The Albigensian Crusade - Jonathan Sumption (1978)
Engels
Historisch
272 pagina's
Eerste druk: Faber and Faber,
Londen (Verenigd Koninkrijk)
In de twaalfde eeuw behoorde de Languedoc, in het verre zuiden, tot de mooiste delen van het hedendaagse Frankrijk, ver weg van de feodale noordelijke wereld. Hier werd een ander Frans gesproken en het vorstendom beschouwde zich onafhankelijk van de Franse staat en kerk. Het was in deze welvarende streek dat de traditie van de troubadours ontstond en prachtige kastelen als die van Cabaret en Carcassonne werden gebouwd. Het was echter ook hier dat een andere richting van het christendom van oosterse origine ontstond, die in de ogen van de geïnstitutionaliseerde kerk als ketterij werd beschouwd. Deze “ketters”, Catharen genaamd of Albigenzen naar hun voornaamste bolwerk Albi, hadden een uitermate pessimistische blik op de wereld, gebaseerd op de dualiteit van alles. Volgens hen had de goede god de onzichtbare wereld geschapen en de slechte god de zichtbare, inclusief de kerk. In 1208 hadden de pauselijke autoriteiten genoeg hiervan en begonnen een kruistocht tegen deze ongelovigen. In de meer dan twintig jaren die volgden werd de regio ondergedompeld in bloedige gevechten en hardvochtige inquisitie om elk spoor van afwijkend geloof de kop in te drukken. Jonathan Sumption onderzoekt de wortels van de ketterij, de uniek rijke cultuur van de streek waarin deze bloeide en de door de kerk daartegen gestarte kruistocht die resulteerde in een van de meest wreedaardige van alle middeleeuwse oorlogen.
