menu

Boeken / Boekgames / Doorgeefverhaal

zoeken in:
Ik zit nog steeds op die knieën, gehoorzamend aan de wetten van de zwaartekracht en de angst. De zonderling lacht, zijn postuur staat in het portiek, dat omgeven wordt door rood licht en verschroeiende hitte, die zich als een kader van een vergeten meesterwerk rond hem nevelden. Elke seconde knaagt aan mijn hart. Ik sta op en word naar hem toe gezogen.
De wereld liep op scherven, elke stap schaaft mijn voeten en laat ze bloeden tot er zich een denkbeeldige geur van stromend bloed in mijn geheugen nestelt, enkel om me eraan te herinneren dat in luttele seconden de wereld verzengt wordt in deze nacht, een kloppend hart in het portiek, het licht schuurt over de muren, enkele stappen, het bloed huilt, ik sleep me naar hem toe, hij tast zijn borstzak af, de wind trekt aan zijn dure pak terwijl zijn behaarde hand een pakje sigaretten omklemt. Lucifers strijken het doosje, een ontsteking, vlammetjes dansend in zijn palm, ik val vlak voor hem tegen de vlakte, weeral op die arme knieën, zijn sigaret stuwt wolkjes van blauw licht langs de deurstijl en ze verdwijnt tussen die kaken waarin een travestie van oud tandvlees en geelbruine kiezen een sardonische grijns vasthielden. Zijn postuur was nog angstaanjagender nu, zijn longen persen de nicotine naar binnen, met zijn stok geklemd tussen die kaken geeft hij zijn handen en armen vrij spel. Die handen, vergeeld aan de vingertoppen en bezweet aan de palmen drukken zich tegen mijn hoofd, een rochel glijdt door mijn keel en ik voel enkel hoe zijn hartslag zich naar zijn polsen wringt, het hysterische geklop van zijn hart is de dodenmars, zijn pupillen verwijden met elke hartslag, zwart, als een nacht waarop alle sterren zijn gestorven. Hij begint te kermen, mijn hoofd verschroeit, elke ader staat opgespannen, tralies in een hoofd dat werd leeggezogen, zijn handen gloeien en klemmen mijn schedel vast. Het gekerm deed de nacht huilen, de hemel werd opengereten met scheermesjes en regen stort naar beneden in zilveren beken.
Zijn sigaret maakt een neerwaartse beweging en valt in het nat. Plets!
Hij spert zijn muil open…zijn nek komt piepen uit het dure pak en een tatoeage van een rode stier is zichtbaar nu.
“Damocles!!!’ galmde langs de straatstenen en de woorden lieten het café sidderen.

Hij viel op de grond….

Ik voelde een zwakte in mijn pols, mijn hart lag in deuken, oogleden worden gesnoerd door de angst en de pijn. De regen had alle hitte opgeslokt, ik adem : astma-patiënt die een marathon gelopen heeft. Heel mijn lijf schokt en bibbert. Een fietser trapt door het slijkweer en sleept zijn banden over het natte asfalt, de ketting draait en druipt, druppels dwarrelen als parels, ik kon mijn ogen weer openen, naast me was de leegte, de zonderling en de Mercedes waren verdwenen, weggespoeld door de nacht en de regen. Ik was een banneling, alleen, achtergelaten in een gure omgeving, straatlantaarns en muren fluisteren, zij zijn de enige getuigen van dit voorval.
Geplaagd door vraagtekens slenterde ik naar huis, naar het oude appartement, de straat boog als een verlicht samuraïzwaard af naar de grote markt, de klok sloeg twaalven en ik verdween in de nacht. Kleiner met elke klokslag.

Een week later, na een alweer slapeloze nacht telde ik mijn medicamenten op het nachtkastje, ze moeten hem opslokken, hem en die vraagtekens, wegspoelen, verpletteren met zwaard en bijl. De woorden gierden door mijn hoofd ‘Sehensa, Damocles’. De rode stier die zijn nek sierde, ik moest zijn betekenis ontwaren. Op weg naar de apotheek lonkte de verleidelijke klanken van een exotische trompet me, het geluid troonde boven het geroezemoes van een bruine kroeg die werd bevolkt door leeglopers en hoertjes, er werd met kaarten gesmeten aan de tafeltjes, de toog zonk weg onder een rij bierglazen en de muffe geur van mottenbollen hing in de lucht. Een jukebox was de dader, achter een goudgele met zwarte knopjes bezette klankkast zag je hoe plaatjes hun rol vervulden, hun eeuwige tristessa, het verkondigen van ballades en evergreens tot in den treure toe, laat de mensen lachen en huilen, zij zijn van vlees en bloed, wij zijn objecten die niet gezegend zijn met menselijke trekjes. Het was mijn handicap om me het leed van de dingen in te beelden, stomkop rochelde ik, doe toch normaal, waar jij nu aan denkt. Een gozer met schouders die schuin omhoog hellen langs zijn korte nek duwt een stukje nikkel in de machine, vingers tikken tegen de glazen kast en een andere vinger, die afkomstig was van een wulpse deerne die zijn dochter kon zijn, duwt een combinatie in, nr 14. Nr 14 was een ouwe, een golden oldie zoals de mensen die de glorietijd van die plaatjes hebben meegemaakt ze noemen. Ik schud mijn hoofd en bestel me een whisky-cola. Bij nader inzien bestel ik maar een whisky verkeerd, gulzig met de cola, roep ik nog. Boven de toog hingen plaatjes van verre streken, er stonden namen op gekribbeld, ze waren afkomstig van een zekere Herbert, Herbert was op reis geweest, het eten was goed, mooi weer en de wijven zijn geil. Mijn intiem momentje van prentenkijkerij wordt verstoord door een brede hangsnor, het omhulsel was een oude man, lederen jekker en broek, vers van de motor geplukt door de klanken en de gezelligheid van het café. Hij zet zijn te nauwe broek op de kruk en zwiert zijn jas over een andere kruk. Ik giet mijn whisky verkeerd in één slok naar binnen en word verstomd door de aanblik van zijn biceps, onder een lelijke snee, een litteken dat bestond uit twee gekruiste diagonale krassen stond een rode stier, ze was weggelopen uit de arena, klaar om het rode doek te verscheuren, in aanvalspose, ze was vereeuwigd op zijn arm, en op de nek van mijn zonderlinge aanvaller. Ik trok mezelf recht en stap op hem af. Zijn vale oogbollen kleden me haast uit! Ik probeer mijn tong uit de knoop te halen, ik tracht hem te vragen waar die tatou vandaan komt…
En toen……

trok de man een grijns met zijn mond waar bijna geen tanden meer in stonden , en hij vroeg :"wat wil je van me drinken ?"
Op datzelfde moment brak er een enorm onweer los, het meisje schrok van de harde donderslag.
De oude man keek even op naar het meisje om daarna weer zijn blik op mij te werpen , wachtend op mijn antwoord.
"Uhh doe mij nog maar een whisky" stamelde ik.
"Bent U vroeger stierenvechter geweest ?" vroeg ik hem nadat ik een slok uit mijn glas had genomen.

Buiten viel de regen met bakken neer en de jukebox moest alle moeite doen om met zijn geluid boven het lawaai van de storm uit te komen.
Het meisje was ondertussen naar een deur waar toilet op stond gelopen en ging naar binnen.
Een gil , het meisje kwam lijkbleek het toilet uitgerend, een dooie , riep ze, er ligt een dooie in het toilet.
De oude man stond op en liep naar het toilet en keek naar het bijna geheel naakte lichaam van een jonge vrouw , die in een vreemde houding tegen de verwarming lag.

Ondertussen belde ik de politie , die 10 minuten later arriveerde.
De zwaarlijvige inspecteur baande zich een weg door het café en begon met zijn onderzoek.
Uhm deze vrouw is om het leven gebracht door .......

...wurging, en de inspecteur wijst sporadisch met zijn dikke vingers naar de littekens op haar nek, blauwzwarte opgezwollen kringen rond haar hals vertellen een verhaal van nutteloze tegenstand en ondergang. Het gegeven : één dood meisje, leeftijd rond de achttien jaren, studente.
De inspecteur kruipt dichterbij en een grimas op zijn gelaat verried zijn verbazing, haar ogen waren zwart, het leven werd uit haar gezogen, gestolen door duistere demonen. Hier in een doordeweekse café waar de normale bezigheden bestonden uit het verzetten van liters bier en biljartpartijtjes ruimde die sfeer plaats voor de horror die zich afspeelde tussen de muren van het damestoilet. Achter ons kropen de gezichten samen om het spektakel gade te slaan. Ik kijk rond om de waanzin te registreren terwijl de inspecteur in zichzelf begint te vloeken. De wijze waarop het meisje om het leven werd gebracht deed me automatisch denken aan mijn confrontatie met de Mercedesman en de zonderling, natuurlijk zaten zij hierachter, ik telde de mogelijkheden op, ....maar waarom spaarden ze mij? De man met de tatou stapte plots naar buiten. Ik besloot om hem te volgen, voorzichtigheid was geboden, als hij me ziet is het spelletje uit. Ik wandel naar het raam van het café en zie hoe hij een zijstraatje inloopt, dat moment koos ik uit om de zaak te verlaten. Ik hou mijn afstand, de zijweg was een guur steegje waar straathonden en zwervers zich nog niet zouden ophouden. In de verte zie ik hem lopen, hij houdt een snelle pas aan.

Dan opeens, een slag op mijn hoofd, het laatste wat ik zie is hoe de steeg zwart kleurt, het laatste wat ik voel is mijn ademhaling die lijkt te breken.....
Ik werd wakker, ergens in een ...

avatar van Witch-king
kelder, ik was duidelijk gekidnapt. maar om welke reden, Ik weet het niet, als het om geld ging, dan hadden ze de verkeerde, zoveel geld had ik niet. Maar waarom was het dan wel te doen.
Een man kwam een trap af, en kwam naar me toe. Ik wou praten maar merkte dat ik gekneveld was, ook waren mijn handen achter mijn rug gebonden en mijn voeten waren met een of ander touw aan mijn handen vastgebonden, ik lag in ieder geval niet comfortabel. De man deed mijn knevel af, en ik vroeg waarom ik hier ben. De man zei nors: "Ik stel hier de vragen." En vroeg met een sardonische lach of ik fijn lag, hij wist het antwoord al, terwijl ik nee zei. Hij zei: "Je zal wel willen weten waarom je hier ligt, ik wil antwoorden." Ik vroeg: "Ontvoer je daarom mensen, voor antwoorden, dat kon je toch ook wel op straat doen." De man antwoorde daarop: "Dit zijn speciale vragen." Ik gaf me gewonnen en vroeg wat hij wilde weten. De man begon te vragen: "...

"Wat weet je over Sehensa, over 'de orde van de rode stier'?"

...De orde van de rode stier, eindelijk kregen ze een naam op het lijf geplakt. Ik zocht naar mijn ademhaling, naar woorden, de kelder zonk weg in schemerduister en enkel een paar flarden zonlicht drongen door het kelderraam en toverden een schaduwspel van zwarte strepen op de vochtige muren. Forsbollen en stevige kuiten, de man had allures van een bodybuilder, ik gebruikte die associatie om me veiliger te voelen, ik zag hem als de bodybuilder, niet als mijn kidnapper. Ik gebruikte het als een masker, om niet gek te worden.
“…Wel, komt er nog wat van!?” Hij begon zijn geduld te verliezen.
“Sehensa….is toch dat café……”
Meteen schudt hij zijn hoofd, hij draait zich en neemt zijn gsm uit zijn binnenzak. Enkele toetsen drukt hij zuchtend in.

Even later komt er een andere man binnengewandeld, een hybride kerel die het midden koos tussen mens en skelet, en meer weg had van het laatste dan het eerste. Zijn botten drongen door het vlees heen en hij babbelde met een piepstemmetje.

Hij loopt enkele rondjes en duwt zijn priemende blik in mijn richting, een blik die me nog meer vulde met angst dan mogelijk.

Hij knikt naar de bodybuilder “Maak hem maar los…..”

“Wie zijn jullie, maak me los idioten!!!”

Ik schreeuwde harder dan ik aankon. De bodybuilder begint me los te maken terwijl de skeletman een stukje verder naast het kelderraampje staat. Het zonlicht valt op zijn gelaat, dat spierwit was.

“Het spijt me van die onorthodoxe wijze om je hier te krijgen, maar ik neem geen risico’s, en op een andere manier zou je nooit luisteren.”

Ik word verlost uit mijn gevangenschap. Ik had niet de kracht en de wil om recht te krabbelen, dus kroop ik meteen in een hoekje en hoorde ik hoe die piepstem doorraasde.

“De jongen is het wel degelijk……..eindelijk hebben we je gevonden!”
“Hij heeft de aanslag overleeft, dat kan alleen betekenen dat….”
De skeletman onderbreekt de bodybuilder meteen. “Dat is voor later……Kerel, jij gaat ons helpen, stilaan zal ik je vertellen wat er allemaal gaande is.”
Hij haalt een foto uit zijn binnenzak, een hippie met lang haar en een stoppelbaard en op de achterkant staat een adres gekribbeld. Ik bekijk het ding met trillende ogen.
“Breng hem naar hier! Geen geintjes, we houden je in het oog…..Jij gaat luisteren naar ons, samen halen we Sehensa neer!.............Zorg dat hij nog in leven is, als je hem brengt!”

Buiten hoor je het stadslawaai, auto’s die voorbij scheren en wandelaars die zitten te leuteren over het weer en het nieuws…..

“Haal hem een smoking, hij zit morgenavond op dat feestje in het concertgebouw…..”

De bodybuilder trekt me recht. “Dit is wat je moet doen!” Zegt hij…
“Eerst……

gaan we je zo vermommen dat je eigen moeder je niet eens herkend.
Ook krijg je een zendertje bij je.

ondertussen op het politiebureau:
Het onderzoeks team is hard aan het werk om achter de indentificatie van de vrouw te komen, foto's flitsen op het computerscherm.
We weten wie het slachtoffer is het is Myranda Ferguson ze is een tijdje het liefje geweest van Feliciano Spageroni a.k.a. De Mercedesman.
Dat dacht ik al zij de inspecteur "vaardig onmiddelijk een bevel uit dat hij wordt gezocht voor moord"
zijn laatste bekende adres is Rue du Nord 245 in Parijs
Dus schakel ook Interpol maar in.

Het feest is begonnen en ik zit in de loge rechts van het podeum , achter mij zit de bodybuilder en een man met een doktersbrilletje op, die ik nog niet eerder had gezien
maar ik neem aan dat hij ook bij de organisatie hoort.
Net voordat het licht uitgaat zie ik aan de overkant de man die ik op de foto had gezien, ik hoopte alleen dat de twee achter mij hem niet hadden gezien , de boddybuilder bleef zitten maar de man met het brilletje boog zich naar mij toe en fluisterde "Ik heb een spuit met een hartverlammend middel dus doe geen gekke dingen , ik weet dat je Sehensa hebt gezien, probeer hem niet te waarschuwen."

Op het podeum kwamen een aantal schaars geklede dames die de can-can danste
plotsling viel er een schot, ik dook weg maar voor de bodybuilder was het te laat, de kogel kwam precies tussen zijn ogen terecht, hij gleed van zijn stoel en lag roerloos op de grond.
Vrouwen gilden, mannen schreeuwde, iedereen probeerde naar buiten te vluchten, een komplete chaos waarvan ik handig gebruik maakte en wegrende voordat de andere mij de spuit kon toedienen.
Ik kwam buiten en zag Sehensa nog net in een taxi stappen, in de verte hoorde ik de politiesirenes die steeds dichter bij kwamen
Ik ondeed me van de zender en de vermoming en wierp ze in een rioolput.
Ik moest maken dat ik weg kwam en rende in westelijke richting naar......

de grote parking achter het gebouw, er stond een lange rij met glimmende motorfietsen, eentje ervan zou me naar de vrijheid leiden. Binnen brak de hel los, en het zou niet lang duren of de bodybuilder en de gek met zijn doktersbrilletje zouden me komen zoeken. Meteen maak ik me uit de voeten. Alles op een rijtje zetten..ik besloot om naar het adres te gaan dat op de achterkant van de foto stond. Sehensa, wat kan hij me vertellen, ik weet dat hij een café heeft, dat hij gezocht wordt door een bende ongure types, de Mercedesman, zijn kornuiten, en dan die griezel die me bijna vermoord had. Wat heeft Sehensa te maken met hen, en wat is 'de orde van de rode stier?'
Ik besloot al mijn vragen op te lossen, ik hoopte dat Sehensa spoedig naar huis zou keren. In ieder geval, daar ging mijn motortochtje naartoe. Ik zou binnendringen in zijn eigen woning en hem verschalken, hij is de schakel die me verder kan helpen om alles te verklaren, ik wist niet of hij het was die geschoten had.....maar ik was van plan om erachter te komen. Achter me flikkeren de sirenes, politiewagens rijden aan en een groepje flikken loopt naar binnen met het geweer klaar om te vuren. Zochten ze Sehensa misschien?

De motor vertrekt naar het adres : Rue Saint-Claire 243, dat is een half uur rijden, ik zet er meteen vaart achter.

Ik kwam twintig minuten later aan, en meteen viel op dat de lichten uit waren. Sehensa was ofwel afwezig, oftewel wilde hij die indruk wekken. Ik parkeerde de motor een eindje verderop en besloot om het huis zo onopgemerkt mogelijk te benaderen. Uit mijn binnenzak haalde ik een....

Zipp aansteker die ik uit het café had mee genomen , was die misschien van Sehensa ? vroeg ik mezelf af.
Om lawaai te voorkomen mijde ik het grindpad en liep ik via de tuin naar de achterkant van de villa , toen ik bij de glazen schuifpui kwam zag ik het flikkeren van een televisietoestel, ik hield mijn adem in, was er toch iemand aanwezig ?
Toen hoorde ik een gegrom achter me , voorzichtig draaide ik me om en keek recht in de ogen van een enorme deense dog die vervaarlijk zijn tanden ontbloten , voorzichtig zette ik een paar passen achteruit en struikelde daarbij over een plantenbak, degene die in het huis was sprong op en het licht in de woonkamer ging aan. Een schim beweegd zich richting de schuifpui.
Het was Sehensa niet maar een vrouw van een jaar of 40 zou dit de vrouw van Sehensa zijn ?
De schuifpui ging open en ik kijk in de loop van een Walter PPK , de vrouw zegt "meekomen , en ga op die stoel zitten, mijn handen worden achter mijn rug gebonden en mijn voeten aan de stoel vast.
De vrouw pakt de telefoon en begint het nummer intetoetsen als de telefoon overgaat hoort ze aan de andere kant van de lijn........

[offtopic:] Steve er zit een klein foutje in jou text :
Hoe kan de bodybuilder nog mee doen hij is dood hij heeft toch een "kogel tussen zijn ogen "

Ik heb momenteel geen tijd en inspiratie om hier wat neer te schrijven, maar het zou leuk zijn moest er iemand dat wel hebben en daarenboven ook nog eens een nieuw doorgeefverhaal willen opstarten. Moesten jullie het zien zitten: deze keer misschien de lengte van de posts een beperken tot een twintigtal regels?

Nou ja, ik ga het wagen:

'Als jij hem laat gaan, dan zal ik je verraden. Als je hem laat gaan zal ik je verraden, als je hem laat...' De vrouw had de hoorn neergelegd, maar niet opgehangen.
Had ze dat echt te horen gekregen?
Ja vast wel.
Het geluid van een blaffende hond, de klik van een Walther PPK en het rinkelen van een telefoon gingen door mijn hoofd.
Ik kreeg er hoofdpijn van.
Voor iemand die zei dat hij geen pure pijn kende, voelde ik het.
Verdorie! Ik voelde het! De ironie was een xtc-pil in de vermomming van een M&M.
Wat dacht ik wel niet?
Mijn gedachtes begonnen allerlei vreemde zijpaden te nemen.
Zippo wordt Zip Op...Sehensa wordt Hens Sea...Walther PPK wordt...
Ik schudde de gedachten weg en hoopte.
De vrouw kwam op me af en op de een of andere manier moest ik denken aan het kerstdiner van '93.
Verse gans...Kalkoen zo vers was dat het geil was...Jus die in mijn fantasie over Sehensa werd gegoten...Mijn vader die twee jaar later betrapt zou worden met de tuinman in het gangkabinet...Poedersuiker zo dik dat ik het zou willen snuiven...Mijn vetkuif was net zo verkeerd als een hondendrol op een stoeptegel....
Ik schudde mijn hoofd en keek naar de vrouw die voor me stond.
'Wat ga je doen?' Vroeg ik paniekerig. De vrouw lachte en zei:
'Niks, zolang jij je bek houdt.' Dat snapte ik niet, maar het was goed. Toen liep de vrouw naar de tv en zette die aan. Oh mijn god, zeg dat het niet waar is. Het nieuws.
Ik hoopte dat er niks erg op kwam. Maar natuurlijk gebeurde dat, waarom zou het niet gebeuren?
Het onvermijdelijke was de ironie van de situatie, of wat dat ook mag betekenen.
Ik zag wat ergs in de linkerhoek van het scherm en had moeite mijn schreeuwen te smoren.
Toen die plek het hele scherm begon op te vreten schreeuwde ik het uit.
De vrouw stond op en...

avatar van page_addicted
... gaf me een klap. 'Ik zei hou je bek!'.
Ik schokte en de stoel kwam voor enkele seconden op twee poten te staan. Voor een vrouw had ze heel wat in haar mars.
Ik schudde mijn hoofd. Toen de stoel met een holle bons weer op zijn vier poten kwam te staan, hield ik mijn hoofd voorovergebogen.
Een druppel bloed druipte langzaam over mijn kin. Besef. Die klap had een voordeel gehad. De paniek en verwarring van mijn brein was weg. Alsof er een knak in mijn gedachtengang had gezeten, en die er nu uitgeslagen was.
Mijn verstand maakte overuren en mijn ogen namen alles op door de slierten van mij haar. De vrouw was weer naar de beeldbuis aan het kijken. Het scherm zag er normaal uit. Langzaam hief ik mijn hoofd op. Ik likte voorzichtig langs mijn gescheurde lip. De smaak van bloed wees me erop dat ik uit deze benarde situatie moest geraken.
Ik nam mijn omgeving in me op. Alles zag er een beetje verwaarloosd uit. Ik bevond me in een smerige keuken waar de vetpleken aan de muur kleefden. Iets in mijn linker ooghoek lonkte me. Er lagen scherven van een gebroken fles. Mijn ogen flitsten vlug terug naar de vrouw. Hoe moest ik dit aanpakken? Mijn voeten verkenden de stoel poten. Aan het gekraak te horen bij iedere tik waren deze niet zo stevig.
Een grijns kroop langzaam over mijn gezicht en ik stampte met alle macht tegen de voortse rechter poot. het gekraak van hout vulde voor even de kamer en ik kwam met een harde klap terecht op de grond. Een scherpe pijn trok zich over mijn schouder en wang. een plas bloed ontstond rond mijn gezicht. 'Wat in hemelsnaam?'
de vrouw kwam met woedende stappen aagelopen. Ik kreunde en kermde met mijn ogen gesloten. Hopend dat er toch iets van een vrouw in het mens zat. ze vloekte binnenmonds. 'Die verdomde verrotte stoelen ook.' ze gaf me een stomp in mijn maag.
Ze hield haar walther PPK iets steviger vast en wierp een blik op haar horloge, terwijl de plas bloed groter werd. "Godver... voor twee minuten kan het vast geen kwaad." ze legde de walther PPK op de grond en ik spande al mijn spieren. Toen ik de de koorden voelde wegvallen handelde ik bliksemsnel.
Na nog geen seconde lag de PPK aan de andere kant van de kamer en sloot mijn hand zich in een ijzeren greep rond haar keel. Langzaam het leven uit haar lichaam persend.
Ze stribbelde tegen en keek me paniekerig aan. Ik kreeg medelijden en mijn vingers zochten een plek bij de scheiding van schedel en ruggegraad. Na nog geen seconde viel ze flauw. Haar hersens hadden geen genoeg zuurstof gehad. Morgen zal de ene kant van haar gezicht bond en blauw zitten.
Lichten die op het raam schenen wezen de komst van een auto. Ik greep de walther PPK en maakte me uit de voeten.
Terwijl mijn voeten het asfalt raakten herinnerde ik een conversatie aan de terlefoon en besefte plots wat ik die vrouw had aangedaan voor mijn eigen leven.
'Als jij hem laat gaan, dan zal ik je verraden. Als je hem laat gaan zal ik je verraden, als je hem laat...'

avatar van page_addicted
mijn poging

al is die lang niet zo fraai als jullie stukken.

avatar van Freud
Kun je geloven dat ik geen flauw idee meer heb waar het verhaal eigenlijk over ging?

avatar van page_addicted
Freud schreef:
Kun je geloven dat ik geen flauw idee meer heb waar het verhaal eigenlijk over ging?


euhm over iemand die de duivel is zeker iets in die aard och ja, het komt erop neer dat hij van het ene ongeluk in het anderze loopt

avatar van page_addicted
pff misschien moeten er iemand een ander verhaal beginnen???

avatar van page_addicted
dit toppic is zowat doodgebloed ...

avatar van page_addicted
laat ons hier even nieuw leven inblazen door een nieuw verhaal


De cursor knipperde op het scherm. wachtend tot de eerste woorden uit haar vingers zouden vloeien.
Alice keek nog eens daar het bevroren beeld op de televisie. Ze keek in de starende ogen van de vermoorde vrouw - beschuldigend. Er stond een waarschuwing onder voor de gezochte man. De man die ondertussen al negen vrouwen verleid en vermoord had. De man die overal in belgië en nederland blijft op duiken. De man die ze nu ondertussen door en door kende via mail.
Haar hand grepen naar haar haar. Ze had dit veel te ver laten komen. Ze had meteen moeten afhaken toen ze uiteindelijk geloofde dat hij de dader was.
Iets meer dan zes maanden geleden had ze hem leren kennen. Een vlotte babbel en een hele nacht voor het scherm zorgden ervoor dat ze close werden.
Tot drie maanden geleden. Hij had overstuur geklonken in zijn bericht, opgebiecht wat hij gedaan had. En dat hij het bevredigend en interessant vond.
Ze had geen woord gelooft, tot ze het ochtend nieuws hoorde. Een vrouw was vermoord, precies zoals hij haar beschreven had.
Maar ze kon hem niet laten vallen. Ze kon het niet in haar opbrengen.
Alisson had nu al meer dan een drie dagen niet meer van haar laten horen, en zijn berichten begonnen lichtjes paniekerig te klinken.
Iedere dag bleef ze maar staren naar zijn berichten, beseffend dat er een moment zal komen dat hij minder zal schrijven en uiteindelijk zal stoppen.
Die gedachte maakte haar lichtjes paniekerig.
ze veerde op uit haar stoel en begon vlug te schrijven...

Ze had meteen spijt van wat ze had gedaan. Hoe kon ze dit volhouden? Wat als iemand het ontdekt. Met een hol gevoel in haar maag schakelde ze de computer uit. Gelukkig bevond hij zich momenteel in midden nederland terwijl zij woonde in west-vlaanderen.
Haar smekende woorden om niet op te duiken in west-vlaanderen blijven zich herhalen in haar hoofd voor ze in slaap viel...

De volgende dag een e-mail.

Lieve Alice,

Ik lees in je berichtjes dat je in de war bent en dat ik je angst aanjaag. Lieve Alice, ik kan je vertellen dat wij in eenzelfde gemoedstoestand verkeren. Maar laat me je vertellen hoe het zover is gekomen, want moorden komen voort uit gedachten en die komen weer voort uit reeds plaatsgevonden gebeurtenissen.

Ik ben geboren in Prosni, een Scandinavisch gehucht waar het altijd koud is. Mijn ouders verwekten mij op de vloer naast de warme kachel. Dat klinkt romantisch, maar dat was van korte duur. Mijn moeder overleed bij mijn geboorte en mijn vader weigerde de kachel nog langer aan te steken. Hij deed me in bad, maar het water was altijd koud. Hij gaf me te eten, maar nooit was het eten warm. Toen ik twaalf was en dacht dat ik de kou nooit meer kwijt zou raken, zei ik mijn vader vaarwel om naar het warmere zuiden te trekken. Hoewel ik me tijdens mijn tocht vaak kon warmen aan kachels en warm voedsel, drong de warmte nooit echt bij me naar binnen.

Na twee jaar zwerven, op zoek naar warmte die ik niet kon vinden, las ik in Duitsland een advertentie in de krant. 'Jonge, slanke vrouw zoekt sportieve jonge kerel om de koude dagen wat warmer te maken'. Ik belde en kon dezelfde avond komen. Een blonde, jonge vrouw deed de deur open. Ze woonde in een kleine, gezellig ingerichte flat met een enorme boekenkast tegen de muur en niet lang na aankomst begreep ik waarom ze op zoek was naar een sportief iemand. Ze nam me mee naar haar slaapkamer en ik kreeg het zowaar een beetje warm. Daarna spraken we wekelijks af en ik raakte zeer aan de bezoeken gehecht, omdat ze me dat kleine beetje warmte verschaften waar ik zo naar smachtte. Toen dit een paar maanden had geduurd dacht ik dat het wel leuk zou zijn als ik haar eens zou verrassen. Ik bracht haar een onverwacht bezoek. Een lange, blonde jongen deed open. En hij had bijna niets aan.

Lieve Alice, het doet me nog altijd pijn als ik aan dat moment denk, dus ik hou het kort. Er bleken meer mannelijke figuren van mijn warmtebron gebruik te maken. Het maakte me razend en ik beukte de jongen opzij om me toegang te verschaffen tot de flat. Dat was niet moeilijk, want in feite interesseerde het de jongen helemaal niks. Hij kleedde zich snel aan en vertrok, want hij wilde geen deel uitmaken van ingewikkelde situaties. Toen mijn warmtebron vervolgens doodleuk verklaarde dat zij ook zo haar behoeftes had, pakte ik haar bij haar keel en heel even zag ik de angst in haar ogen. Daarna slingerde ik haar van me af en draaide me om om weg te gaan. Na twee passen hoorde ik echter een hoop lawaai: ik had haar tegen de boekenkast aangegooid die vervolgens was omgevallen: bovenop haar. Ik graaide tussen de boeken en trok haar lichaam eronder vandaan, maar al vrij snel wist ik dat het geen zin had. Ze was dood, Alice, en ik raakte in een apart soort staat van zijn, eentje waarbij opwinding en angst elkaar ontmoeten en waarbij het lichaam overuren draait. Och Alice, het spijt me zo om het te moeten zeggen, maar dit was het eerste moment in mijn leven waarop ik het echt volledig warm kreeg.

Toen ik dat eenmaal wist begon ik aan een strooptocht, maar hoe meer ik moorde, hoe meer ik eraan gewend raakte en hoe minder warm ik het kreeg. Daarom werden mijn methodes ook steeds verschrikkelijker.

En toen, Alice, toen vond ik jou. Eerst wilde ik natuurlijk zien hoe ik jou zo goed mogelijk kon vermoorden, maar hoe beter ik je leerde kennen, hoe meer ik me realiseerde dat het misschien dit keer niet nodig was om te moorden. Jij bént mijn warmtebron. Als ik jou vermoord, raak ik mijn warmtebron kwijt..

Ik hoop dat we snel weer kunnen afspreken. Mail me!




avatar van gertjan P.
Ademloos las Alice de email en toen ze hiermee klaar was, zette ze de computer eerst maar even uit, om het contact met hem even te verbreken en daarmee ruimte te maken om na te denken. Verschillende gevoelens vochten in haar om voorrang; eerst was daar walging, walging door wat hij had gedaan en hoe hij dit had gedaan en hoe koelbloedig hij daar nu over schreef, maar daarnaast voelde ze ook een verantwoordelijkheid hem niet te laten vallen omdat hij haar vertrouwde. Ook voelde ze een moedergevoel in zich opwellen, een gevoel dat zij hem hier vanaf zou kunnen brengen, hem zou kunnen redden. Maar het gevoel waar ze zelf het meest van schrok, kwam heel stiekem aan het eind van de email opduiken; dit was een tintelend gevoel van sensatie. Eigenlijk dook deze sensatie niet op, maar was het de walging die ze in het begin voelde, alleen voelde deze walging ineens prettig.
Dat was nou helemaal niks voor haar, Alice Vandenbossche, de goedlachse kapster die nooit wat van geweld moest hebben. Altijd had ze de zon gezocht en nooit de schaduw. Een leven vol romantische komedies had ze achter de rug, detectives en thrillers mijdend, om van horror nog maar te zwijgen. Als er een woord op haar van toepassing was, dan was het wel fris. Iedereen vond haar een frisse meid. Zelfs haar vriendje Tom was een frisse verschijning. En nu dit...
Alice's hart stond bijna stil toen de deurbel de ochtendstilte wreed doormidden scheurde. Hijgend kwam ze tot haarzelf en rende vervolgens het gangetje door, haar paardestaartje huppelend achterop haar hoofd, en opende de voordeur.

Gast
geplaatst: vandaag om 17:56 uur

geplaatst: vandaag om 17:56 uur

Let op: In verband met copyright is het op BoekMeter.nl niet toegestaan om de inhoud van externe websites over te nemen, ook niet met bronvermelding. Je mag natuurlijk wel een link naar een externe pagina plaatsen, samen met je eigen beschrijving of eventueel de eerste alinea van de tekst. Je krijgt deze waarschuwing omdat het er op lijkt dat je een lange tekst hebt geplakt in je bericht.

* denotes required fields.