menu

Via deze pagina blijf je op de hoogte van recente stemmen, meningen en recensies van Theunis. Standaard zie je de activiteiten in de huidige en vorige maand. Je kunt ook voor een van de volgende perioden kiezen: januari 2018, februari 2018, maart 2018, april 2018, mei 2018, juni 2018, juli 2018, augustus 2018, september 2018, oktober 2018, november 2018, december 2018, januari 2019, februari 2019, maart 2019, april 2019, mei 2019, juni 2019, juli 2019, augustus 2019, september 2019, oktober 2019, november 2019, december 2019

Dit Was het Nieuws Niet. Grote Verhalen Die het Journaal Nooit Halen - Rob Wijnberg e.a. (2018) 4,0

afgelopen zondag om 15:31 uur

stem geplaatst

» details  

Grote Verwachtingen: In Europa, 1999-2019 - Geert Mak (2019) 4,5

afgelopen donderdag om 10:34 uur

Tijd is de vriend en de vijand van de historicus. Vanuit de overzichtelijke zetel van het heden is al datgene wat in het verre verleden gebeurde een gegeven. Verbindingen dienen zich aan, oorzaak en gevolg vloeien in elkaar over en decennialange vraagstukken hebben in een paar pagina’s een antwoord gevonden. Hoe dichter echter de tijd de historicus nadert, hoe troebeler het zicht. Feiten en gebeurtenissen laten zich nog soepel beschrijven, maar consequenties zijn steeds moeilijk te overzien. Geert Mak zelf weet dit maar al te goed. Al vroeg in het boek beschrijft hij over de slimme geschiedenisstudent uit 2069 die over onze tijd zal gaan schrijven. Hij zou zo graag meekijken met hem. Wat schrijft hij over de tijd van nu? We ondergaan onze tijd, we doen wat we doen en de toekomst zal haar oordeel over ons vellen.

De voorganger op deze In Europa eindigde hoopvol, optimistisch. Het ging overal goed. Er lag een nieuwe eeuw vol voorspoed voor ons. We konden eindelijk afscheid nemen van de treurnis van de 20e eeuw. Slechts sporadisch werd er over het klimaat gesproken, mensen konden niet voorstellen dat ze een mobiele telefoon nodig zouden hebben, om van het terrorisme, de stroom van vluchtelingen en de bankencrisis nog maar te zwijgen. Toch waren de zaadjes al gepland, maar waren het slechts enkelingen die iets konden vermoeden van wat komen zou. En dan is het toch de overzichtelijke blik van de historicus die het heden kan verklaren en misschien is dat wel het rijke van dit boek. Het beslaat de periode van 1999 tot nu, 2019. Natuurlijk slechts een zucht in de lange geschiedenis die Europa rijk is, maar het is een belangrijke zucht, een diepe ademhaling. Onze wereld is drastisch aan het veranderen, het zijn interessante tijden waar die geschiedenisstudent zich in 2069 met zekerheid zal gaan buigen. Geert Mak wil hem op weg helpen, wil hem, door het schrijven van dit boek, een inkijkje geven in het Europa van nu en van de afgelopen twintig jaar en hij hoop daarmee ons ook te helpen om zicht te krijgen op de tijd waarin we leven, om enige orde in de chaos te scheppen.

Mak begint met het leggen van verbindingen van verleden naar heden, hoe de Tweede Wereldoorlog generaties heeft beïnvloed, hoe Amerika generaties heeft gefascineerd, hoe de vrije markt ons politieke denken infiltreerde om al snel te belanden bij die historische 11e september. Zoals in het vorige In Europa laat Geert Mak ook nu Europeanen hun verhaal vertellen. Dat werkt opnieuw goed omdat gebeurtenissen van wereldbelang opeens zichtbaar worden in de kleine levens van mensen. Zo schrijft de Deen Aydin, Iraniër van oorsprong, dat kinderen na 9/11 niet meer naar etnische afkomst keken. “Geen Pakistani, geen Iraniërs, geen Irakezen, nee: we zijn moslims”. De Irak oorlog volgde en dan is er de blik van de historicus: “De Irakese inval van 2003 was tot op zekere hoogte te vergelijken met de onbezonnen Russisch-Japanse oorlog van 1904. Een eeuw later viel het Westen opnieuw van een voetstuk, vanaf grote hoogte, met alle gevolgen van dien.” Nieuwe termen ontstonden, ook in Nederland: “’krachtig’, ‘ferm’, ‘eigen’ tegenover ‘week’, ‘soft’, ‘politiek correct’ en ‘multicultureel’. Handelaars in angst grepen hun kans”. Mak deed het denken aan Heinrich Böll die schreef over oude en beladen etiketten uit de jaren dertig. Hoeveel zijn we in een eeuw opgeschoten, vraag je je als lezer af.

Mak gaat meerdere landen en thema’s af. Hij zoomt in op de vluchtelingen- en de bankencrisis, op Oost Europa, Rusland, Duitsland, Groot Brittannië met haar Brexit. Verschillen inzichten verhelderen huidige strubbelingen. Een kleine greep:

“Vanuit het Westen werd de val van de Muur vooral gezien als overwinning van het liberalisme, als ‘the end of history’. Voor veel Europeanen in het voormalige Oostblok – met name Polen en Hongaren – was de ineenstorting van het Sovjet-imperium echter in de eerste plaats een nationalistisch feest, een nieuw begin voor duizend en één nationale ambities. Vergeet niet, veel Midden-Europese landen leefden tot 1918 onder het Oostenrijks-Hongaarse Rijk of onder de Ottomanen, daarna onder het nazi-imperium, na de Tweede Wereldoorlog onder de Sovjets.” Mak schrijft niet voor niets dat we niet moeten vergeten, want is dat niet wat er gebeurd? Vergeten we niet te veel? Is dan gek dat ze niet opnieuw ingekaderd willen worden?

Mak zoomt in op de vluchtelingen, laat de duizelingwekkende aantallen van doden zien en maakt ze mens, geeft ze namen, leeftijden en reden van dood en je vraagt je af hoe die geschiedenisstudent oordeelt over de huidige generatie die dit heeft laten gebeuren.

En dan de Brexit. Hoe kijkt Europa naar de Britten en andersom en hoe was dit vanuit een historisch oogpunt? “De Britten beschouwden zichzelf sinds 1945 (…) als overwinnaars. (…) Dit soort triomfantelijke gevoelens kende de rest van Europa nauwelijks. De oprichting van de EU werd daar gezien als een belangrijk onderdeel van een vredes- en verzoeningsproces. (…) Voor het Verenigd Koninkrijk was de EU vooral een handelsblok met een verguld randje, gevoelsmatig bleven de Britten er altijd met één been buiten.” Natuurlijk, er zijn meer aspecten die van belang zijn, maar is vanuit dit oogpunt een Brexit nog wel zo onbegrijpelijk? En in hoeverre gaat het in de huidige loopgravendiscussies aan de overkant van het Kanaal over deze gevoelens?

De bankencrisis wordt natuurlijk ook behandeld. Hoe is het gekomen dat we de grote verantwoordelijkheid van bedrijven van doorslaggevend belang voor ons welzijn in de handen hebben kunnen geven van narcistische, op winst beluste managers? Komt Trump dan helemaal uit de lucht vallen? Als je moet constateren dat in Nederland het aantal zelfdodingen na 2008 van negen naar elf per honderdduizend inwoners is gestegen en als ook in andere landen vanaf 2008 het aantal zelfmoorden met duizenden is gestegen, is het niet ondenkbaar dat de crisis hier een grote rol in heeft gespeeld. “Het was een van de psychologische gevolgen van het neoliberalisme: in het geweld van de vrije markt werd het leven van een mens klein en futiel. En die gevoelens konden vaak worden samengevat in een paar woorden: ‘Laten we naar huis gaan. Naar huis, terug naar de goede dagen van weleer.’ Naar iedere leider die beloofde zijn kiezers naar huis te brengen werd graag geluisterd. Alleen bestond dat huis nergens meer.” Als je dan verderop moet lezen dat er uiteindelijk niet veel is veranderd, dat een nieuwe crisis niet uit te sluiten is, dan vraag je je af hoe lang het nog moet duren voordat de vrije markt definitief bankroet raakt. “Door bij de bankencrisis de schuldenlast behendig te verschuiven naar belastingbetalers werd een kwestie uit de private sector opeens een publieke zaak, en dat niet alleen: ze werd daarmee ook nog eens in allerlei nationale keurslijven geperst. (…) De oude geesten, na 1945 met zoveel moeite weggeduwd, waren weer helemaal terug.” Slik.

Mak schrijft vernietigend over bestuurlijk Europa en verwijt de politici een “westerse blindheid”. “Iedere natie is een historisch product, een ‘verbeelde gemeenschap’ van talloze herinneringen en verhalen, een lotsverbondenheid van gedeelde ervaringen, generatie na generatie, een solidariteit door de tijd heen.” Hoe vaak is daar rekening mee gehouden in Europese regelgeving? De vraag stellen is het beantwoorden. Het verklaart ook, tragisch genoeg, de massale opkomst van het populisme, overal in Europa.

Over de, laat ik het zo maar noemen, waarheidscrisis: “Het is niet meer liegen, het is meer: feiten doen er niet meer toe”. Over hoe Amsterdam, een van de winnaars van de globalisering, kampt met de uithollende gevolgen van de globalisering. “Het cement van de stad begon los te raken, mysterie, verrassing, verbondenheid verdwenen, mijn oude Amsterdam loste langzaam op. E rond het jubelende hart groeiden langzaam ringen van bitterheid.” Mak zoomt in op Friesland, op zijn woonplaats Jorwert om maar aan te tonen dat overal, tot in de diepste krochten van de provincie, het systeem zich lijkt op te dringen vergetend waar het werkelijk over gaat. Leeuwarden werd culturele hoofdstad van Europa, maar voor een inbreng van de Friezen was weinig ruimte. Pas toen het programma niet rond kwam, kwamen de Friezen in actie. Nu vooral vanuit eigen beweging, iets waar het eerder aan ontbrak.

Aan het einde van de boek blijven vooral veel vragen over. Hoe nu verder? Met het klimaat? Met het neoliberalisme? De EU? Het zijn vragen die we met elkaar moeten beantwoorden en waar veel scenario’s mogelijk zijn. De geschiedenisstudent uit 1969 zal met antwoorden komen. Geert Mak heeft zijn werk gedaan. “Zo ligt Europa er nu bij. (…) “Het wordt (…) de hoogste tijd om afscheid te nemen. Vanaf nu weet u, lezer, meer dan ik.” Dan sluit hij passend af, in Boedapest, met een cognacje, proostend op de toekomst. De historicus is weer in het heden beland en moet de tijd afwachten, leven met het onzekere heden. Hij laat mij, de lezer achter. Vanaf nu, weet ik meer dan hij. En ik vraag peinzend af wat het is dat ik nu weet.

» details   » naar bericht  » reageer  

Hoe Gaan We Dit Uitleggen: Onze Toekomst op een Steeds Warmere Aarde - Jelmer Mommers (2019) 4,0

9 november, 13:25 uur

Gebeurtenissen van historische betekenis en van buitengewoon belang voor de mensheid, of het nou immense rampen zijn of taferelen van uitzonderlijk geluk, komen zelden uit het niets. Zelden komen ze onaangekondigd. Er is altijd wel iemand die het noodlot ziet aankomen, iemand met een vooruitziende blik, iemand die de signalen oppikt. Het vervelende is dat we, als mensheid, diegene vaak pas naderhand kunnen aanwijzen. Of misschien treffender: durven aanwijzen. Er zijn voorbeelden te over, de een wezenlijker dan de ander: de kernramp van Chernobyl, de Watersnoodramp, de zaak Armstrong, de opkomst van het nationaal socialisme en de daaropvolgende Holocaust. Pas na afloop, als het kwaad geschied is, kan het hele verhaal geschreven worden, is het opeens duidelijk wie goed was en wie als de geschiedenisboeken ingaat als de schuldige.

In realiteit is het nooit zo simpel om aan te wijzen wie het gelijk aan zijn zijde heeft. In de alledaagse werkelijkheid hangt alles nauw met elkaar samen en rolt het verhaal zich uit door de acties van individuen die de waarheid gezamenlijk bepalen. Karl Ove Knausgård wijdt in Vrouw, zijn laatste boek uit de Mijn Strijd-reeks, bijna driehonderd pagina’s aan het leven van Hitler totdat hij de macht kreeg. Met de wetenschap van nu kunnen we nauwelijks nog objectief kijken naar de jonge man die een monsterlijke Führer zou gaan worden. Maar Knausgård doet een poging en schetst het beeld van een ongelukkige jongeman die in een context leeft waarin er door een ongelukkige samenloop van omstandigheden ruimte ontstaat voor het beest wat hij zou gaan worden. Alleen door hem op deze manier weer menselijk te maken, door haarfijn te kijken naar wat hem tot zijn wandaden dreef, door op deze manier te erkennen dat het in de toekomst weer zou kunnen gebeuren, kunnen we mogelijk een nieuwe tiran voorkomen.

Ook nu is er onrust. Velen konden nauwelijks geloven dat Trump president van de Verenigde Staten zou kunnen worden, zelfs op de dag van de verkiezingen was menigeen ervan overtuigd dat hij nooit zou kunnen winnen. We zijn vergeten te luisteren naar de signalen die er zijn. Geert Mak zei in een interview onlangs dat Trump het slechts het resultaat is van onze eigen fascinatie met narcisme. Oftewel: je kunt de leider niet los zien van de tijdsgeest. Wat heeft dit allemaal met dit boek over klimaatverandering te maken, zul je je afvragen. Wel, alles. Ik zal proberen uit te leggen waarom en daarin begin ik bij mezelf.

Jaren geleden, in 2006, sloeg dankzij Al Gore de ongemakkelijke waarheid bij mij in als een bom. Nooit eerder had ik me zorgen hoeven maken over de opwarming van de Aarde, maar ineens hadden we er een immens probleem bij. Door het fantastische werk van David Attenborough en de BBC is steeds vaker de desastreuze impact van klimaatverandering op de natuur zichtbaar. Inmiddels is klimaatverandering een, vergeef me mijn woorden, hot issue. Je kunt geen krant openslaan, geen nieuwssite openen of je stuit op nieuws over de opwarming van onze Aarde. En, zoals dat gaat bij een veelvoud aan informatie, wordt je je er zo mee om de oren geslagen dat het je bijna verdoofd met als gevolg dat je niet weer waar je moet beginnen als je je erin wilt gaan verdiepen. Daarbij komt dat we in een snelle wereld van oneliners leven, een wereld van likes, feelgood en instant pleasure waar nauwelijks ruimte is óm je echt te verdiepen in een complex onderwerp als ons veranderde klimaat. En dan is er dat inmiddels eeuwenoude, permanente geloof in de Vooruitgang, nu vertegenwoordigd in de kracht van de vrije markt en bovenal in de wetenschap dat we als mens in staat zijn om de natuur naar onze hand te zetten. We zien onszelf hierbij vertegenwoordigd door optimistische politici als Trump die met een positieve boodschap de opwarming van de Aarde zelfs durven en kunnen ontkennen of bagatelliseren. Sterker nog, de wetenschappelijke waarheid staat wereldwijd ter discussie omdat mensen het er gewoon niet mee eens zijn. En ze komen er mee weg! Ik ben vast niet de enige die zich aan de huidige tijdsgeest irriteert, maar ik moest voor het lezen van dit boek erkennen dat ik zelf deelgenoot ben. Ook ik kende de mogelijke gevolgen en de schrijnende situatie onvoldoende.

Het eerste hoofdstuk was daarom ook om depressief van te worden. Ik keek naar mijn onschuldige, spelende kinderen en was me opeens pijnlijk bewust dat zij de zorgeloze tijd waarin hun grootouders en ouders nu nog leven hoogstwaarschijnlijk niet gaan meemaken. Om terug te komen op het begin: Jelmer Mommers zou best eens een van de mensen kunnen zijn die een noodlot zien aankomen. Hij stelt heel duidelijk: we gaan een hittetijd tegemoet. We kunnen alleen de schade nog beperken. Mocht je, doordat stompzinnige politici je nog zand in de ogen hebben gestrooid of dat je je er gewoon nog niet zo in hebt verdiept, nog twijfelen aan klimaatverandering en de noodlottige rol hierin van de mens, dan zul je tijdens het lezen van de eerste hoofdstukken ervaren hoe het is als de grond onder je voeten weg wordt geblazen. Maar het boek staat vol openbaringen waar we ons allen bewust van zouden moeten zijn als we onze planeet willen beschermen. Zo waarschuwden de eerste mensen in 1850 al dat we voorzichtig met de natuur moesten omgaan, dat er een balans is tussen alles wat leeft en dat we daar respect voor zouden moeten hebben. Zo wordt maar weer eens genoemd dat ook de vervuilers al decennia weten hoeveel schade ze aanrichten. Al in de jaren ’60 van de vorige eeuw wisten oliemaatschappijen dat ze schade toebrachten aan het milieu. Mommers toont maar weer eens dat het probleem van CO₂ in de atmosfeer ons eeuwenlang zal blijven achtervolgen. En dan is er nog dit feitje: “Trump (…) heeft een muur van grasbalen laten bouwen aan de rand van zijn Ierse golfbaan. Om het steeds hoger kruipende zeewater tegen te houden. In de bouwaanvraag verwees Trumps golfbedrijf expliciet naar wetenschappelijk studies over de wereldwijde opwarming en stijgende zeespiegel”.

Mommers beschrijft vervolgens twee scenario’s voor de situatie in 2050. Het eerste is een gruwelijk scenario, eentje die angstvallig realistisch overkomt en lijkt op de situatie van nu, maar dan on steroids. “De samenleving onder hoogspanning.” Nee, er zullen zich geen apocalyptische taferelen voordoen. De Aarde zal niet zó snel vergaan. Doomsday zal nog lang niet komen. Wat dan wel? De vluchtelingencrisis van nu is een lachertje bij wat er gaan komen. Zomers zullen er vele doden kunnen vallen door de hitte. Extreme weersomstandigheden van nu zullen ieder jaar intensiveren. Nederland zou een regenseizoen kennen. Vele diersoorten zullen uitsterven. Moet ik nog verder gaan? Maar voordat je je meteen aan je testament begint, Mommers heeft ook een optimistisch scenario geschreven. Hierbij zijn het met name de technologische ontwikkelingen die een rol zullen spelen. Welk scenario is het meest aannemelijk? Dat is Afhankelijk van de keuzes die wij in de komende periode gaan maken.

Waar veel boeken stoppen, bij het inkaderen van het probleem, gaat Mommers door. Hij biedt mogelijke oplossingen. En hij raakt hierbij een aantal sterke punten. Zo spuugt hij op klimaatbeleid dat veelal wordt gevoerd: er zit geen visie achter. “De enige boodschap die we nu voortdurend horen is dat er iets gaan verdwijnen. Niet omdat het leuk is, maar omdat het moet, omdat Nederland anders onder water komt te staan. Dat is geen aantrekkelijk perspectief”, zegt de schrijver. “Dat is wanhoop.” We hebben een nieuw verhaal nodig en een duidelijk “nee” tegen de huidige, gevaarlijke weg. Er zijn volgens Mommers een miljoen goede redenen om te kiezen voor “het groene toekomstverhaal”. Hij schetst er vele en ze klinken heel aannemelijk en bovenal zijn ze positief. Daar ligt een oplossing zodat het politieke speelveld niet kan worden gekaapt door een de ontkenning. Want hoe gemakkelijk is het om te zeggen dat klimaatverandering een leugen is? En hoe fijn is het om dat iemand te horen zeggen? Dan hoef je je opeens geen zorgen meer te maken. Maar dat is niet het eerlijke verhaal. Er is wel een probleem, maar er zijn oplossingen, zegt Mommers. Oplossingen waar iedereen van kan profiteren, ook de grote bedrijven die nu nog in een impasse zitten en afhankelijk zijn van fossiele brandstoffen. Maar Mommers is ook realistisch en schetst duidelijk waarom het voor deze partijen, ook al willen ze graag, lastig is om de transformatie te maken. Ze hebben daarbij overheden nodig en ook consumenten die keuzes maken.

Het boek wordt in stijl afgesloten door af te rekenen met twaalf gangbare misverstanden en onwaarheden die vaak naar voren komen in klimaatdebatten. Een voorbeeld: “Het klimaat verandert altijd, dus de huidige opwarming is niet erg.” Mommers: “Dat is alsof je je auto in de fik steekt en daarna zegt dat de temperatuur van de motor weleens eerder is veranderd.” Bam! Nog eentje dan: “Geld uitgeven aan klimaatbeleid is zonde: wat als het meevalt met die opwarming?” De reactie: “De betere vraag is: wat als het tegenvalt? Dan hebben we geen tweede planeet.” Bam!

Ik kan nog veel meer woorden aan dit boek vuil maken. Laat ik dat niet doen. Misschien ben je al afgehaakt. Was er niet die instant pleasure en nam je genoegen met een snelle like. Laat me de cirkel nog wel even rondmaken. Hoe gaan we dit uitleggen, luidt de titel. Om maar eens voor mezelf antwoord te geven: na het lezen van dit boek moet ik mijn verantwoordelijkheid nemen. Mommers bood daarvoor ook oplossingen (eet minder vlees, bekijk je pensioenfonds kritisch etc.). Maar ook dit: ik ga over dit boek praten, ik schrijf er nu over en ik hoop dat jij hierover leest. Ik blijf me verdiepen, ik blijf luisteren naar diegene die denken dat ze het noodlot zien naderen. Ik wil niet alleen achteraf kunnen verklaren hoe de rampen die zich steeds meer gaan voltrekken hebben kunnen gebeuren. Ik wil doen wat in mijn macht ligt en ik wil zeker geen schuldige zijn. Daarvoor is de Aarde en de toekomst van mensheid mij te kostbaar.

» details   » naar bericht  » reageer  

Friday Black - Nana Kwame Adjei-Brenyah (2018) 3,5

6 november, 21:37 uur

Dat dit boek het nodige stof doet opwaaien kan ik me goed voorstellen. Alle verhalen uit deze bundel schuren tegen de ongemakkelijkheid aan. Het houdt ons, de mens, met wrange doomscenario’s vanuit een onwerkelijke context een spiegel voor: is het werkelijk onvoorspelbaar dat dergelijke situaties zich voor gaan doen?

Je zou zeggen van wel. Als je leest over een real-life game waarin blanke mensen hun racisme kwijt kunnen door zwarte mensen te vermoorden. De zwarte hoofdpersoon kiest er zelf voor om als lijdend voorwerp te kunnen fungeren; het betaalt immers goed. En als je in de gelijknamige titel leest over de gewelddadige dood van de Finkelstein 5 waarin overduidelijk is dat de blanke dader de vijf zwarte tieners met een kettingzaag heeft afgeslacht, maar weg kan komen door het op bescherming van zijn kinderen. Dit is het eerste verhaal in het boek en de openingszin liegt er niet om: “Fela, the headless girl, walked toward Emmanuel.” De grote kracht van het verhaal is dat deze situatie absurd is. Het schept een afstand omdat het niet echt is gebeurd en het zal, mede daarom, voor niemand moeilijk zijn om de krankzinnigheid in te zien. Dit kan toch alleen maar verzonnen zijn? Maar is dat wel zo? Het komt toch angstvallig in de buurt bij beruchte verhalen die, zo lijkt het wel, steeds meer de ronde doen. Ja, het is absurd en nee, het is niet onmogelijk. De schrijver heeft zijn eerste punt gemaakt.

De twee grote thema’s zijn racisme en commercialisering. In het titelverhaal bestormt een bezeten menigte een winkel, op zoek naar afgeprijsde luxe artikelen. We zien vanuit het oogpunt van een ongevoelige, gelaten, ervaren winkelbediende hoe een aantal mensen wordt ondergelopen, vertrapt en hoe hij koelbloedig opmerkt dat er, zoals iedere keer, een aantal doden zullen vallen. Ja, bijna alle verhalen zijn over-the-top, maar ze raken hierdoor wel nagenoeg steeds een gevoelige snaar. Ze zetten je als lezer aan het denken over de vraag waar we met de huidige excessen naar toe zouden kunnen gaan als we het op zijn beloop zouden laten.

Puntje van kritiek: de stijl, de taal die Nana Kwame Adjei-Brenyah gebruikt is weinig verheffend. Ook ben je emotioneel lang niet altijd betrokken bij de hoofdpersonen. De kracht van het boek zit voornamelijk in de (nu nog) buitengewone en toch voor te stellen context die geschetst wordt. Eén verhaal laat een ander beeld zien en springt er qua schrijverschap voor mij uit: The Lion & The Spider. Hierin wordt een vader-zoon relatie beschreven. Een vader die vaak weg is, een zoon die het zonder hem moet oplossen en zelfs zijn rol als kostwinner moet innemen. Op prachtige wijze wordt hier duidelijk hoe sterk een vader-zoon relatie kan zijn.

Al met al een bijzondere, afwisselende bundel die doet wat hij beoogt te doen: het zet aan tot nadenken over wat ons tot mens maakt. Soms is het nodig om de onmenselijkheid uit te vergroten, de werkelijkheid aan te dikken met fictie om te laten zien wat er gaande is en om zo, hopelijk, te voorkomen dat ze zich in werkelijkheid hersteld. Ik ben benieuwd naar het volgende boek van Nana Kwame Adjei-Brenyah.

» details   » naar bericht  » reageer