Mark Rothko leerde ik ooit kennen door een column van Joost Zwagerman in Humo. Hij omschreef de massieve, vuurrode schilderijen van Rothko als een stroom lava die op je af komt en waaraan je onmogelijk kan ontsnappen. Toen vond ik het maar niks, maar met de jaren ben ik Rothko's kunst meer gaan accepteren en vervolgens appreciëren.
Red is geen biografie van de fascinerende schilder, maar kiest één episode uit zijn leven: een peperduur restaurant geeft Rothko de opdracht om schilderijen voor hun muren te voorzien en samen met zijn nieuwe assistent gaat de meester aan de slag. Tijdens het schilderen vliegen levenswijsheden als verfdruppels in het rond en komen we te weten waarom Rothko kunstenaar is geworden en hoe hij bij zijn kenmerkende stijl is beland.
Dit stuk heeft zeker zijn gebreken. Hoewel Rothko ongetwijfeld hulp van anderen heeft gekregen, is de naïeve assistent Ken volledig verzonnen. Hij lijkt dan ook vooral gecreëerd om de juiste vragen te stellen en reacties uit te lokken waardoor we in de getergde ziel van de artiest kunnen kijken. Kens voorgeschiedenis is er dan ook soms wat met de haren bijgesleurd: Red heeft maar één belangrijk personage en dat is Rothko zelf, een cynische, lichtgeraakte, bulderende, zelfvoldane wijsneus van wie je desondanks toch gaat houden. Zelfs wanneer hij een uitbarsting beleeft over de betekenis van het woord 'red', waaruit rood naar boven komt als symbool voor het leven en als het tegengestelde van zwart, symbool voor de dood. En zeker wanneer hij voor het eerst zijn diepste angst blootlegt dat "One day, the black will swallow the red."