Naar verluidt niet per se een heel karakteristiek werk van de Egyptische Nobelprijswinnaar, maar wel zijn meest bekende en meest controversiële. In parabelvorm volgt decennia aan generatieovergangen in een Caïreense wijk, gecentreerd rond een landgoed van een eigenaar die zich nooit aan het volk laat zien. Aanvankelijk kwam ik er wat moeilijk in, wanneer het verhaal vrij duidelijk de verhalen uit Genesis volgt. Later is de omgang met dergelijke vergelijkingen steeds losser, wordt het steeds meer Mahfouz’ eigen verhaal. En dat is er een van golfbewegingen van onderdrukking en opstand. Daartoe worden heel wat generaties beschreven, die in de kern allemaal hetzelfde in elkaar zitten; gangsters die de wijken onderdrukken, het volk dat dit laat gebeuren om in relatieve rust te kunnen leven, en een opzichter van het landgoed die met verdeel en heers aan de macht blijft. Af en toe komt het tot een opstand onder aanvoering van een charismatisch leider, maar de natuurlijke toestand van onderdrukking herstelt vervolgens opmerkelijk snel weer. Aan wie is het in deze ellende makkelijker de schuld geven dan aan de landeigenaar, die het volk nooit te zien krijgt? Toch kun je niet zeggen dat Children of the Alley een eenzijdige kritiek is op een Godsfiguur die bij alle ellende onzichtbaar blijft. Schrijnender nog is de herkenning die je kunt hebben aan volkeren die van de ene onderdrukker naar de andere vallen, en daar met hun eigen vergeetachtigheid omtrent de geschiedenis deels debet aan zijn.
Het was eigenlijk pas tegen het slot, toen de puzzelstukjes op zijn plaats begonnen te vallen, dat ik de vorm van de roman kon accepteren en waarderen. Ik had vooraf gehoopt op wat meer couleur locale, maar het decor is betrekkelijk anoniem, aangezien Mahfouz vrijwel alles met dialogen vertelt. De (vele) personages worden amper beschreven en op psychologisch vlak blijven ze vlak. De gebeurtenissen volgen elkaar zeer snel op, ruimte voor spanningsopbouw is er in de zakelijke beschrijvingen niet. Toch heb je naderhand het gevoel de geschiedenis van een volk voorbij te hebben zien komen, en zijn de tendensen (volgens Mahfouz’ interpretatie) daarin blootgelegd. Een zeer gestileerde vorm en vertelling dus, die mede door zijn verwevenheid met de religieuze teksten rijk is aan betekenis.