Nog voor het boek begint bedankt de auteur het fonds dat hem een werkbeurs verschafte. Sympathiek. Meestal (en veel moderne romans hebben dat) is het een wat kille mededeling, alsof het een vanzelfsprekendheid is. Niet dat het het boek beter maakt, maar toch.
Grootste vraag is natuurlijk waarom dit boek achterstevoren speelt. Inhoudelijk zag ik het niet, en ook op puur effectbejag kon ik de schrijver ook niet betrappen. Ongetwijfeld kwam het in hem op als gimmick - want dat is het- en heeft hij het niet meer weten los te laten, want anders kan ik het niet verklaren. Maar als je gaat spelen met tijd moet je een reden hebben, anders irriteert het gewoon. Je verwacht ook ergens antwoorden te krijgen, waarom beide geliefden niet gewoon samen zijn oud geworden bijvoorbeeld. Er moet immers een reden zijn voor deze manier van vertellen, maar nee hoor.
Het verhaal zelf is een variatie op Márquez' meesterwerk met een liefde door vele jaren heen. Niet bijzonder per se, maar er is best wat mee te doen. Maar ik miste volledig een emotionele diepgang (ongetwijfeld ook door de vertelwijze terug in de tijd) of bloemrijk en mooi taalgebruik. De stijl is soms wat hakkelend en niet altijd fijn te lezen, naast dat er veel dialoog in zit dat soms lastig is omdat je al snel niet meer weet wie wat zegt. En het ontbreken van streepjes of aanhalingstekens helpt ook niet echt. Daarnaast reduceert Peek de liefde enkel tot lust en verlangen, en doet dit middels veel seksscènes die niet alleen erg plat en saai zijn beschreven, maar ook minstens een derde van het hele boek beslaan. Dat verveelt. En als je dan twee hoofdpersonen hebt die niet boeien houdt het helemaal op. Nog wel 1,0* door een prachtscène met een prostituee in Italië.