menu

Butcher's Crossing - John Williams (1960)

mijn stem
4,04 (111)
111 stemmen

Engels
Avontuur / Historisch

239 pagina's
Eerste druk: Macmillan US, New York (Verenigde Staten)

Amerika, 1870. De jonge Will Andrews stopt met zijn opleiding aan Harvard en trekt westwaarts op zoek naar avontuur, naar het echte Amerika. Als hij na een lange reis aankomt in het van god en iedereen verlaten dorp Butcher’s Crossing in Kansas neemt Andrews een ingrijpend besluit: hij gaat mee op wat een van de laatste grote jachten op de bizon zal zijn, een dier dat vrijwel uitgeroeid is door de handel in huiden. De ervaren jager Miller leidt de expeditie naar een kudde van duizenden bizons in een verstopte vallei. Terwijl Miller als een bezetene in de weer is om elke nog levende bizon te doden, worden de mannen in het nauw gedreven door de snel invallende winter en leert Andrews meer van zijn land dan hij ooit had kunnen voorzien.

zoeken in:
avatar van misterfool
2,5
Nadat ik overdonderd werd door Blood Meridian van Cormac McCarthy wilde ik langer vertoeven in de ongerepte natuur van Noord-Amerika. Dit boek bood uitkomst. Aanvankelijk was ik zelfs positief gestemd; met name vanwege de schrijfstijl van John Williams. Hij beschrijft veel, maar dit gaf het verhaal ook een realistische, ingetogen sfeer. Daarnaast vond ik het interessant dat reizen hier een echte bezigheid is; vol met kleine ongemakken . Zo beschrijft deze schrijver treffend hoe zadelpijn overvloeit in gevoelloosheid

De realistische sfeer werd mijns inziens echter bruut verstoord door het zwakke einde dat geconstrueerd aanvoelt. Of nou ja, eigenlijk werd het boek al eerder ongeloofwaardig. Zo wordt wel erg opzichtig onheil (sneeuwstorm, ongeluk in de rivier) geïntroduceerd. Het obsessieve van Miller wordt bovendien steeds meer uitvergroot. Dat, eenmaal terug in Butcher's Crossing, de markt voor buffelhuiden blijkt te zijn ingestort, vond ik nog wel een mooie conclusie, maar dat dit gelijk tot geestelijk verval moet leiden, vind ik wat al te makkelijk. Ronduit ergerlijk echter is het gepreek over de leegheid achter het wilde westen en per extensie het gehele bestaan; dit volgt mijns inziens niet direct op een exces als de buffeljacht, waardoor het overkwam als oppervlakkig cynisme.

Al heb ik sowieso een allergie voor schrijvers die (te) duidelijk een punt willen maken. Geef mij maar een dubbelzinnige, diffuse wijze van beschrijven die mij aan het denken zet. Hier wordt de conclusie te veel opgedrongen. Een teleurstelling derhalve. Jammer! Ik had een stuk meer verwacht van dit verhaal.

avatar van misterfool
2,5
Het boek wordt overigens verfilmd. Nicolas Cage gaat Miller spelen. Als iemand een obsessief personage kan spelen, is hij het wel. Ben benieuwd.

avatar van JJ_D
4,0
De achterflap weet van niets. Evenmin als de critici. Volgens The Times straalt Williams in ‘Butcher’s Crossing’ “een veerkrachtig soort optimisme uit om iets van waarde te redden uit de onmogelijke omstandigheden van het menselijke leven”. Een ode aan de wil, de potentie om als alles reddeloos verloren lijkt toch door te gaan en mens te blijven? Misschien.

Doch misschien ook niet. Vooral niet, eigenlijk. Anno 2023 leest deze roman als een verpletterende ecologische aanklacht. Het verhaal? Man ontdekt paradijs, gaat er terug om het – schijnbaar onvrijwillig – te veranderen in een hel op aarde, om er ten slotte aan ten onder te gaan. Hoe Miller als mens verandert eenmaal hij het op een schieten zet: het is de mens als moordende (zeg maar als nietsontziend consumerende) machine. Kijken zonder te zien, weten zonder te voelen, doen zonder te kunnen stoppen. De ravage staat in de sterren geschreven, doch Williams houdt de spanning lang vast. Tot de natuur wederom ingrijpt – tegen een dergelijke oerkracht kan niets of niemand op, en al zeker niet het esprit van een stel avonturiers. Welk veerkrachtig soort optimisme, eerwaarde criticus?

De scènes waarin Williams’ de bizonjacht (lees: slachting) beschrijft zijn van een adembenemende en misselijkmakende intensiteit. Het fysieke beschrijft hij koelbloedig, accuraat, met zin voor alle zintuigen (er is rook, er zijn geuren, er klinken schoten, en wordt het licht niet ergens tastbaar…?), het mentale procedé (van moreel wezen naar quasi robotachtige machine) geeft hij beknopt weer, nooit oeverloos abstract maar integendeel met subtiele finesse.

Wanneer Will Andrews wegrijdt uit de bergen ontbreekt er, zoals hij meent te voelen, inderdaad iets aan wie hij is. Zijn onschuld liet hij in de vallei achter, tussen de duizenden en duizenden kadavers. Wie anders dan Francine, naar Russische traditie een engelachtige doch gevallen vrouw, voelt dat aan? Het slot refereert weliswaar naar het beeld van de ‘lonesome cowboy’, maar doorprikt die mythe tweevoudig: Will zal nooit meer zijn wie hij was en slaat op de vlucht voor wat geluk zou kunnen zijn, terwijl bij Miller de stoppen doorslaan.

Dat laatste is overigens niet triviaal. Doorheen het boek blijft Williams vol mededogen voor Miller, die een vaderlijke zorg voor zijn metgezellen koppelt aan een onbenoembare razernij wanneer hij bizons in het vizier krijgt. De finale onthult zijn ware gelaat: een geobsedeerde die slechts de taal van het geweld spreekt, er niet en nooit voor terugdeinst om wat hem ont- of overstijgt te lijf te gaan met alle middelen die hem ter beschikking staan. Tragisch is het, doch ook begrijpelijk voor wie nooit anders gekend heeft. Erg precies laverend tussen fragiel, innemend portret en onverholen veroordeling, pent Williams’ dit fenomenale boek bij elkaar, met stuk voor stuk onvergetelijke personages, karakters van een broze schoonheid, onvolmaakt maar authentiek in hun zijn en integer qua intenties.

Het orgelpunt, met name de banaliteit van de wet van vraag en aanbod, maakt het ecologische narratief overigens helemaal af. Dat de integrale queeste, zelfs als ze was geslaagd, eigenlijk een onzinnige onderneming was, hakt er bij de lezer diep in. Laat het een memento zijn voor al wie dit boek leest: moeten wij als mensheid dit aards paradijs heus vernietigen? Nee, we hebben een keuze. Het systeem is een wijze van leven, en dus een mogelijkheid tussen andere mogelijkheden. De wet van vraag en aanbod is een versatiele uitvinding, een construct van het kapitalisme.

Dames en heren, de planeet valt te redden, want er zijn nog plekken zoals die vallei, waar bizons zijn, waar de mens nog niet heeft geplunderd…doch laat ons ingrijpen, vooraleer we er met bloedend hart over moeten lezen in een boek als dit…

4,25*

5,0
Fascinerende roman over ontberingen van bisonjagers, een zinloze afslachting van honderden bisons, teleurstellingen. Kortom, de lijdensweg van levens zonder veel betekenis. Langzaam gelezen en niet te veel pagina's per dag, om er zo lang mogelijk van te genieten. Even goed als Stoner.

Gast
geplaatst: vandaag om 07:11 uur

geplaatst: vandaag om 07:11 uur

Let op: In verband met copyright is het op BoekMeter.nl niet toegestaan om de inhoud van externe websites over te nemen, ook niet met bronvermelding. Je mag natuurlijk wel een link naar een externe pagina plaatsen, samen met je eigen beschrijving of eventueel de eerste alinea van de tekst. Je krijgt deze waarschuwing omdat het er op lijkt dat je een lange tekst hebt geplakt in je bericht.

* denotes required fields.

Let op! Je gebruikersnaam is voor iedereen zichtbaar, en kun je later niet meer aanpassen.

* denotes required fields.