Dat iets wat massaal de grond in geboord is nóg tegenviel heb ik wel eens meegemaakt, maar veel vaker blijkt het allemaal wel mee te vallen, zoals bij deze
Ronde van ’43. Het verhaal boeit en de dialogen zijn goed, met de aantekening dat de 13-jarige Roosje/Tilly wel erg bijdehand is voor iemand in haar omstandigheden. De hoofdpersoon, apotheker Theo Koenders, was in 1943 32 jaar oud, precies de leeftijd die Knap toen ook had. Bovendien zat Knap zelf ook in het verzet, en misschien mede daardoor is het hem goed gelukt om de omstandigheden van die tijd geloofwaardig weer te geven. Als bonus krijgen we nog wat bespiegelingen over de menselijke aard, waarvan de tekortkomingen in oorlogstijd nog eens extra uitvergroot worden.
Ik denk dat die slechte kritieken die het boekje destijds ten deel vielen eigenlijk waren gericht tegen de persoon Knap, die misschien iets te graag z’n hoofd op tv terugzag en, als
Dagboekanier, iets te veel slappe stukjes geschreven had voor
Het Parool. Bovendien had hij de ondankbare taak om De Grote Volksschrijver Gerard Reve te vervangen, wiens
De Vierde Man door de CPNB was afgewezen als boekenweekgeschenk voor 1981. Het niveau van Reve mag Knap dan misschien niet halen, maar hij schreef wel degelijk een uitermate leesbaar boekje.
Trivia:
Foutje! Op bladzijde 75 laat Knap de elektricien Van Doorn het Joodse meisje Agaat in huis nemen, terwijl Agaat op bladzijde 34 nog de dochter van Van Doorn is…