Wacht niet op de morgen is in vele opzichten een verwant aan
Ik Was een Christen, een boek van dezelfde schrijfster dat mij zeer dierbaar is. De beide boeken laten een vergelijkbare, zéér sterke indruk achter. Overigens geldt voor beide boeken dat ik niet verwacht dat ze door veel mensen gelezen zullen worden, wat een groot gemis is.
De setting voor
Wacht niet op de morgen is Outremer, oftewel het Heilige Land, in de twaalfde eeuw. Niet een plaats of tijd waar ik veel van weet of waar je veel van ziet in fictie. Ik vraag mij ten sterkste af waarom; om de periode ‘woelig’ te noemen is een enorm understatement. Er is een onrust tussen christenen, joden en moslims die elkaar het Heilige Land betwisten – een onrust die uiteindelijk uitloopt op een jihad. De christenen onderling vechten om de troon in het koninkrijk Jeruzalem. Huwelijken worden gesloten en ontbonden alsof het niets is en met enige regelmaat komt er iemand onder raadselachtige omstandigheden om het leven. Ik snap oprecht niet waarom niet meer fictie zich in deze setting afspeelt.
Zoals in haar eerdere boek gebruikt Rosseels ook hier een rijk gekleurde, fascinerende historische achtergrond waartegen zich met name persoonlijke drama’s voltrekken. Hoofdpersoon hierin is Gilles de Malle, een (fictieve) bijna-monnik die zich naar Outremer laat meeslepen door de idealistische (en historische) Gerard van Ridevorde. Eenmaal daar blijken hun idealen niet opgewassen tegen de werkelijkheid en gaan de beide mannen hun eigen weg. Door de ogen van Gilles leren we een groot aantal historische figuren kennen. Het meeste indruk maakt Boudewijn IV, de jonge, melaatse koning van Jeruzalem. Gilles vat een grote genegenheid voor hem op (net als ik) en blijft bij hem in de jaren van diens mensonterende aftakeling. Het lijden en sterven van Boudewijn maken op Gilles een verpletterende indruk. Ze dragen in grote mate bij aan de geloofscrisis die Gilles doormaakt. Rosseels beschrijft zowel de ziekte van Boudewijn als de crisis van Gilles met een pijnlijke eerlijkheid die er bij mij behoorlijk inhakt.
Wacht niet op de morgen is echter niet alleen een verhaal over het geloof en het lijden. Het gaat ook over vriendschap en (religieuze) verdraagzaamheid. Over loyaliteit en wraak. Over heimwee en verlangen naar het onbereikbare. We zien het slagveld, het paleis en het ziekbed, waar de geschiedenis zich ontvouwt terwijl wij toekijken. Dit alles maakt het tot een compleet en ijzersterk boek. Nogmaals, ik denk niet dat veel mensen het zullen lezen. Het gaat echt diep, in zowel de historische achtergrond als in Gilles’ geloofscrisis. Toch hoop ik dat er lezers zijn voor wie dit geen belemmering is. Dit boek verdient het om veel meer gelezen en gewaardeerd te worden.