Max und Moritz: Eine Bubengeschichte in Sieben Streichen - Wilhelm Busch (1865)
Alternatieve titel: Max en Maurits
Duits
Jeugdboek
Humoristisch
20 pagina's
Eerste druk: Braun und Schneider,
München (toen koninkrijk Beieren) (Duitsland)
Eerste streek: Max en Moritz vangen de kippen van weduwe Bolte met stukjes brood, die met touw aan elkaar vast zijn gemaakt. De kippen vliegen zich vast in de boom, waar ze door Witwe Bolte uit hun lijden worden verlost. Tweede streek: Weduwe Bolte wil de kippen gaan braden, maar terwijl de weduwe even in de kelder is, hengelen Max en Moritz de kippen door de schoorsteen omhoog. Het hondje Spitz krijgt de schuld. Derde streek: Kleermaker Böck is nu het slachtoffer. Max en Moritz zagen het houten bruggetje voor zijn huis bijna door, waardoor de arme kleermaker in de ijskoude beek belandt. Vierde streek: Schoolmeester en kerkorganist Lämpel steekt nietsvermoedend zijn pijp aan als hij thuiskomt uit de kerk. Max en Moritz hebben er tijdens de kerkdienst buskruit in gestopt... het resultaat laat zich raden. Vijfde streek: Nu is oom Fritz aan de beurt. Hij wil gaan slapen, maar daar komt weinig van terecht doordat Max en Moritz zijn bed hebben volgestopt met meikevers. Zesde streek: Deze keer loopt het bijna verkeerd af. Max en Moritz gaan krakelingen stelen bij de bakkerij. Helaas vallen ze in de deegbak, juist op het moment dat de bakker weer terugkomt. De bakker bakt twee broodjes van de deegmannetjes; maar als ze uit de oven komen blijkt dat ze nog leven en ze knagen zich een weg naar buiten. Laatste streek: Max en Moritz hebben het gemunt op boer Mecke: ze snijden gaten in de graanzakken. Als de boer de zakken naar de korenmolen wil brengen, stroomt het graan eruit. Maar de boer krijgt hen te pakken. Hij stopt de kwajongens in een zak en brengt die naar de molen en daar komt een einde aan hun streken...
