Anton de Goede (1956) is programmamaker en presentator bij de VPRO en volgde Heeresma vanaf de jaren '70. Vanaf begin jaren '90 voerde hij een intensieve correspondentie met de raadselachtige schrijver, die onvindbaar was, en alleen via een postbus te benaderen. Later volgden de interviews en radioreportages.
De Goede heeft grondig werk gemaakt van deze biografie, waarin vooral de schrijver zelf en mensen uit zijn directe omgeving aan het woord komen. Ook maakt De Goede gebruik van de teksten uit de film En de naam is: Heeresma, die in 2022 bij de NPO werd uitgezonden.
Heere Heeresma - wie noemt zijn kind nu zo? Ook vader Heeresma heette Heere en zo noemde de schrijver ook zijn zoon, volgens oude familietraditie, van vaders kant een Fries voorgeslacht, aan moeders zijde een rijke redersfamilie uit Scheveningen.
Met heel veel plezier en ook verbazing heb ik het boek gelezen. Anton de Goede laat de mens zien in zijn meest zwakke maar ook glorieuze momenten. Daarbij staat toch het leed op de voorgrond. Niet in de laatste plaats door wat hij anderen aandeed. Een onmogelijk mens. Getekend door zijn jeugd, opgegroeid in het nieuwe Plan Zuid in Amsterdam, waar veel joden woonden. In de oorlogsjaren zag hij zijn buren afgevoerd worden en zijn vader, godsdienstonderwijzer, hielp joden onderduiken. Voor de jonge Heere een diep ingrijpende periode, waarin hij zijn wantrouwen jegens alles wat met overheid te maken had, ontwikkelde, maar ook een blijvende interesse voor het Jodendom waarmee hij zich vereenzelvigde. Op bladzijde 272 zien we een foto van Heeresma met pontificaal een Bijbel onder de arm. Dat was zijn houvast.
Zijn vader overleed in '43 terwijl de jonge Heere in Friesland verbleef. Mijn grootvader, die ook godsdienstonderwijzer was en vader Heeresma gekend moet hebben, nam hem een tijdje in huis, omdat het thuis te gevaarlijk werd. Hij was toen 11 jaar.
De verhalen die mijn moeder uit die periode over hem kon vertellen kloppen precies met het beeld dat we in dit boek tegenkomen: een tegendraads jongetje met een uiterst gevoelige natuur.
De verhalen over Heere schetsen een beeld van een recalcitrante jongeman, na de oorlog in een internaat opgegroeid, een fantast, al jong aan de drank. Hij had een kwaaie dronk en verviel in razernij waardoor zijn jonge vrouw doodsangsten uitstond. Het huwelijk liep dan ook stuk. Met de drank stopte hij radicaal in 1963. Een alcoholist zou hij blijven, zijn leven lang, al dronk hij geen druppel meer en zelfs niet aan een kurk rook, zoals hij beweerde.
Heeresma beweerde nogal wat. Hij haalde dikwijls fantasie en feiten door elkaar. Voor Anton de Goede een hele klus om feit en fictie te scheiden. Regelmatig stuit hij op grote tegenstrijdigheden in de verhalen. Uitstekend is dat De Goede niet gaat psychologiseren. Geen woord over complexen en persoonlijkheidsproblematiek. Zo maken we kennis met een man die moeilijk je vriend kon worden, maar toch op momenten heel innemend kon zijn. Teruggetrokken, berooid en in eenzaamheid gestorven, hoewel hij periodes van grote successen gekend heeft. Zijn zwaarmoedige novelle Een dagje naar het strand uit 1962 werd meermalen verfilmd, in 1984 door filmmaker Theo van Gogh. Het bijzondere is dat Heere Heeresma voor die film zelf de teksten schreef en insprak als voice-over. Een plechtige en gedragen stem, die je niet snel vergeet.
Veel lof voor deze biografie, die niet alleen een levensverhaal vertelt, maar tegelijk perfect de sfeer en het levensgevoel van de jaren vijftig, zestig en zeventig registreert. Daarbij ontmoeten we ook vele andere schrijvers uit die tijd. Heeresma was een bijzonder mens. Of, zoals de biograaf zijn verhaal eindigt: 'Heere Heeresma, gedenk hem!'