Het is in dit soort situaties altijd vrij lastig de schrijver los te zien van wat zijzelf/hijzelf en zijn omgeving ondergaan; je bent al snel geneigd automatisch een ruim cijfer te geven door de loutere ervaringen van de auteur. Door de manier, waarop deze ervaringen hier zijn beschreven, wordt je er echter gelijk in meegezogen. Bandi ('Vuurvlieg') heeft zeer duidelijke schrijverscapaciteiten. In eerste instantie heeft zij/hij die binnen de door het Noord-Koreaanse regiem gestelde grenzen gebruikt. Toen haar/hem duidelijker werd hoe dat regiem in elkaar steekt, zijn door Bandi in het geheim verhalen opgesteld, waarin dat regiem steeds verder aan de kaak wordt gesteld. Het was daarbij voor Bandi gelijk al te overzien, dat die verhalen slechts buiten Noord-Korea konden worden gepubliceerd.
Deze bundel bestaat uit de volgende zeven verhalen, met daarbij de manuscript-datum:
- Verslag van een deserteur, 12 december 1989;
- Stad der Spoken, april 1993;
- Het Leven van een Strijdros, 29 december 1993;
- Zo Dichtbij, Maar Toch Zo Ver Weg, 7 februari 1993;
- Pandemonium, 30 december 1995;
- Op het Toneel, 29 januari 1995;
- De Rode Paddenstoel; 3 juli 1993.
De verhalen zijn vrij direct van karakter, soms zeer indringend en lijken op sommige momenten ook een autobiografisch karakter te dragen. Het is heel kort wennen aan de Noord-Koreaanse namen, maar de kracht van de verhalen houdt de aandacht al snel gevangen. Behalve de fouten van het regiem, valt de veerkracht van de bevolking op; voor zover de verhalen van Bandi tenminste representatief zijn voor de Noord-Koreaanse bevolking als geheel.
De stem van Bandi zou uniek moeten zijn, omdat er sprake is van een auteur die nog steeds leeft onder het regiem (er zijn diverse Noord-Koreaanse auteurs bekend, die hun land ontvlucht zijn).
De originele manuscripten van het werk van Bandi, zijn uit Noord-Korea gesmokkeld. De Nederlandse vertaling van het werk (Ambo Anthos 2017), geeft in appendices gedetailleerd aan hoe dat in zijn werk is gegaan. De oorspronkelijke manuscripten bestaan uit zevenhonderdvijftig vellen met elk (circa) tweehonderd lettertekens.
Die Nederlandse vertaling heeft door Linda Broeder overigens uit het Engels plaatsgevonden, dus niet rechtstreeks uit het Koreaans.
In de Nederlandse editie, zijn daar twee gedichten van Bandi aan toegevoegd: eentje als voorwoord, eentje als dankwoord achteraf. Die twee gedichten zaten bij de gesmokkelde stapel manuscripten.
In het eerste gedicht schrijft Bandi over zichzelf: "... ...Gedoemd om slechts te stralen in een wereld van duisternis, ... ...", wat een verklaring vormt voor haar/zijn pseudoniem.
In het tweede gedicht, schrijft Bandi onder andere:
"Ook al zijn ze zo droog als de woestijn
En zo ruig als het grasland
Zo armoedig als een invalide
En zo primitief als stenen werktuigen
Lezer!
Ik smeek u mijn woorden te lezen."
Hoewel dat door bepaalde details niet altijd even aangenaam is, is de oproep van Bandi in meerdere opzichten terecht. Geen genoeglijk leeswerk dit boek, maar wel zeer interessant.