Met
A Town Like Alice is iets vreemds aan de hand. Het bestaat namelijk uit twee verhalen, die behalve de hoofdpersoon niets met elkaar te maken lijken te hebben. De beschrijving op de kaft vertelt alleen iets over het eerste verhaal, de titel verwijst naar het tweede. Overigens is er ook nog een derde verhaallijn die van het geheel een raamvertelling maakt, maar die doet aan het opvallende contrast tussen de twee verhalen niets af.
Het eerste, en naar mijn mening het beste verhaal, gaat over de belevenissen van Jean Paget in Maleisië. Jean wordt daar min of meer overvallen door de Japanse invasie in 1941-1942 en ze wordt gevangengenomen. De Japanners hebben schijnbaar geen plan voor de Engelse vrouwen en kinderen, met als gevolg dat die telkens naar een nieuwe plek worden gestuurd, op weg naar een kamp dat niet blijkt te bestaan. Tijdens de voettocht sterven de vrouwen en kinderen bij bosjes. Dit verhaal profiteert erg van Shutes wat afstandelijke stijl. Net als in
On the Beach is de toon goed geïnformeerd maar bijna koel, alsof het opgetekend is door een oorlogsverslaggever. De kale feiten komen daardoor des te harder aan.
’They crucified him,’ she said quietly. ‘They took us all down to Kuantan, and they nailed his hands to a tree, and beat him to death. They kept us there, and made us look on while they did it.’
Bovenstaand citaat verwijst naar Joe Harman, een Australische krijgsgevangene die de Engelse vrouwen probeert te helpen. Door hem komt Jean in Australië terecht, waarmee het tweede verhaal wordt ingeluid. Jean, bewapend met een erfenis en een vaag schuldgevoel, komt in een Australische uithoek terecht en besluit de woonplaats van Joe Harman te veranderen in ‘a town like Alice’. Ze leert zich aanpassen aan een andere manier van leven en zet ondernemingen op, en al met al gaat het best goed. Nu is het prima om te lezen hoe iemand zijn of haar leven voortzet na de verschrikkingen van de oorlog. Het is alleen jammer dat die oorlog vrijwel uit het verhaal verdwenen is. Jean schrijft letterlijk dat ze wel weten wat er gebeurd is in Maleisië, dus laten ze er maar niet over praten en het proberen te vergeten. De wens tot vergeten is begrijpelijk, maar als de personages dat ook daadwerkelijk doen vind ik dat toch jammer.
Dit boek kwam uit in 1950. Wellicht is de optimistische tweede helft van het verhaal wel tekenend voor de tijdgeest van de periode. Wat gebeurd is, is gebeurd, en nu moeten we dóór. Als er nu een boek geschreven zou worden over het leven na een dodenmars en kruisiging, kan ik me niet voorstellen dat de schrijver zijn personages
niet zou laten worstelen met de late gevolgen van hun trauma’s. Maar voor de lezer in 1950 is een verhaal van hard werken dat wordt beloond ongetwijfeld te verkiezen boven een verhaal over de dreigende teloorgang van getraumatiseerde oorlogsoverlevenden.
Nu is dat slechts een theorie van mij, maar er is nog een andere reden om
A Town Like Alice ouderwets te noemen. Dat is het argeloze racisme tegenover de oorspronkelijke inwoners van zowel Maleisië als Australië. Het is duidelijk niet boosaardig bedoeld en het doet daarom eerder gedateerd dan kwetsend aan. Het is dan ook geen reden voor mij om het boek af te raden, maar het schept wel een zekere afstand tot het verhaal, zoals een slordige vertaling of onnatuurlijke dialogen dat in een ander boek zouden kunnen doen.
Al met al voelt het alsof ik enkele decennia te laat geboren ben voor dit boek. Het is prima leesbaar, ik heb me niet verveeld, en sommige passages zijn oprecht ontroerend, maar ik voel een afstand tot het verhaal die ik vermoedelijk niet had gevoeld als ik het zeventig jaar geleden had gelezen.