Stolbtsy - Nikolaj Zabolotski (1929)
Alternatieve titels: Kolommen en Klein Proza | Столбцы | Fragment #56
Russisch
Gedichtenbundel
Politiek / Sociaal
69 pagina's
Eerste druk: Izd-vo Pisatelej v Leningrade,
Leningrad (Sovjet-Unie)
Nikolaj Zabolotski was in 1928 één van de oprichters van de Oberioe-beweging in de Russische kunstwereld. Die beweging richtte zich tegen de logica en had een sterke voorkeur voor associatief denken. Het resultaat daarvan was kunstzinnig werk dat vaak uitmuntte en uitmondde in satire en absurdisme. Het werk van Zabolotski ontstond in de nadagen van de Nieuwe Economische Politiek en tijdens de collectivisatie, het met geweld afgewongen samengaan van vele kleine boerderijen in collectieve kolchozen en sovchozen; beiden in de USSR. Zijn satirische en absurde benadering in ‘Kolommen’ van het dagelijkse, burgerlijke leven, dat het individu uitwist, bracht hem in conflict met de autoriteiten. Zijn boek werd als vijandig beschouwd, terwijl hijzelf ervan werd beticht de ‘(heilige) dwaas’ uit te hangen ten opzichte van de collectivisatie. In het gedicht ‘Het nieuwe Leven’ (uit april 1927) brengt het opkomende Moskouse zonlicht klagende ouderen ertoe zich af te vragen wat zij, in hun sleur, aanmoeten met het nieuwe leven aan hun deur. Dat nieuwe leven wordt gevolgd: van doop tot de eigen ouderdom…en de nacht weer terugkeert. Het gedicht ‘De Ivanovs’ (uit januari 1928) gaat over een aantal dames, dat er – opgemaakt, geparfumeerd en speciaal voor de gelegenheid gekleed – op uit trekt om elk hun eigen Ivanov van dat moment te vinden. Een kort ongetiteld gedicht (uit september 1928) belicht Sint-Praskovja, martelares uit de derde eeuw en beschermheilige van moeders en dochters.
