin van het boek steekt er wat dat betreft bovenuit.

De verhaallijn in het nu (die de aanleiding vormt voor het historische) blijft echter vlak en ongeloofwaardig. Het semi-thrilleraspect werkt niet en bovendien zijn sommige “bespiegelingen” van het hoofdpersonage ronduit ergerlijk. Ook verliest Krausser zich wel eens in overdreven beschrijvingen waardoor hij de teugels lijkt te verliezen.

Een beter redacteur had de ballast uit dit boek kunnen weren en het op die manier tot een aangenamere leeservaring kunnen maken.

Moon Palace - Paul Auster (1989)

Alternatieve titel: Maanpaleis

3,5
Akkoord, Paul Auster is een goed verteller, maar ik vind zijn stijl te weinig prikkelend. Ook inhoudelijk kon het boek mij niet volledig bekoren; het legt weinig gewicht in de schaal.

De veelheid aan motieven die het verhaal bijeen houden, liggen er vaak nogal dik op. Ik lees het graag wat subtieler allemaal. Sommige stukken zijn er daarenboven nogal bijgesleurd, waardoor het ritme (overigens de sterkte van dit boek) gebroken wordt.

Ik had hier meer van verwacht.

Mythologies d'Hiver - Pierre Michon (1997)

Alternatieve titel: Wintermythen

3,5
Pierre Michons verhalenbundels “Mythologies d’hiver” en “Abbés” zijn in de Nederlands vertaling gebundeld in een boek getiteld “Vuur van Brigid, en andere wintermythen” (2005, Uitgeverij G.A. van Oorschot, Amsterdam). De samenstelling ligt voor de hand, gezien alle verhalen zich afspelen binnen een historisch kader.

“Wintermythen” is onderverdeeld in “Drie wonderen in Ierland” en “Negen keer over de Causse”. Vooral de verhalen uit het tweede deel zijn heel kort, vaak niet meer dan drie bladzijden lang. Michon berijpt de kunst van het kortverhaal en presenteert haar in heel compacte vorm aan de lezer.

Zijn stijl heeft hij aangepast: bondiger, droger, weinig verheven. Minder leesplezier dus, zeker in vergelijking met Michons meesterwerk “Vies minuscules”.

Nachtzug nach Lissabon - Pascal Mercier (2004)

Alternatieve titel: Nachttrein naar Lissabon

4,0
Twee inhoudelijk verwante en intrigerende motto's luiden "Nachttrein naar Lissabon" in: een van Michel de Montaigne en een van Fernando Pessoa. Het is vooral deze laatste dichter die dit boek lijkt te hebben bezield. Niet alleen met zijn diepe genegenheid en melancholie voor Portugal en meer bepaald Lissabon, maar ook in de incarnatie van het latent hoofdpersonage Amadeu de Prado. Deze laatste onderwerpt zichzelf immers ook aan genadeloze zelfreflectie, schrijft zijn bespiegelingen neer op losse vellen die na zijn dood worden teruggevonden in een kist en inspireert hiermee latere generaties. Darenboven wordt er ook expliciet gerefereerd naar "Het boek der rusteloosheid".

"Nachttrein..." is opgebouwd rond een speurtocht naar het leven van Prado aan de hand van fragmenten uit diens aantekeningen en verschillende getuigenissen. Langzaam wordt zijn leven ontrafeld, wat interessant blijft tot op het einde. De afwezigheid van een expliciete ontknoping hierin kan voor sommige lezers echter bevreemdend overkomen. Het personage dat de speurtocht onderneemt, Gregorius, is minder interessant en goed uitgewerkt. Het verhaal in het verhaal is duidelijk slechts een aanleiding: de manier waarop Pascal Mercier interessante dingen over het leven -psychologie en existentie- vertelt. Het is dit filosofisch aspect dat het boek uittilt boven de middelmaat. Soms wordt Mercier een tikkeltje pedant, maar die momenten zijn gelukkig schaars.

In vier opzichten is "Nachttrein" niet vrij van ambivalentie. Pascal Mercier lijkt geïnspireerd door Portugal en Lissabon, maar hij trekt al te opvallend de kaart van Pessoa. Het is een boeiende filosofische roman, maar hij is niet vrij van clichés: de beroemde schaakpartijen, de Goldbergvariaties, de steevast overvolle boekenkasten,... Het boek is een pleidooi voor taalsensitiviteit, voor de kracht van woorden, voor poëzie, maar Mercier zelf heeft een heel conventionele stijl, hij heeft geen origineel geluid als schrijver. Ten slotte wordt er geschreven over uitdagende psychologische onderwerpen, maar het hoofdpersonage Gregorius blijkt niet altijd geloofwaardig en zijn handelen is niet altijd even subtiel of gelaagd.

Ergerlijk zijn soms het overvloedig gebruik van herhaling en de al te nadrukkelijke passages. Het ligt er soms te dik op wat Mercier wil zeggen. De kunst van groot schrijverschap is dat allemaal te suggereren en te doen "kloppen", zonder dat het personage zijn raffinement verliest. Anderzijds is "Nachttrein" lezen soms een zelfgenoegzame bezigheid: je kan het boek zien als een ode aan de lezende mens. Ook om de passie voor de Portugese taal en geschiedenis en de existentiële bespiegelingen waarmee het verhaal is gelardeerd, is dit zeker een aanbevelenswaardig boek.

Kortom, soms wringt het wat, maar de mindere dingen neem je erbij en worden uiteindelijk gecompenseerd.

Nemureru Bijo - Yasunari Kawabata (1961)

Alternatieve titel: De Schone Slaapsters

4,0
Mooi boek in verschillende opzichten. De stijl is heel naturel. en beschrijvend en heeft een sterke beeldende kracht. Aangezien quasi alles zich in het hoofd van "de oude heer Eguchi" afspeelt, krijgt het verhaal een bijzondere "inwendige concentratie". Behalve de kamer van de schone slaapsters, is de externe wereld veraf. Het geheel heeft daarenboven een sublieme tijdloosheid over zich. De evolutie van ongedwongenheid en idylle naar het grauwere, met doodsgedachten gelardeerde einde verleent het boek vaart. De erotische en voor Westerse lezers ook exotische sfeer maken deze Kawabata tot een extra leesplezier.

Nenhum Olhar - José Luis Peixoto (2000)

Alternatieve titel: De Blik

5,0
Dit boek moet je lezen omwille van de magie van de taal. De heel wervelende, organische stijl met zijn sterke poëtische kracht, waarin weemoedige tinten overheersen, speelt direct in op het gevoel.

Een ijzersterk debuut en terechte winnaar van de José Saramago-prijs...

Nietzsche in Turin: An Intimate Biography - Lesley Chamberlain (1996)

Alternatieve titel: Nietschze in Turijn: Een Intieme Biografie

4,0
Soms wat chaotisch geschreven, maar wel met een toewijding en kennis van zaken. Chaotisch want de stijl is vaak weinig uniform (van romanesk tot uitgesproken non-fictief) en qua ideeën springt de schrijfster soms van de hak op de tak. Echter blijkt de auteur haar stof duidelijk te beheersen. Ze schetst aan de hand van zijn boeken en brieven een interessant psychologisch portret van de figuur Nietzsche. Als inleiding kan dit zeker tellen, want het was Nietzsche zelf die zei dat er geen filosofieën zijn, enkel filosofen! Dit boek legt dus op een niet-zwaarwichtige manier een gezonde basis van waaruit een meer analytische benadering van Nietzsches werk kan volgen.

Oeuvre au Noir, L' - Marguerite Yourcenar (1968)

Alternatieve titel: Het Hermetisch Zwart

4,0
Heel gedocumenteerd relaas over het 16e eeuwse Europa, waarin het passionele relaas van uomo universalis Zeno het middelpunt vormt. Niet alleen interessant in informatief opzicht, maar ook heel existentieel te lezen; dit alles in een overstijgende stijl en met een sombere geladenheid die doet denken aan Dürers Melencolia...

Rimbaud le Fils - Pierre Michon (1991)

Alternatieve titel: Rimbaud de Zoon

4,0
Prachtige tekst, maar sommige passages blijken hermetisch als je niet thuis bent in het leven van Rimbaud, diens werk en in het algemeen de geschiedenis van de Franse poëzie. Om de adembenemende taalkunst van Michon optimaal te savoureren, verwijs ik graag naar "Vies minuscules"...

Rouge et le Noir, Le - Stendhal (1830)

Alternatieve titel: Het Rood en het Zwart

4,5
Stendhal is in literair opzicht geen kind van zijn tijd, lees: van de romantiek. Zijn stijl is heel sober en spontaan, elke gekunsteldheid wordt vermeden. Dit doorgedreven “classicisme” staat in schril contrast met de pathetische toon van zijn tijdgenoten. Vorm is dus ondergeschikt aan idee en het is Stendhal hierbij vooral te doen om maatschappijkritiek. De verhaalelementen zijn welliswaar romantisch (liefde, passie, avontuur), het is de satirische visie ten aanzien van zijn tijd dat “Het rood en het zwart” zo bijzonder maakt. De spitse ironie en nuchtere psychologische dissectie zorgen voor vaak hartverlichtende humor. Daarenboven geeft het mooi gefraseerde bildungsaspect de roman nog meer diepte en kracht. Eén van die klassieken die je moet gelezen hebben!

Tongkat - Peter Verhelst (1999)

Alternatieve titel: Tongkat, een Verhalenbordeel

5,0
Deze Gouden Uil-winnaar (2000) behoort tot de boeken die je met verstomming slaan. Boeken met zinnen die een roes opwekken en je laten geloven dat lezen een gradatie is van beleven.

De taal is hallucinant, in de betekenis dat ze je zintuigen overdondert. Ze is muziek, maar evengoed een extatisch schilderij. Ze is ritmisch en met gevoel voor frasering gecomponeerd, maar ook heel visueel, plastisch, overvloedig, zinderend.

De vorm is die van een bundel verhalen die samen een roman construeren. Op onchronologische wijze, vanuit verschillende perspectieven. Het idee wordt opgeroepen van een variatiereeks: uit de stenen die elke variatie aanreikt, bouwt de lezer het thema. Een indirecte, suggestieve manier van vertellen. Fragmentarisch ook, doch één geheel: de plaatsing van de stukken lijkt perfect.

Om de coherentie te verheffen, bedient Verhelst zich van metaforen als leidmotieven die moduleren naargelang het personage. Ze lijken op het niveau van de taal het verhaal te becommentariëren.

Wat nu met de inhoud? Een fantastische wereld wordt opgeroepen die door zijn plaats- en tijdloosheid extra mysterieus aanvoelt. Ideëel is "Tongkat" een sterk boek en hard, niet mild voor de mensheid, cynisch. Zonder dat het er dik op ligt, zijn psycho-filosofische aspecten verweven met het ontroerend en spannend basisschema. Er is sprake van revolutie, oorlog, terreur en daarbinnen eros en thanatos: AMORT!

Vorm, taal en inhoud versterken elkaar dus tot een overstijgend geheel waar slechts het woord kunst van op toepassing blijft.