menu

Brieven aan Koos: Avonturen van een Zolderkamerfilosoof - Tim Fransen (2018)

mijn stem
3,67 (18)
18 stemmen

Nederlands
Ideeƫnliteratuur / Psychologisch

250 pagina's
Eerste druk: Das Mag, Amsterdam (Nederland)

Moeten we een gelukkig, of eerder een waardevol leven nastreven? Wat is er überhaupt van waarde, in het licht van onze eindigheid? En waarom drinken mensen wijn terwijl druivensap overduidelijk zoveel lekkerder is? Cabaretier en filosoof Tim Fransen verlaat zijn veilige plekje in de bibliotheek en trekt erop uit, vastbesloten de antwoorden te vinden op de grote vragen van het leven. Terwijl hij zijn filosofische helden achterna reist – Immanuel Kant, Karl Marx, Friedrich Nietzsche, Albert Camus – belandt hij in onverwachte avonturen. Hij legt bloemen bij het graf van een onbekende man, rent angstig door een steeg in de hoerenbuurt van Leipzig en verzorgt bejaarden in een Russisch tehuis. Zijn lessen tekent hij op in brieven aan zijn goede vriend Koos.

zoeken in:
avatar van Theunis
4,0
Een aantal jaren geleden zag ik Tim Fransen’s Het Failliet van de Moderne Tijd. Een filosofische cabaretvoorstelling waarin Fransen op zoek gaat naar de zin van het leven. Dat klinkt nogal zwaar en ambitieus voor een cabaretvoorstelling, maar het was een schot in de roos. Recensies waren, zeer terecht, lovend. Nu is er dit boek: Brieven Aan Koos waarin Fransen min of meer hetzelfde probeert. De ondertitel is: Avonturen van een Zolderkamerfilosoof. Op aanraden van wijlen René Gudde trekt Fransen de wereld in, weg van zijn veilige zolderkamer, om de wereld te ontdekken. Vanuit de plaatsen waar hij naar toe gaat schrijft tien brieven die het boek vormen.

Wat het boek zo geslaagd maakt is de combinatie van een aantal dingen. Ten eerste kom je terecht in het hoofd van een authentieke figuur die je volledig meeneemt in zijn gedachtekronkels. Je ontmoet iemand met de nodige kennis en een daarmee gepaard gaande onzekerheid waarmee maar weer eens duidelijk wordt waarom je met kennis alleen niet zozeer het geluk vindt. Met de nodige regelmaat zet Fransen je aan het denken als hij weer een prachtig idee formuleert, maar tussendoor is daar steeds die nuchtere en droge humor die alle ernst onmiddellijk weer relativeert. Die combinatie, van de geestige lichtheid en de diepzinnige overpeinzingen, werkt heel goed.

Zo is Fransen in het Louvre en komt hij bij een bekend schilderij terecht: ‘uiteindelijk was daar dan de Mona Lisa. Wat kan ik ervan zeggen? Ze hing er. En ze leek als twee druppels water op de foto’s die ik weleens van haar had gezien. Ze was niks veranderd. Voor dit kleine schilderijtje was een gigantisch stuk muur beschikbaar gesteld, een nogal inefficiënt gebruik van de ruimte. Er hadden makkelijk nog een paar schilderijen naast gekund. Dat irriteert me ook aan chipszakken, die voor meer dan de helft gevuld zijn met lucht. Stop ze gewoon vol met chips.’

Maar Fransen relativeert niet alles. Je hebt het gevoel dat je heel dichtbij hem komt als hij spreekt over wat ons bestaan zin geeft. Namelijk dat het pas zin krijgt in relatie tot iets anders. Hij spreekt over de schaduwzijde hiervan, dat we de controle verliezen als we iets geven, dat we kwetsbaar zijn, zeker als datgene wat we geven niet toereikend zal zijn. We zouden zo graag soeverein willen zijn, dat is een ‘verleidelijk ideaal’, maar de prijs hiervoor kan wel eens hoog uit kunnen vallen, ‘in de vorm van vervreemding (..) of in de vorm van waanzin.’ Nietzsche is hiervan een ‘lichtend’ voorbeeld.

En Fransen slaat de spijker op zijn kop als hij concludeert dat het communisme en het kapitalisme veel meer gemeen hebben dan je op het eerste gezicht zou denken. ‘De hypocriete communistische slogans in vitrines zijn simpelweg vervangen door reclameborden met valse beloftes; door collectieve leugens zoals het geloof dat iedereen krijgt wat hij verdient als hij maar hard genoeg werkt; de leugen dat de markt simpelweg een weerspiegeling is van wat mensen willen, terwijl marketeers precies weten hoe ze onze neuronen en synapsen tegen ons kunnen gebruiken om nieuwe begeertes te kweken’.

Ik hoop dat Tim Fransen brieven aan Koos, of aan wie dan ook, blijft schrijven. Ze zijn zeer de moeite waard.

avatar van Raspoetin
3,5
Vlot geschreven boek en zo laat hij zich ook inderdaad zo lezen. Ik had de twee cabaretvoorstellingen Het Failliet van de Moderne Tijd en Het Kromme Hout der Mensheid van Tim Fransen reeds op televisie gezien waardoor de meeste verhalen die in het boek de revue passeren al reeds bekend waren. Desalniettemin weet Tim Fransen de lezer nog altijd enthousiast te maken over zijn favoriete filosofen/ schrijvers Friedrich Nietzsche, Immanuel Kant, Arthur Schopenhauer en Albert Camus.

Hierbij mag hij zichzelf meer serieus nemen, want ik krijg nu toch vaak de indruk dat hij zich voor zijn interesses schaamt en dat hij door middel van toch wel flauwe grapjes (die allicht op het podium wel werken) zijn passie probeert te relativeren.

Zoals het verhaal waarbij Tim op zichzelf naar de Italiaanse stad Turijn reist, de plek waar Friedrich Nietzsche gek is geworden. Alvorens zijn vertrek vraagt hij aan zijn moeder hoe hij zich aldaar verstaanbaar moet maken, want hij is immers de Italiaanse taal niet machtig. Zijn moeder antwoordt dat je je altijd kan uiten met handen en voeten. Algauw krijgt hij in Turijn het verzoek om zijn schoenen weer aan te doen en enkel te communiceren met zijn handen.

avatar van handsome_devil
3,0
Het leek me enorm ludiek om deze bespreking in briefvorm te gieten, zoals ook gebeurde in Brieven aan Koos door filosoof en cabaretier Tim Fransen. Maar dat is eigenlijk alleen leuk als je ook echt genoten hebt van het boek. Als je dit boek ‘wel ok’ vond, zoals ik, moet je in zo’n brief toch te veel onaardige dingen zeggen en dat doet afbreuk aan het plezier van zo’n brief schrijven. Een doodnormale bespreking dus, van een boek dat op zich prima was, maar mij te weinig te bieden had.

‘Zolderkamerfilosoof’ Tim Fransen besluit op een moment dat de tijd is gekomen om de wijde wereld in te trekken en echt dingen te beleven, in plaats van alles van een afstand te aanschouwen en te overdenken. Hij reist naar plekken die belangrijk zijn geweest voor zijn filosofische helden en doet in brieven aan zijn goede vriend Koos – één van de mensen die Fransen aanspoorde om op reis te gaan – verslag van zijn ervaringen.

Helden
Die filosofische helden zijn Karl Marx, Albert Camus, Friedrich Nietzsche en Immanuel Kant. Van die namen is Albert Camus mij ook erg dierbaar. Een leuk toeval wil dat toen ik dit boek vorige week in de trein las (2,5 uur heen en 2,5 uur terug bleek precies genoeg om Brieven aan Koos helemaal te lezen) een jongen tegenover me kwam zitten die De Mythe van Sisyphus aan het lezen was. Dat is een belangrijk werk voor Fransen, maar ook één van de boeken die een enorme invloed heeft gehad op mijn denken.

Die jongen bleek minder gecharmeerd van deze toevallige omstandigheid, want toen ik hem op zijn knie tikte om enthousiast te vertellen over deze speling van het lot, kreeg ik zeer weinig reactie terug. Een kleine teleurstelling, maar op de terugweg begreep ik de jongen beter, toen ik ongevraagd door allerlei vreemden werd aangeklampt, terwijl ik gewoon rustig in de Brieven aan Koos wilde lezen.

Aangenaam
Net zoals ik maar weer eens ondervond dat je maar een beperkte mate van controle hebt over wat er gebeurt als je je in de echte wereld begeeft, komt Fransen er op zijn reizen achter dat het nooit loopt zoals je voor ogen hebt, hoe duidelijk je doel ook is. Dat leidt soms tot leuke en grappige ontmoetingen en gebeurtenissen die Brieven aan Koos tot erg aangenaam leesvoer maken. Wat ook voor dit boek spreekt, is de associatieve stijl van schrijven die Fransen hanteert. Het is leuk om te lezen welke kanten zijn gedachten allemaal op kronkelen.

Ik prijs ieder boek dat een poging doet om de lezer na te laten denken over dingen die we normaal niet zo bevragen. Dit werk is er niet zozeer op gericht om filosofische kennis te vergroten, maar nodigt meer uit om eens na te denken over wat het betekent om gelukkig te zijn, of over wat soevereiniteit, rechtvaardigheid en plicht nu eigenlijk zijn en wat voor rol deze begrippen spelen in ons dagelijks leven. Nu ben ik – als medefilosoof – gewend om over dit soort dingen na te denken en voor mij had het nog wel wat meer diepgang mogen hebben, maar ik kan me zeker voorstellen dat er mensen zijn die geïnspireerd raken door de verhalen van Fransen en dat kan ik alleen maar toejuichen.

Geforceerd
Het enige wat me op den duur tegen begon te staan, en wel in die mate dat het echt afbreuk deed aan mijn leesplezier, zijn de vele grapjes die Fransen maakt. Nu moet ik toegeven dat ik sowieso geen groot liefhebber ben van cabaretiers, omdat die alle spontaniteit uit humor zuigen, en spontaniteit en het onverwachte zijn voor mij erg belangrijke voorwaarden om iets grappig te vinden. Ook in dit boek komen de grappen geforceerd en gekunsteld over, terwijl Brieven aan Koos al die grappen helemaal niet nodig heeft om leuk te zijn.

Mijn treinreizen vlogen voorbij met dit boek, en ik ben zeker te spreken over de schrijfstijl van Fransen en de vorm waar hij voor gekozen heeft, maar door de gekunstelde pogingen tot humor en vanwege het feit dat er voor mij persoonlijk niet heel veel te halen viel, kom ik niet verder dan een kleine voldoende. Maar het is alleszins prijzenswaardig dat Fransen op een vlotte manier mensen probeert te interesseren voor filosofie. Hopelijk wint hij nog vele zieltjes.

Blogpost

Gast
geplaatst: vandaag om 16:17 uur

geplaatst: vandaag om 16:17 uur

Let op: In verband met copyright is het op BoekMeter.nl niet toegestaan om de inhoud van externe websites over te nemen, ook niet met bronvermelding. Je mag natuurlijk wel een link naar een externe pagina plaatsen, samen met je eigen beschrijving of eventueel de eerste alinea van de tekst. Je krijgt deze waarschuwing omdat het er op lijkt dat je een lange tekst hebt geplakt in je bericht.

* denotes required fields.

Let op! Je gebruikersnaam is voor iedereen zichtbaar, en kun je later niet meer aanpassen.

* denotes required fields.