Een prachtige parabel, beklijvend en tot nadenken stemmend.
Centraal in dit boek staat het voortschrijden van de tijd en de nietigheid ervan. De eenvoudige zin: "Intussen ging de pendule tegenover het bureau door met het vermalen van het leven..." vond ik prachtig.
Ieder mens wil aan zijn tijd hier op aarde een doel geven, anders lijkt het leven niet ten volle geleefd. Maar wat betekent dit eigenlijk, doel geven? Wat te zeggen over het doel van de hoofdpersoon: wachten op iets wat waarschijnlijk nooit zal komen....Wachten als voorwendsel om zin aan het leven te geven.... Is dat geen gegeven dat in elk mensenleven wel eens de kop opsteekt?
De beschrijvingen van dit wachten door de bewakers van een fort dat uitziet over een woestijn zijn hallucinant mooi beschreven. Elke dag worden monotoon dezelfde handelingen tot in de kleinste details uitgevoerd. Met dezelfde ernst, want het wachten op zich, het uitkijken naar een mogelijke vijand is hun levensdoel.
En niettegenstaande ze daar met velen zijn wordt de tweede pijler van dit boek: nl. de eenzaamheid van elke mens enorm sterk beschreven. "We zijn omringd door wezens gelijk aan onszelf, maar er is niets anders dan vrieskou, stenen die een vreemde taal spreken, we willen een vriend groeten maar onze arm valt krachteloos neer en onze glimlach besterft, want we merken dat we helemaal alleen zijn".
Wat voor mij dit boek zo prachtig maakt, buiten het sublieme taalgebruik, is het feit dat dit ogenschijnlijk zinloze leven van de hoofdpersoon helemaal niet zinloos was. Is een leven zinloos als al je verwachtingen niet werden ingevuld? Nee, helemaal niet.
Het feit dat het personage niet psychologisch werd uitgediept (zie bovenstaande opmerking van
eRCee) is voor mij juist een meerwaarde. Dit zou afbreuk doen aan de algehele boodschap. Het is gewoon iets dat iemand overkwam zonder dat dit iets te maken had met een bepaalde karaktereigenschap. Ook dat is een universeel gegeven.
Op de valreep van 2016, mooiste boek dat ik dit jaar las: 5*