Moeilijk te beschrijven boekje. Als je er een film van kan maken die langer duurt dan de tijd die je nodig hebt om het boek uit te lezen, dan krijg je al een idee van wat hier aan de hand is.
De auteur schrijft een erg krachtig en onthutsend relaas van gebeurtenissen die refereren naar zijn eigen kindertijd op het einde van de Tweede Wereldoorlog. Hij doet dat in een paar welgekozen en onverbloemde schetsen die quasi alles condenseren wat er over die situatie of gebeurtenis te zeggen valt. Met weinig franje, weinig uitweiding, weinig uitleg. Een serie episodische schetsen, zeg maar, van de geleidelijke ondergang van 2 jonge kinderen.
De ene sympathiseert met de twee outcasts, de ander zal niet begrijpen hoe zo'n jongen zijn vierjarige zusje op sleeptouw neemt in een leven zonder bescherming, zonder bestaanszekerheid in een apocalyptisch oorlogslandschap. En toch zijn daar de vuurvliegjes, maar die kunnen helaas ook niet rekenen op een lang en gelukkig leven...
Naar het schijnt ook geen gemakkelijk boek om te vertalen: in het originele Japans heel sterk in train of thought-stijl geschreven, soms met lange zinnen, afgebroken zinnen, ontbrekende interpunctie enz. In de recente vertaling die ik las, werd evenwel behoorlijk van deze stijl afgeweken wat de leesbaarheid vergemakkelijkt (cf. noot van de vertaler op het einde), maar hier en daar voel je de oorspronkelijke stijl toch doorschemeren.
De moeite waard. Net als de Ghibli-verfilming trouwens.