Lotte in Weimar - Thomas Mann (1939)
Duits
Historisch / Psychologisch
450 pagina's
Eerste druk: Bermann-Fischer,
Stockholm (Zweden)
Het verhaal speelt in 1816 in Weimar, waar in een deftig hotel een oudere dame arriveert: Hofrätin Charlotte Kestner geb. Buff, de Lotte op wie de jonge Goethe hartstochtelijk verliefd werd, het oerbeeld van de bewonderde Lotte uit zijn "Werther". Zij gebruikt een bezoek aan bloedverwanten aldaar als voorwendsel om die beroemde jeugdvriend weer te zien. Eerst treft ze allerlei mensen uit zijn omgeving en kan zich al een beeld vormen van het drukke en veelzijdige leven van Goethe. Als ze enkele dagen later bij hem te gast is, wordt het een ontnuchtering. Ook na een verzoenende toenadering voelt zij toch dat de roem van de befaamde man tussen hen staat.
Zou daarom ook niet willen stellen dat Mann apolitieke boeken heeft geschreven. Het zit er alleen minder expliciet in, een stemadvies zal hij zeker niet gegeven hebben. Maar zijn aversie van bepaalde vormen van mythologisering van Duitsland en haar geschiedenis, en de misbruik die daarvan gemaakt werd, komt in zijn latere werk toch wel naar voren. Behalve in Felix Krull, denk ik.
Zou daarom ook niet willen stellen dat Mann apolitieke boeken heeft geschreven.
Ik begrijp zeker wat je bedoelt, nummer 2. Ook op dat punt kan je Mann volgens mij trouwens goed vergelijken met Goethe zelf: de politieke lading ligt grotendeels juist in het afwijzen van een (expliciete) politieke boodschap, en met name van politiek misbruik!
Bepalend is denk ik hoe je tegen de figuur Goethe aan kijkt zoals Mann die schetst. Ik vond hem buitensporig onsympathiek en daarmee sloeg de kritiek op Duitsland en haar geschiedenis, die in dit boek vanuit Goethe komt (zie mijn bespreking), ook niet aan.
Goethe was inderdaad bepaald geen op "sympathie" beluste populist...
Hij wordt door Mann eerder voorgesteld als een persoonlijkheid van bovenmenselijk formaat, ongenaakbaar maar daarmee soms ook ongenietbaar..Ik zit nog maar in hoofdstuk 6, maar ik denk dat ik wel al kan zeggen wat voor mij het belangrijkste thema is van de roman: de spanning tussen kunst en leven, "Dichtung" en "Wahrheit"...
[Het verschil tussen de kus en de paring,] zo is ook het verschil tussen kunst en leven, want de volheid van het leven en de mensheid, kindertjes maken, is geen zaak voor de poëzie; poëzie is de geestelijke kus op de frambozenlippen van de wereld...
Nu weet ik waar onze Milan zijn inspiratie gehaald heeft, eRCee !

Ja, toen ik eindelijk door hoofdstuk 7 was geraakt, ben ik gewoon... opnieuw begonnen...
Ik kan niet meer anders dan mijn 4,5 veranderen in 5. Dit is gewoon het summum. Op alle gebied...
Wel stel ik vast dat de zo geroemde nieuwe Nederlandse vertaling niet altijd correct is. Zo lees ik op p. 252: "Want wat is geest : een product van het leven dat in het leven pas echt tot leven komt."
Omdat deze zin mij nogal onwaarschijnlijk leek, ben ik naar het origineel gaan zoeken, en daar staat iets heel anders, dat pas echt interessant is: "Geist – ein Produkt des Lebens, – das auch wieder in ihm erst wahrhaft lebt." Vandaar ook het vervolg: "Sind auf einander angewiesen. Lebt eines vom anderen..."
En even voorbij gekeken aan de inhoud, wat vind je van de compositie? Met name vanaf hoofdstuk vier, het hele Otillie-gebeuren, raakte het boek in mijn optiek uit balans. Mann offert eigenlijk zijn compositie op voor inhoudelijke bespiegelingen (net als in De Toverberg). Dat vind ik dan weer een zware overtreding tegen de kunst.
Maar doorheen de opbouw wordt allengs duidelijker dat Lotte niét de hoofdpersoon is van een "licht"romantisch verhaal zoals je vanuit de titel en het begin van de roman zou verwachten, maar enkel de aanleiding om over de meest diepzinnige menselijke en cultuur-historische thema's te schrijven, in het licht van de toenmalige brandende actualiteit! Mann doet dat uiteindelijk bij monde (of gedachtestroom) van Goethe zelf, een figuur die voor hem (en voor vele anderen) gewoonweg boven elke menselijke kritiek staat, maar in wiens huid (hoofd) volgens mij niemand zo overtuigend en schitterend kan kruipen als Mann zelf! Hij kende Goethe en de hele (Duitse) cultuurgeschiedenis blijkbaar door en door...
Het hoofdstuk over Ottilie is de voorbereiding van het vervolg, maar dan op averechtse manier. Je verwacht een intrige rond een meisje dat het slachtoffer is van een slungel van een August en diens tirannieke vader, van de kant van Adele bekeken, en je wordt zo in de "volkse" rol geduwd, maar je krijgt precies het tegenovergestelde: de persoonlijkheid van August, en de geest van Goethe zelf...
Over de paradox van licht en zwaar gesproken...
Het hoofdstuk over Ottilie heeft ondanks al zijn anekdotische concreetheid bijvoorbeeld een meervoudige diepere bodem door zijn referentie naar verleden en toekomst tegelijk (een naspiegeling van het oude verhaal van Goethe zelf, en de voorafspiegeling van het toekomstige Pruisische verhaal; Ottlie zelf zal bovendien in het leven van de oude Goethe zelf, met name na de dood van August, nog een heel belangrijke rol spelen!), en tegelijk wordt het verhaal verteld door de zus van Arthur Schopenhauer, die in de tijd van Mann natuurlijk één van de grootste Duitse filosofen was geworden, maar die in Goethe's tijd nog een jonge snaak was, over wie in de roman gewoonweg niet wordt gesproken, en met wie de oude Goethe in werkelijkheid in intellectueel-filosofische strijd leefde! Enfin, heel de oude Duitse geschiedenis komt hier tot leven...
Ja, hoe meer ik erover nadenk, hoe knapper ik het vind...
Ben het uiteraard met je eens dat Mann knap werk levert, zoals altijd eigenlijk, maar het slaat bij mij vaker niet dan wel aan.
Benieuwd naar de bevindingen van mjk87 in het najaar.
Om af te sluiten met een positieve noot: ik schoot een paar keer hardop in de lach tijdens de eerste hoofdstukken, wat je misschien niet direct zou verwachten bij Thomas Mann (hoewel er in De Toverberg ook komische elementen zitten). De beschrijving van die hotelmedewerker die bij het verlaten van de kamer nog weer een draai maakt om een laatste vraag te kunnen stellen, dat was bijvoorbeeld echt schitterend.
De allerlaatste zin van de roman vind ik trouwens subliem. De hotelbediende zegt tegen Lotte als ze terug bij het hotel komt:
Guter Himmel, Frau Hofrätin, ich muss es sagen: Werthers Lotte aus Goethes Wagen [koets] zu helfen... das ist ein Erlebnis - wie soll ich es nennen? Es ist buchenswert.
Alleszins wil ik nog gauw eRCee enorm bedanken voor deze ultieme tip, vóór het te laat is...

Met name hoofdstuk 3 is er me inderdaad wel eentje, eRCee. [...] Ik zou voorlopig enkel willen opmerken dat er tot nu toe voor mij absoluut geen afbreuk werd gedaan aan het kunstenaarschap of de persoon van Goethe, wel integendeel! Lotte neemt weliswaar inderdaad het woord "klaploper" in de mond (ik zou wel eens willen weten wat het Duitse woord hier is), maar ten eerste doet ze dit met veel reserves, en is het juist dat vage gevoel dat haar zo intrigeert en zelfs naar Weimar trekt, en ten tweede wordt dit woord door Riemer (Mann zelf?) onmiddellijk genuanceerd, en zelfs regelrecht gesublimeerd tot "goddelijke klaploperij"!
Dat is voor mij dan ook de samenvatting van wat ik tot hier toe gelezen heb: Goethe wordt in eerste instantie vermenselijkt, maar uiteindelijk en eigenlijk juist van daaruit vergoddelijkt. De vergelijking met het goddelijke, tot zelfs met Jezus himself, klinkt voortdurend door in hoofdstuk 3!
Het Duitse woord dat Charlotte hier gebruikt en door Riemer wordt hernomen, vertaald als "klaploper", is blijkbaar "Schmarotzer", een oud-Duitse voorloper van het woord "Parasit". "Parasiet" komt uit het Grieks, en betekent letterlijk "mee-eter". Interessant daarbij is dat het bij de Grieken oorspronkelijk om een priester ging die bepaalde graanoffers begeleidde, en daarbij "mee-at" van het offer. Maar ik vond nog een interessante link. De voorstelling van Goethe die Mann ons hier aanreikt, verwijst blijkbaar naar die van de parasitaire Jupiter-Amphitryon zoals die wordt uitgebeeld in de toenmalig beroemde komedie van Heinrich von Kleist: Goethe wordt vergeleken met het goddelijk genie dat uit de hemel neerdaalt, met de mensen speelt, zich menselijke identiteiten toe-eigent, deze vormelijk usurpeert en de mensen dus voor zijn kunst uitbuit. Net als Jupiter is ook Goethe ertoe gedoemd uiteindelijk eenzaam en alleen achter te blijven: net als Jupiter heeft Goethe uiteindelijk geen deel aan de liefhebbende menselijke gemeenschap die ze beiden door hun werk bevorderd hebben. Wat een ironie is het dan - en wat een creatieve uitwerking van dit thema - als aan het einde van de roman, net als in de komedie van Kleist, dat genie, waaraan heel het lustige scheppingswerk is ontsproten, tegenover zijn publiek in een dienende rol komt te staan...
In plaats van het najaar 2018 is het de zomer van 2023 geworden. Maar goed, mijn bevindingen kan ik delen.
Allereerst heb ik wel een zeker plezier ermee gehad, maar ook genoeg gewroet om erdoor te komen. En dat wisselde soms per moment of hoofdstuk. Hoofdstuk 3 vond ik de eerste keer niet door te komen maar na het boek uitgelezen te hebben heb ik enkele passage en dat hele hoofdstuk opnieuw gelezen en alles viel meer op zijn plek en beviel me beter. Het hoofdstuk over Ottilie bleef echter matig boeien en ook het hoofdstuk vanuit Goethe zelf wist me weinig te interesseren.
Wel goed hoe de opbouw zit, door eerst de figuur Goethe neer te zetten en uiteindelijk de persoon Goethe die gewoon aards is en enorm tegenvalt. Leuk en sterk gedaan. De mens is niet per se de mythe.
Maar wat wil Mann hier nu verder mee? Misschien is het de naam Mann die bepaalde verwachtingen wekt, maar zit er niet heel veel meer in dat wat ik zojuist beschreef. Ik zocht nog een link met Nazi-Duitsland vanwege het jaar van verschijnen, maar die laag zie ik niet. Of het gaat om een heel diepe laag over persoonsverering van Hitler die op het oog een goed leider lijkt maar daarachter zit een slecht mens. Maar dat vind ik zelf al wat vergezocht. 3,5*

Moet er voor jou dan een link zijn met Nazi-Duitsland of met Hitler om de roman de moeite waard te maken, mjk87? Ik denk eerlijk gezegd dat dat net de allerlaatste bekommernis is van Mann in zijn literatuur. Goethe en de mythe rond Goethe is voor hem en de hele Duite cultuurgeschiedenis zóveel belangrijker dan Hitler! Ik denk dat wij dat soms onderschatten...
Nee zeker niet maar dat was een beetje de verwachting waarmee ik erin ging. Geen idee meer waarom, allicht dat ik eens iets gelezen had en het kunnen compleet verkeerde verwachtingen zijn maar dat was wel de achtergrond van die opmerking. (En ja, die mythe rond Goethe is goed neergezet maar vind ik zelf dan weer minder spannend om het zo te zeggen).
