Op dezelfde manier als ik heb gedaan bij de verhalenbundel
De Olifant Verdwijnt van Haruki Murakami heb ik ook bij alle korte verhalen van Jorge Luis Borges in de bundel De Aleph en andere verhalen, dat zelf een bundel van verhalenbundels is met Ficciones als de tweede verhalenbundel, een kort commentaar of (poging tot) analyse geschreven:
Jorge Luis Borges: De Aleph en andere verhalen (verhalenbundel; 1989)
Zo luidt mijn commentaar bij het tweede verhaal uit de bundel:
Pierre Menard, schrijver van de Quichot (1939)
Het verhaal beschrijft een even onmogelijke als zinloze onderneming van ene Menard: hij heeft wat pagina’s van Cervantes’ Don Quichot opnieuw geschreven vanuit zijn eigen persoon in de 20ste eeuw. Hij heeft de pagina’s dus niet simpelweg overgeschreven maar ze herschapen vanuit een andere context waardoor dezelfde zinnen opeens een heel andere (postmoderne) betekenis en (anachronistische) stijl hebben. Het laat zo zien dat een tekst niet zelfstandig is maar afhankelijk van z’n context wordt geïnterpreteerd (vergelijk Derrida’s dissémination of betekeniswoekering als een tekst wordt herhaald in verschillende contexten). Simpelweg een werk toeschrijven aan een andere auteur verandert al de betekenis van het werk (vergelijk Barthes’ concept van de auteur als scripteur die slechts bestaande teksten combineert en waarvan de interpretatie open ligt en die de lezer bepaalt: de Dood van God impliceert de dood van de auteur en daarmee de geboorte van de lezer). Elk idee, elke filosofie en elk werk verwordt tot geschiedenis waarmee het zijn betekenis of waarheid verliest – elke intellectuele onderneming is zinloos – maar Menard voorspelt dat de toekomstige mens tot alle (voorgaande) ideeën in staat zal zijn waarmee die ideeën op een nieuwe manier weer betekenis krijgen.