De kortverhalen van Roald Dahl blijven mij achtervolgen. Toen ik op m’n twaalfde voor het eerst in de volwassenenbibliotheek kwam, was ik blij een naam te herkennen en las ik meteen de hele omnibus. Enkele van die verhalen doken vier jaar later op in de les Engels. Wegens hun beperkte lengte, korte zinnen en heldere stijl zijn ze uitstekend geschikt om in die taal te leren lezen, dus herlas ik ze uiteindelijk allemaal in het Engels. Sommige ervan herkende ik later toen ik een dvd in handen kreeg van Tales of the Unexpected, alweer een reden om te herlezen. En dit jaar heb ik besloten al mijn vijfsterrenboeken te herlezen, dus valt er weer niet aan te ontsnappen.
Dahl staat bekend voor z’n verrassende wendingen - the twist in the tale. Deze verhalen blijven echter boeien, zelfs als je de ontknoping al kent. Hij weet meteen de aandacht van de lezer te trekken door zijn personages goed te typeren, door z’n vlotte vertelstijl en z’n humor. Het gaat over gewone mensen, meestal volwassenen, die toch hun kleine afwijkingen of obsessies hebben. De intrige zit altijd goed ineen. Nergens zijn er overbodige uitweidingen, nergens een overtollig woord.
Van de vijftien verhalen kies ik er zes om afzonderlijk te bespreken:
Lamb to the Slaughter: De titel heeft een letterlijke en figuurlijke betekenis. In dit misdaadverhaal kun je gemakkelijk meeleven met de dader, doordat zij warm en vindingrijk overkomt, terwiijl het slachtoffer een ploert is en de politiemensen niet verder kijken dan hun neus lang is.
My Lady Love, My Dove: Deze titel is ironisch, want het gaat over een bazige echtgenote met een man die liever een lui leventje zou leiden. Wanneer een ander echtpaar bridge komt spelen, bekokstooft zij plannetje.
Dip in the Pool: Ook deze titel heeft een dubbele betekenis. A pool is de pot in een weddenschap, maar ook een eufemisme voor de zee. Het gaat over iemand die een gokje waagt over de afstand die een schip af zal leggen op één dag. Zoals vaak loopt het slecht af voor degene die de zaak probeert te manipuleren.
The Wish: In z’n beknopte eenvoud is dit een prachtig voorbeeld van vertelstijl. Het is geschreven uit het standpunt van een spelend kind met veel fantasie.
The Sound Machine: Hier komt een stukje science fiction bij kijken en een ecologisch thema. Zo wordt een ernstig onderwerp met humor en een vleugje absurdisme benaderd.
The Great Automatic Grammatizator: Ook hier zit wat science fiction met een machine die verhalen kan schrijven. Deze uitvinding zou het beroep van schrijver overbodig maken. Dit onwaarschijnlijke idee doet nadenken over de grenzen van artificiële intelligentie, maar het is vooral een satire op de mentaliteit van uitgevers die literatuur als een commercieel product behandelen. Geniaal is de suggestie dat het verhaal dat je aan het lezen bent, misschien zelf door de grammatizator geschreven is, want het volgt alle regels die in de machine ingevoerd worden.