menu

The Courage to Be - Paul Tillich (1952)

Alternatieve titel: De Moed om te Zijn: Over de Menselijke Persoonlijkheid en de Zin van het Bestaan

mijn stem
4,75 (2)
2 stemmen

Engels
Ideeƫnliteratuur

200 pagina's
Eerste druk: Yale University Press, New Haven (Verenigde Staten)

Paul Tillich (1886-1965) geldt als een der belangrijkste denkers van de moderne tijd. Met zijn wijsgerige theologie nam hij een unieke positie in op het snijvlak van liberalisme en orthodoxie, van idealisme en realisme, en zelfs van protestantisme en katholicisme. Tillich maakte als legerpredikant de verschrikkingen van de eerste wereldoorlog mee, waarna hij hoogleraar in Frankfurt werd, daar verzette hij zich actief tegen de opkomst der nationaal - socialisten. Na de machtsovername van Hitler volgde exil naar de Verenigde Staten, waar hij doceerde aan de universiteiten van New York, Harvard en Chicago. Voor Tillich betekende denken over religie het telkenmale opnieuw bepalen van de inhoud, waarde en waarheid van de christelijke boodschap. Volgens hem dient het christendom steeds weer positie te kiezen tegenover filosofische vragen die voortkomen uit de culturele werkelijkheid van alledag. Derhalve kan religie geen verzameling van dogma's zijn, maar moet een voortdurende queeste zijn naar waarheid, naar God en bovenal naar de mens. 'De moed om te zijn' geldt als een hoogtepunt in Tillichs oeuvre. Met dit boek gaf hij een nieuwe relevantie aan de grote levensvragen omtrent angst (voor de dood en zinloosheid) en de moed (om samen te leven en zichzelf te zijn). Aldus biedt dit klassieke werk over de grenzen en de mogelijkheden van het menselijk bestaan nieuwe wegen naar een begrip van de zin van het leven.

zoeken in:
avatar van psyche
psyche (crew)
Artikel uit Trouw d.d. 26 april 2005

avatar van Wandelaar
4,5
geplaatst:
De moed om te zijn

De bekende Duits-Amerikaanse theoloog Paul Tillich hield op uitnodiging van de Terry Foundation begin jaren ‘50 een reeks voordrachten over het thema ‘de religie in het licht van wetenschap en filosofie’ en koos als onderwerp het begrip ‘moed’. De toespraken werden verwerkt tot dit boekje dat in 1952 verscheen. De citaten zijn uit de Nederlandse vertaling uit 1955, verschenen bij Erven J. Bijleveld te Utrecht. In zijn inleidende woorden schreef Tillich:

“ Moed is een ethische realiteit, maar geworteld in de hele ruimte van het menselijk bestaan en tenslotte in de structuur van het zijn zelf. Het moet ontologisch beschouwd worden ten einde ethisch te worden verstaan.”

Geen eenvoudige definiëring van zijn voornemen dit onderwerp te behandelen. Hoewel het boek voor een breed publiek bestemd is en ook wel bereikt heeft, blijkt zijn betoog van een hoog abstract niveau.
Hij bespreekt het begrip moed vanuit de klassieke oudheid, bij Plato, Seneca, de middeleeuwen, Spinoza en Nietzsche.
Vervolgens ontwerpt de auteur een ontologie van de angst: wat is angst, wat is zijn en niet-zijn en onderscheidt angst van vrees.

“ De vrees voor de dood bepaalt het element van de angst in elke vrees. Als angst geen verandering ondergaat door de vrees voor een object, als het gaat om naakte angst, dan gaat het altijd om de angst voor het laatste niet-zijn.”
en:
“Angst streeft ernaar vrees te worden, omdat men door moed vrees het hoofd kan bieden. Het is voor een eindig wezen onmogelijk langer dan een kort moment de naakte angst te verdragen” .

Dat is allemaal heel herkenbaar en goed te volgen. Het boek vervolgt met omschrijvingen van typen en gedaanten van angst en komt op een interessante uiteenzetting over pathologische angst:

“De pathologische angst omtrent noodlot en dood drijft naar een veiligheid, die vergelijken is met de veiligheid van een gevangenis. Wie in deze gevangenis leeft is onmachtig deze veiligheid te verlaten, welke hem door zijn zichzelf opgelegde beperkingen is gegeven. Maar deze beperkingen berusten niet op een volledig werkelijkheidsbesef. Daarom is de veiligheid van de neurotische mens onwerkelijk. Hij vreest hetgeen niet gevreesd hoeft te worden en voelt zich veilig waar geen veiligheid is” .

Angst kan het irrationele bij mensen naar boven halen. Vrij abrupt gaat de auteur verder met het beschrijven van wat ‘moed’ dan wel is in essentie. De schrijver is ook hier weer uitputtend in zijn analyse. Moed komt voort uit de vitaliteit, de levensenergie en is een biologisch gegeven. Maar, als bewuste keuze, zoals we van denkende mensen mogen verwachten, gaat het om het aanvaarden van de levenstaak of positie in het leven.
Dat kan in collectieve levensvormen waarin angst wordt verdreven door onderdeel te zijn van iets groters: een maatschappijvorm, een cultuur, een kerk, een sociale groep - opvallend genoeg slaat Tillich de familierelatie, vader-moeder-kind over. Ook de groei naar volwassenheid, de kinderangst, de rol van de fantasie en de droom laat de auteur liggen.

Veel aandacht in het boek krijgt de individualisatie. Niet alleen de moed om te zijn, maar om zichzelf te zijn. Een proces dat volop in beweging was, we schrijven de jaren ‘50, en de schrijver komt op het existentialisme en ‘de moed der wanhoop in hedendaagse kunst en literatuur’. Daarbij noemt hij Sartre en T.S. Elliot en Auden’s ‘De Eeuw van de Angst’. Het is de cultuur die zich na de tweede wereldoorlog in het westen ontplooide.

In het laatste hoofdstuk, komt dan toch nog vrij onverwacht (hoewel, voor een theoloog?) de transcendentie ter sprake en het geloof in God.
Paul Tillich heeft begrip voor het existentialisme van Sartre en het atheïsme van Nietzsche omdat het een protest is tegen het vanzelfsprekende theïsme van de Kerk. De pretentie over zo’n God te beschikken wijst hij scherp af. Nu wordt de auteur, het is immers zijn werkelijke vakgebied, ineens een stuk concreter als het om de rol van de Kerk gaat:

“... een Kerk die zich in haar boodschap en haar verering verheft tot de God boven de God van het theïsme zonder haar concrete symbolen op te offeren kan bemiddelaarster zijn van een moed die twijfelt en zinloosheid in zichzelf opneemt. Het is de Kerk onder het kruis die dit alleen vermag, de Kerk welke de gekruisigde predikt die tot God riep, die zijn God bleef nadat de God van het vertrouwen hem in de nacht van twijfel en zinloosheid had achtergelaten. Deel van zulk een Kerk te zijn betekent het ontvangen van een moed om te zijn waarin men zichzelf niet kan verliezen en waarin men zijn wereld terugkrijgt.”.

Hij komt hier tot een concentratie op het kruis van Christus. Maar over welke kerk heeft hij het nu? Een echt bestaande of een gewenste? Dat laat de auteur toch een beetje in het midden en wordt een paar regels verder weer een stuk minder omlijnd als hij schrijft:

“ Daarom is dit absolute geloof (in een ander boek noemt hij dit ‘ultimate concern’) de moed der wanhoop en tevens de moed in en boven iedere moed. Het is geen plaats waar men wonen kan, het is zonder de veiligheid van woorden en begrippen, het is zonder een naam, een kerk, een cultus, een theologie. Maar het beweegt zich in de diepte van al deze verschijnselen.”

Tillich neemt de geseculariseerde mens serieus, maar de verbinding die hij probeert te leggen tussen de moderne mens en de stap naar geloof lijkt me net te groot. Het komt wat geforceerd over. Hoe kom je daar vanuit jezelf toe? Maar samenvattend blijft van het boek staan:
De moed om het erop te wagen, te leven met de angst die met het leven gegeven is en zichzelf aanvaard te weten.

Na ruim zeventig jaar een wel wat gedateerd geschrift, als ik het zo mag zeggen, misschien ook door de vertaling uit 1955, maar toch vol pareltjes van blijvende waarde. Een klassieker.

Gast
geplaatst: vandaag om 18:23 uur

geplaatst: vandaag om 18:23 uur

Let op: In verband met copyright is het op BoekMeter.nl niet toegestaan om de inhoud van externe websites over te nemen, ook niet met bronvermelding. Je mag natuurlijk wel een link naar een externe pagina plaatsen, samen met je eigen beschrijving of eventueel de eerste alinea van de tekst. Je krijgt deze waarschuwing omdat het er op lijkt dat je een lange tekst hebt geplakt in je bericht.

* denotes required fields.

Let op! Je gebruikersnaam is voor iedereen zichtbaar, en kun je later niet meer aanpassen.

* denotes required fields.