Dracula - Bram Stoker (1897)
Engels
Griezel
389 pagina's
Eerste druk: Constable,
Londen (Verenigd Koninkrijk)
Een jonge Engelsman, Jonathan Harker, reist naar graaf Dracula omdat deze een landhuis heeft gekocht in Engeland. Jonathan is in dienst van een advocaat en heeft de papieren bij zich die de aankoop moeten regelen. Jonathan ontdekt al snel dat zijn gastheer een vampier is. Hij kan later ontsnappen uit het kasteel, maar dan is Dracula allang in Engeland. Hij arriveert met negen doodskisten in het vissersplaatsje Whitby waar net Jonathans verloofde, Mina, met haar vriendin Lucy op vakantie is. Lucy wordt Dracula's eerste slachtoffer in Engeland. Als ze stervende is roept een van haar vrienden, dokter Jack Seward, de hulp in van zijn vroegere leermeester, professor Abraham Van Helsing.
Links
film (MovieMeter)film (MovieMeter)film (MovieMeter)film (MovieMeter)film (MovieMeter)film (MovieMeter)film (MovieMeter)film (MovieMeter)film (MovieMeter)film (MovieMeter)film (MovieMeter)film (MovieMeter)film (MovieMeter)film (MovieMeter)film (MovieMeter)film (MovieMeter)film (MovieMeter)film (MovieMeter)film (MovieMeter)film (MovieMeter)zoek naar dit boek op bol.com
Bleek dat even tegen te vallen de eerste keer. Niet eng, niet spannend, maar vooral saai.
Dan herlees je hem na een aantal jaren weer (Vanwege je studie) en blijkt het eigenlijk toch wel een heel erg leuk boek te zijn. Het zit geweldig in elkaar (afwisselend brieven, dagboeken, verslagen etc.) en de details zijn echt hilarisch (iemand die van 4 of 5 verschillende mensen 'zo maar' een bloedtransfusie krijgt, zonder te kijken naar bloedgroep of wat dan ook
)3,5*
Inderdaad geen pure horror, maar dat is juist het sterke; in wezen is het een tragedie, met een griezelverhaal twist, waardoor ik het des te doeltreffender vind. Alle klassieke horrorverhalen (Jekyll & Mr. Hyde, Frankenstein) zijn helemaal geen doelgerichte horrorverhalen

Wat betreft het boek zelf: ik vond de eerste vier hoofdstukken (waarin Harker voor het eerst Dracula's kasteel bezoekt) ontzettend goed en beklemmend; daarna volgt alsnog een conventioneel begin, waarmee alle sfeer direct verdwijnt (zonder in de rest van het boek nog terug te komen, helaas). Het is moeilijk om je te interesseren voor de tuttige personages met hun cliché-romances, en Renfield is net als in de diverse verfilmingen een vervelend figuur.
Een dagboekstructuur kan in sommige boeken heel goed werken, maar hier hindert het de voortgang van het verhaal eigenlijk alleen maar, vooral omdat Stoker het principe niet consequent doorzet. De beschrijvingen zijn lang en weiden uit over allerlei bijzaken (zonder te verklaren waarom de personages zoveel tijd per dag zouden besteden om al die dingen zo gedetailleerd op te schrijven), en bevatten diverse dialogen in de directe rede, terwijl ze uren geleden moeten hebben plaatsgevonden. En welke krant drukt in vredesnaam een interview volledig in fonetisch dialect af? 2,5 *
En welke krant drukt in vredesnaam een interview volledig in fonetisch dialect af? 2,5 *
Dat zou dus een krant van een eeuw geleden moeten zijn; die beschreven hun reportages en interviews inderdaad op die manier

Mooi boek.
***3,5****
Veel mensen kennen de film 'Dracula' van Francis Ford Coppola uit 1993, met een briljante Gary Oldman als de graaf. Echter, Stokers origineel heeft toch een aantal zeer aanwezige verschillen. De hoofdmoot van de film is het liefdesverhaal tussen Dracula en Mina. In Stokers werk is daar geen sprake van. Die affaire is dus blijkbaar ontsproten uit het hoofd van Coppola. Stokers werk uit 1897 is veel traditioneler: de graaf, de Un-Dead, is het ultieme Kwaad.
De structuur van het boek levert hier en daar een aantal problemen op. Het is lastig voor te stellen dat de belangrijkste personages van het boek nog zeer frequent hun dagboek bijhouden. Dit gebeurt echter wel en leidt hier en daar tot onwaarschijnlijke verslagleggingen.
Ondanks dat is Stokers 'Gothic novel' uiterst beklemmend. Vooral het eerste deel, waarin Harker Transylvanie bezoekt, is uiterst spannend en kan zich meten met moderne horrorklassiekers.
Opeens zie je Dracula in de bibliotheek staan. Je denkt "dat is een heel erg eng boek" en neemt hem dus uiteraard mee.

Ik heb hem gereserveerd bij de bieb. Eens kijken of ik na het lezen van een heel eng boek nog kan slapen

Van de brief-en-dagboeken-vorm had ik eerlijk gezegd iets meer verwacht. Het blijkt dat alle personages een vrij uitgebreid dagboek bijhouden, dat ze geen problemen hebben om lange monologen woord voor woord weer te geven en dat ze allemaal eenzelfde schrijfstijl hebben. Toch een beetje jammer. Ook zijn er geen gaten in de berichtgeving, om zo maar te zeggen, er is altijd wel íemand die iets vastlegt. Had af en toe een dag overgeslagen, zoals in een echt dagboek, zodat wij kunnen raden wat er tussentijds gebeurd is.
Maar dat is niet het grootste punt waar ik me aan ergerde. Het is vooral het feit dat de personages behoorlijk theatraal zijn: ze ontmoeten elkaar, worden meteen vrienden op leven en dood, geloven elkaar onvoorwaardelijk, vallen elkaar telkens huilend in de armen of bezwijmen van ellende. Ik neem aan dat het Victoriaanse publiek hiervan smulde; van mij mag het wel iets subtieler. Daarnaast vind ik het jammer dat Mina in de loop van het boek zo verandert. In het begin stond ze nog haar mannetje, maar als er echt iets moet gebeuren vindt ze het helemaal niet erg om alles aan de mannen over te laten. Ze schijnt er volkomen mee tevreden te zijn dat haar bijdrage uit nauwelijks meer bestaat dan voor secretaresse spelen.
En de Nederlandse dokter Van Helsing praat Duits - pijnlijk.
Het einde vond ik niet bepaald spectaculair. Het was een mooie jacht, maar vrij plotseling is de jacht afgelopen en dan is het ook allemaal ineens klaar. Had er een mooi dramatisch eind aan gemaakt, waarin Mina in een vampier veranderd of zo. Ik verwachtte eigenlijk dat ze te laat zouden zijn om haar nog te redden, maar helaas. En als er toch iemand dood moet gaan, waarom dan niet Van Helsing in plaats van de vrij onbetekenende Quincy Morris?
Ook had ik eigenlijk gehoopt veel meer te weten over de achtergrond van Dracula. Hoe is hij zo geworden, hij moet toch ook eens gebeten zijn? Wie zijn de vrouwen in zijn huis? Als daar nu eens een mooi tragisch liefdesverhaal achter had gezeten was zijn personage wat minder saai geweest.
Al met al niet helemaal wat ik ervan verwacht had. Wel dramatisch, maar niet op de manier die ik zou willen. Ook al is het niet mijn genre, zelfs dan had ik het boek kunnen waarderen ware het niet voor bovengenoemde punten. Toch jammer. 2,5 ster.
Als daar nu eens een mooi tragisch liefdesverhaal achter had gezeten was zijn personage wat minder saai geweest.
Francis Ford Coppola heeft dat geprobeerd, maar dat was nou ook niet echt een succes. En sommige dingen kun je maar beter niet weten. Een liefdesverhaal achter een dergelijk personage doet alleen afbreuk aan de essentie van een dergelijk personage.
Daarnaast moet je dit inderdaad in de spiegel van de tijd bekijken. Het is een gotisch verhaal en bevat als zodanig alle elementen die daarvoor nodig zijn.
Ja, het is af en toe wel eens goed om het stof weg te blazen.
Ik ga Frankenstein ook eens proberen.
Ik ga Frankenstein ook eens proberen.
Daar ben ik dan weer iets minder enthousiast over.

John Polidori - The Vampyre
Joseph Sheridan Lefanu - Carmilla, Uncle Silas + div. verhalen
De verhalen van M.R. James, H.P. Lovecraft, Henry S. Whitehead, E.F. Benson
Gaston Leroux - Het Spook van de Opera
John Polidori - The Vampyre
Joseph Sheridan Lefanu - Carmilla, Uncle Silas + div. verhalen
De verhalen van M.R. James, H.P. Lovecraft, Henry S. Whitehead, E.F. Benson
Gaaf, thanks.

Moet zeggen dat ik de 70 bladzijdes aan het begin het beste van de roman vind. Vanaf het moment dat Jonathan Harker ontsnapt uit het kasteel van Dracula wordt het allemaal een tikkeltje minder beklemmend. De juiste toon wordt veel verder in de roman gelukkig wel weer opgepakt, maar daar moet je soms door ellenlange stukken oninteressante tekst heen worstelen. Ook jammer dat onze helden wel erg gemakkelijk de overhand leken te krijgen op ´het ultieme kwaad´. Zit het een beetje tegen en dan vlucht Dracula terug naar Transylvanie.
Wat mij in positieve zin heeft verrast is dat het zo speelt met de menselijke psyche en dat het verhaal meer nog dan een ordinair horrorverhaal ook gelezen kan worden als een psychologische thriller. Het heeft die extra laag van een whodunit waarin er continu twijfel is over de motieven van andere personages. Interessant daarbij is bijvoorbeeld de rol van de psychisch getormenteerde Renfield. Dracula is hier niet die dood geparodieerde verleidelijke graaf die er later van gemaakt is, maar meer een abstracte verbeelding van een dierlijke oerkracht die angst en onbehagen oproept.
De locatie weerspiegelt dezelfde tegenstelling tussen een moreel hoogstaande samenleving en de kwaadaardige instincten. De grootstad Londen staat voor jachtigheid, drukte en confrontaties; het kuststadje Whitby voor dromerigheid en hartstocht; provinciestadje Exeter voor rust en zakelijkheid. Tegenover deze Engelse driehoek staat het woeste, ontoegankelijke Transsylvanië en het volkse bijgeloof in de regio.
In het begin lijkt Jonathan Harker de held die de strijd zal aangaan met de ondode vampier, maar later gaat het om een groep personages die samen het kwaad zullen bestrijden. Vooral de ultraromantische Lucy en occultist Van Helsing spraken mij aan. Renfield vind ik een essentieel personage, ook al lijkt hij slechts zijdelings bij het verhaal betrokken. Hij gelooft dat je leven aan je lichaam toe kunt voegen door levende wezens, zoals insecten te eten. Dit is echtere slechts klein bier in vergelijking met Dracula zelf, die mensenbloed drinkt. Renfield heeft telepathisch contact met de vervloekte graaf, een voorafspiegeling van Mina's telepathie in de laatste hoofdstukken. Dracula blijkt niet van nature slecht, maar een vervloekte ziel, die zijn vijanden dankbaar is wanneer ze hem definitief doden.
Het vertelstandpunt wisselt tussen de voornaamste goede personages in brieven, dagboekfragmenten en krantenartikels. In het begin kost het misschien wat moeite je in die verschillende standpunten in te leven, maar uiteindelijk houdt dit het verhaal boeiend. Dracula zelf en Renfield zijn nooit verteller, waardoor zij moeilijk te doorgronden zijn.
Een minpuntje zijn de bloedtransfusies waarbij geen rekening gehouden wordt met de bloedgroep, maar dan blijkt dat bloedgroepen pas in 1900 ontdekt zijn. Verder moeten de vrouwen wel heel erg beschermd worden door de heldhaftige mannen, al draagt Mina op het einde toch ruimschoots haar steentje bij.
Nog een wijze raad: vertrouw nooit mensen die allergisch beweren te zijn voor knoflook. Het zouden vampiers kunnen zijn...
Handig natuurlijk dat ik thuis nog ergens een editie had rondslingeren, maar jaren geleden was dit in ieder geval niet voor mij weggelegd. Ik kon me nog herinneren dat de schrijfstijl me verveelde en dat ik na ongeveer een vierde van de bladzijden al serieus aan het strijden was om verder te lezen. Dat is echter iets wat nu helemaal niet het geval was. De stijl die Bram Stoker hier hanteert met verschillende dagboekfragmenten, krantenknipsels en dergelijke voelt misschien op den duur wat als een gimmick aan, maar het relaas aan het begin van het boek tussen Jonathan Harker en Dracula is misschien wel van het hoogste niveau dat ik reeds heb mogen lezen. Vergeet Edgar Allan Poe, Stoker is de man die je moet lezen wil je wat gotisch griezelen. Wel een beetje jammer dat hij het niveau niet de gehele tijd weet vast te houden. Het personage Mina vervalt meer en meer in een cliché (terwijl ik het in het begin nog zo fijn vond dat Stoker er zo'n sterke vrouw van maakt) en de climax voelt wat teleurstellend aan. Had misschien nog net iets meer strijd tussen de graaf en ons groepje helden willen zien, nu oogt het allemaal nogal gehaast.
Maar nu haal ik enkel maar een paar minpuntjes aan en dat is verre van terecht. Vandaag de dag is Dracula wat achterhaald op een aantal aspecten, die bloedtransfusies onder andere, maar het ligt wel aan de basis van een heel fijn subgenre. Een aantal interessante personages, een geweldige slechterik en heerlijk gestoorde krankzinnige. Meer heb je soms niet nodig
4*
Ook had ik eigenlijk gehoopt veel meer te weten over de achtergrond van Dracula. Hoe is hij zo geworden, hij moet toch ook eens gebeten zijn? Wie zijn de vrouwen in zijn huis? Als daar nu eens een mooi tragisch liefdesverhaal achter had gezeten was zijn personage wat minder saai geweest.
Al met al niet helemaal wat ik ervan verwacht had. Wel dramatisch, maar niet op de manier die ik zou willen. Ook al is het niet mijn genre, zelfs dan had ik het boek kunnen waarderen ware het niet voor bovengenoemde punten. Toch jammer. 2,5 ster.
Ik ben het hier mee eens. Het zou interessanter zijn geweest als we meer wisten over Dracula. Zijn dood zou dan ook veel dramatischer zijn en zou ons meer raken als we zijn verhaal vanaf het begin wisten. Ik zou er wel geen tragisch liefdesverhaal in steken omdat ik vind dat dit niet echt past in een horrorgenre. Persoonlijk vond ik op de eerste plaats de personages ook niet saai.
Nog tips voor soortgelijke romans uit die periode?
Deze ben ik erg benieuwd naar en mijn verjaardag komt er weer aan...
Nu ben ik niet per se een liefhebber van vampiers, maar als je er dan toch over leest, dan wel graag het alleroorspronkelijkste verhaal.
Dit lijkt me onjuist. Het is vaak leuk om een beetje research te plegen naar of over wat je leest en dat geldt zeker voor vampierverhalen. Een paar minuten Googlen levert de volgende interessante geschiedenis op.
Verhalen (mythen) over vampieren zijn oeroud en komen in bijna alle culturen voor. Vaak zijn het dan duivels die mensen aanvallen om van hun vlees te eten en hun bloed te drinken. Het christendom gaf er een bijzondere draai aan: het christendom leert dat Jezus opstond uit zijn graf en dat gelovigen aan het einde der tijden ook uit de dood opgewekt zullen worden. Het idee ontstond dat er ook gestorven mensen zijn die nu al ‘ondood’ zijn dus in zekere vorm door blijven leven na hun dood om te spoken bij de nabestaanden (zoals ook Jezus aan allerlei mensen verscheen na zijn dood). Maar dat zij nu al zijn opgewekt uit de dood is geen teken van zegening maar van verdoemenis: zij zijn werktuigen van de duivel om mensen aan te vallen, om dood en verderf te zaaien. Een fascinerend aspect van de christelijke eucharistieviering is dat de gelovigen er het bloed van Jezus drinken en zijn lichaam eten: dat lijkt direct naar de vampiermythe te verwijzen maar opnieuw in spiegelbeeld. Want zoals degene van wie de vampier eet of drinkt zelf een vampier wordt (verbondenheid in bloed), wordt degene die van Jezus eet of drinkt zelf zalig (dezelfde verbondenheid in bloed). Een aspect dat mij altijd heeft gefascineerd inzake de vampiermythe is de jodenhaat die ermee verbonden lijkt in de vorm van de bekende ‘bloedsprookjes’ (en die weer geheel actueel lijkt): de haat tegen de jood is in wezen de haat tegen de vampier ofwel de voorstelling van de jood als duivel die christelijke – of Palestijnse – baby’s vermoordt en hun bloed drinkt (sowieso is het drinken van mensenbloed een taboe in het joden- en christendom). Opnieuw is dit dus een spiegeling van de christelijke eucharistie die zelf weer een spiegeling is van de vampiermythe.
Het vampierverhaal is dus een vorm van spookverhaal: sommige mensen zijn bij wijze van vloek of invloed van de duivel schijndood of ‘ondood’ en blijven na hun dood ronddolen om bv. hun familie te vermoorden (me dunkt dat bv. The Flying Dutchman een meer specifiek modern antisemitische variant is: de kapitein van het onheil brengende spookschip is vanwege zijn pact met de duivel gedoemd om – net als de Jood – eeuwig rond te dolen om de globe zonder ooit rust te vinden of een doel te bereiken). In de moderne tijd kwam de wetenschap op en het is fascinerend hoe juist nieuwe wetenschappelijk inzichten voeding gaven aan oude mythen, resulterend in onder meer een Europese ‘vampire craze’ begin 18de eeuw. Soms overleden mensen in een familie snel na elkaar – waarschijnlijk doordat ze een besmettelijke ziekte aan elkaar doorgaven – waarbij sommigen op hun doodsbed meldden dat ze het eerder overleden familielid hadden gezien in bv. een droom (daar is Jezus weer die na z’n dood aan mensen verscheen). Chirurgijnen openden dan het graf van de oorspronkelijke dode en tot hun schrik zagen ze dan dat de persoon, inmiddels verdacht van de verschijningen en moorden, nauwelijks ontbonden was maar juist opgezwollen, met bloed in zijn mond en met doorgegroeide haren en nagels. Dit noemden ze de vampiertoestand van het lijk of ‘ondode’ want om de ziel alsnog uit het lichaam te krijgen sloeg men een staaf door het hart van het lijk.
De ‘vampire craze’ prikkelde de verbeelding van kunstenaars en leidde vanaf de 18de eeuw tot veel gedichten, verhalen en toneelstukken over vampiers. Vaak was het thema – hoe kan het ook anders – het christelijk geloof vs. het heidens geloof. In Goethe’s versie van het vampierverhaal pleegt een meisje dat van haar christelijke moeder naar het klooster moest zelfmoord om zich daarna als vampier alsnog te verenigen met haar geliefde. In de Romantiek van begin 19de eeuw - welk tijdvak men wellicht sowieso kan opvatten als de wereldse versie van het christendom – werd benadrukt dat de liefde zelfs de dood overwint en kreeg het vampierverhaal een uitgesproken erotisch aspect: de heidense vampier verleidt het christelijke meisje met zijn dodelijke kus in de hals zoals reeds in Ossenfelders The Vampire uit 1748 (dat denk ik ook symbool staat voor het verlies van zowel haar maagdelijkheid als haar eeuwig leven naast Christus zodat ze verdoemd is). Maar de moderniteit schuurde ook met de traditie en misschien het belangrijkste thema was het conflict tussen de oude wereld, belichaamd door de aristocratie, en de nieuwe wereld. De vampier was een aristocraat (daarom woont hij in een kasteel) die op feodale wijze parasiteert op de boerenbevolking en geen deel lijkt te hebben aan het moderne leven. Dat is ook het thema van bv. Mary Shelleys Frankenstein maar voor ons verhaal is haar samenzijn met haar echtgenoot Percy, Lord Byron en John Polidori in een regenachtige zomer in 1816 van groter belang: onder invloed van drank, drugs (laudanum) en Duitse spookverhalen besloten ze elk een spookverhaal te schrijven. Mary Shelley schreef toen Frankenstein (1818) en Polidori maakte een aanzet van Byron af tot The Vampyre (1819) dat wordt gezien als het eerste literair en volledig vampierverhaal. Het was meteen een succes en er zouden nog vele vampierromans verschijnen in de 19de eeuw (Emily Brontë’s Wuthering Heights uit 1847 tel ik niet mee maar wordt door sommigen ook als een vampierverhaal geïnterpreteerd). Elk voegde weer een aspect toe aan het verhaal waardoor de vampier in de laatste roman in een lange serie – Bram Stokers Dracula (1897) – z’n definitieve vorm heeft gekregen.
Ook die vampierroman werd weer een groot succes, mogelijk vanwege de context van de Victoriaanse tijd die ook Freuds psychoanalyse voortbracht en die het motief van de onderdrukte seksuele verlangens in de roman oppikte. Mogelijk pikte het ook het antisemitisme van het vampiergenre op: men verdacht Joden van het overbrengen van ‘ziekten van het bloed’ (antisemieten zagen ook rassenvermenging als een besmetting van het bloed) en Dracula is erg Joods als zakenman en kapitalist die huizen opkoopt en internationaal opereert en zo de hele wereld ‘bedreigt’. In Das Kapital had Marx eerder omgekeerd het kapitalisme meerdere malen met vampirisme vergeleken: het kapitaal omschrijft hij als “dode arbeid die, vampierachtig, alleen leeft van het zuigen van levende arbeid”. De parasiterende feodale aristocraat verschijnt als moderne (Joodse) bougeoisie. In lijn hiermee is het belangrijkste thema van Bram Stokers Dracula het conflict tussen traditie en moderniteit dat eind 19de eeuw urgent was geworden en het aantrekkelijke van de roman is misschien dat geen van de polen kan winnen: het is wellicht de taak van de wetenschapper om een einde te maken aan achterlijk bijgeloof dus om de staak door het hart ervan te steken zodat de ziel van volksgeloof definitief verdwijnt maar daarvoor moet het er eerst zelf in geloven en zo ook blijken de oerkrachten van de seksualiteit te sterk om te worden overwonnen door beschaving en feminisme. Misschien is Bram Stokers versie de bekendste omdat toen begin 20ste eeuw de speelfilm opkwam de Duitse regisseur Murnau de roman verfilmde dat Nosferatu (1922) werd. Wegens copyright-redenen veranderde hij de namen, maar hij zette in zijn expressionistische stijl ook de antisemitische aspecten onbewust nog wat verder aan zoals dat de vampier eruit ziet als een karikatuur van de Jood en ratten meebrengt die de pest verspreiden (in de nazi-film Der Ewige Jude (1940) worden Joden met ratten vergeleken) waarbij de film vooral inspeelde op de angst voor de invasieve vreemdeling.
