menu
poster

Tafereel van de Overwintering der Hollanders op Nova Zembla in de Jaren 1596 en 1597 - Hendrik Tollens (1819)

Alternatieve titel: De Overwintering der Hollanders op Nova Zembla

mijn stem
3,75 (4)
4 stemmen

Nederlands
Gedichtenbundel
Avontuur / Historisch

90 pagina's
Eerste druk: J. Immerzeel, Rotterdam (Nederland)

Lofdicht over de ontdekkingsreiziger Willem Barentsz die samen met Jan Cornelisz Rijp en Jacob van Heemskerck via de noordoostelijke passage in China wil komen. Met twee schepen varen zij uit om een nieuwe scheepvaartroute te vinden, om zo makkelijker in het Verre Oosten te komen. Barentsz en de zijnen slagen er inderdaad in de noordpunt van Nova Zembla te ronden, maar komen daarna vast te zitten in het pakijs. Van aangespoeld drijfhout, grotendeels afkomstig van het door het pakijs kapotgebeukte schip wordt een huis gebouwd, dat bekend staat als Het Behouden Huys, waarin vervolgens de winter wordt doorgebracht.

zoeken in:
avatar van misterfool
4,0
--“Uit deernis met de ramp, die 't opzet kosten zou, Geeft zij den tegenwind voor de afgebeden kou.
Maar, vruchtloos is haar wenk op voogd en scheepsgezellen: 't Was Neerland niet meer vreemd, natuur de wet te stellen!”
--

In mijn jeugd namen mijn ouders enkele uitzendingen van de NPO voor me op; zo ook een programma over Willem Barentsz (1). Het verhaal maakte indruk. Nog steeds vind ik het een interessant thema: de mens in verzet tegen de ongerepte natuur. Geen wonder dat dit grootgedicht mijn interesse wekte. Verder wil ik me verdiepen in de romantiek en hun kritiek op een mechanisch, rationeel wereldbeeld. Tollens schijnt in Nederland een van de bekendere schrijvers van deze stroming te zijn (2). Schrijvers binnen de romantiek hanteren hoogdravend taalgebruik en dat is hier niet anders. Desalniettemin is de taal niet onduidelijk. In tegendeel! Zelfs 200 jaar na dato leest dit gedicht makkelijk weg. Bovendien voegt de rijm sfeer toe aan de natuurbeschrijvingen. Passages als de onderstaande waardeer ik daardoor zeer:

--“t Zijn klippen van rondom, zoo ver de blikken snellen, 't Zijn rotsen louter ijs, die topzwaar overhellen; die, van den vloed geknaagd en door den wind gekraakt, den dood bedreigen aan den eerste, die hen naakt.”--

Het creëert een mythologische dreiging die men normaal aantreft bij gothic horror. Het vormt bovendien een mooi tegenwicht voor de dwepende teneur van deze dichter (iets waar de tachtigers hem meedogenloos op zouden aanvallen). Het vormt geen stoorzender. Wellicht wordt het stoïcijnse vertrouwen op Gods genade te veel benadrukt. Ik zou verder meer psychologische diepgang willen zien. De zeevaarders worden immers niet minder heldhaftig als ze eens tegen hun onrechtvaardige lot tieren. Ach ja; het is een lofzang en in die voege vormt het een fijne leeservaring.

--"“Vaarwel, rampzalig oord, misdeeld van elken zegen! Geen voet betreê uw boôm, geen adem waai u tegen! Blijf onbezocht en woest en afgescheurd van de aard ...Vaarwel, ongastvrij oord, door Heemskerks ramp vermaard!”"--

avatar van misterfool
4,0
Het gedicht is hier te lezen.

avatar

Gast
geplaatst: vandaag om 05:05 uur

avatar

geplaatst: vandaag om 05:05 uur

Let op: In verband met copyright is het op BoekMeter.nl niet toegestaan om de inhoud van externe websites over te nemen, ook niet met bronvermelding. Je mag natuurlijk wel een link naar een externe pagina plaatsen, samen met je eigen beschrijving of eventueel de eerste alinea van de tekst. Je krijgt deze waarschuwing omdat het er op lijkt dat je een lange tekst hebt geplakt in je bericht.

* denotes required fields.

Let op! Je gebruikersnaam is voor iedereen zichtbaar, en kun je later niet meer aanpassen.

* denotes required fields.