Het boek 'Sapiens' vond ik een meesterwerk. Het is met stip het boek dat ik mensen aanraad die zich eens aan een historisch werk willen wagen. Zijn andere boeken spraken me minder aan en liet ik daarom links liggen, maar met Nexus is de draad weer opgepikt en dat viel toch behoorlijk tegen.
De laatste tijd ben ik me wat meer beginnen verdiepen in AI met onder meer de onemanshow van Lieven Scheire in Brugge en een expert die bij ons in het bedrijf een paar uur uitleg kwam geven over de stand van zaken in AI. Die twee heren zeiden al ongeveer hetzelfde en nu komt ook Harari met zijn bijdrage die wezenlijk weinig verschilt van de andere twee. Hij voegt er geen nieuwe inzichten aan toe, maar giet er een politiek sausje over dat me maar matig kon smaken. Daarbij kan hij een typisch eurocentrische kijk, zo kenmerkend voor hedendaagse humanisten, nauwelijks verdoezelen. We gaan er volgens hem allemaal enorm op vooruit en dat dankzij de veel hogere educatiegraad van de bevolking. Maar is dat ook zo? Een ongeletterde boer uit de middeleeuwen kon haarfijn uitleggen wat het verschil is tussen een man en een vrouw terwijl professoren met tien studiejaren op de teller vandaag niet meer verder raken dan wat politiek-correct gewauwel. Ja, we schieten vandaag raketten de ruimte in, maar verder lijken we er intellectueel niet ver op vooruit te zijn gegaan. Cultureel is de achteruitgang al helemaal niet te loochenen. Bezoek eender welke stad en de mooiste gebouwen en kunstwerken zijn allemaal eeuwen oud. De Westerse beschaving bevindt zich in de neergangsfase, zoals élke beschaving ooit die op een bepaald moment gekend heeft. Met vooruitgangsoptimistisch gebazel probeert de auteur aan te tonen hoe vrijdenkend we allemaal geworden zijn. Waar de Kerk vroeger het denken in de tang hield, zijn we nu allemaal autonome burgers geworden die mogen zeggen en denken wat we willen. Maar klopt dat wel? De coronapandemie bewees mijns inziens toch dat onze vrije en hoogopgeleide bevolking niet veel nodig heeft om meteen afstand te doen van de meeste rechten en elke kritische reflex uit te zetten. Virologen traden op als bisschoppen die de gelovigen vanop de kansel de levieten lazen en ketters (wappies) in de ban sloegen, terwijl de media gewillig in de rol van meedogenloze inquisitie stapten.
Harari is kinderlijk naïef in zijn lofprijzingen voor de "zelfcorrigerende krachten" in het Westen, want die nemen aan onze universiteiten eerder de vorm aan van benauwende zelfcensuur. Vooral in de sociale wetenschappen heersen vandaag meer taboes dan in een middeleeuws klooster. Er is in het Westen zeker nog ruimte voor oppositiemedia, maar de pensée unique die gangbaar is in ruim 80% van de media, valt moeilijk te ontkennen. Je moet maar eens een aflevering van een typisch Vlaams praatprogramma bekijken op televisie zoals 'De Afspraak', 'Terzake' of iets anders: iedereen is voor massamigratie, iedereen is tegen Trump, iedereen is voor geslachtsoperaties voor minderjarigen. Ik betwijfel sterk dat die ideologische eensgezindheid bij de bevolking even uitgesproken is. Enfin, ik denk zelfs dat ze eerder diametraal tegenovergesteld is. Zijn er op die redacties dan zelfcorrigerende krachten aan het werk? Ik heb ze de afgelopen decennia alleszins niet opgemerkt. Ook in Amerikaanse nieuwsmedia lijkt dat het geval te zijn of was er geen grote consensus dat Biden "zo scherp als een mes" was tot aan het presidentieel debat? De dementie-aantijgingen heetten "Russische desinformatie" te zijn tot het niet meer te ontkennen viel. De omerta in de internationale media over de mentale desintegratie van de Amerikaanse president stelde Noord-Koreaanse journalisten in de schaduw.
De enige plek waar er wel nog een heuse botsing van ideeën plaatsvindt, is het internet en wat de vrijheid van meningsuiting op het internet betreft, mag het van Harari dan ook wat minder zijn. Wat begon als een uitstekende uiteenzetting over de rol van informatie in totalitaire regimes, verzandt gaandeweg in een onmiskenbaar pleidooi voor verregaande regulering op het internet. De benepen politiek gekleurde moderatie die gangbaar was op Twitter, voor de aankoop van de sociaalnetwerksite door Musk, moet volgens Harari dringend terug in ere worden hersteld in de strijd tegen het vage concept 'hate speech'. Om aan te tonen welke risico's gebrekkige moderatie inhoudt, verwijst hij naar de Rohingya-genocide in Myanmar, die volgens hem kennelijk grotendeels te wijten was aan
reels op Facebook en dus niet aan de etnische spanningen die er al eeuwenlang bestaan. Die spanningen worden wel vermeld, maar worden vervolgens weg gerelativeerd. Een historicus onwaardig.
Heel wat verteltijd gaat naar 'populisme'. Hele hoofdstukken zijn eraan gewijd, maar wat het verband is met AI, is niet altijd even helder. Als Joodse, homoseksuele intellectueel, hoeft het niet te verbazen dat Harari er progressieve denkbeelden op nahoudt, alleen kwamen die in eerdere werken minder aan de oppervlakte. Zo komt hij op een bepaald moment aanzetten met een erg warrige en weinig wetenschappelijke uitleg over waarom AI wel eens seksistische en racistische uitlatingen doet. Het inherente racisme/seksisme van de AI-ingenieurs en de input in de blackbox zijn volgens hem de schuldigen terwijl de ware toedracht kinderlijk eenvoudig is: AI doet louter aan patroonherkenning en patroonherkenning leidt vaker wel dan niet tot 'racistische' vaststellingen (cfr. etnische profilering door politie). De auteur toont zich niettemin een voorstander van een politiek-correcte filter en moderatie bij AI-toepassingen, om het vermeende racisme in te dammen, maar waar dat toe kan leiden hebben we toch gezien bij Google Gemini? Daar was de filter zo woke dat de uitlatingen van
Gemini onder pure desinformatie vielen en het daarom even offline werd gehaald.
En dan moest het literaire dieptepunt nog komen. Het hoofdstuk over de 'conservatieve zelfmoord', waarbij Harari ons een zogezegde contradictie voorlegt: "de Amerikaanse republikeinen horen conservatief te zijn, maar onder Trump is er van conservatisme geen sprake meer". Vergeet dus even de hele abortuskwestie waarbij sommige kranten het scenario van The Handmaid's Tale in het vooruitzicht stelden bij een Trump-overwinning. Harari baseert zich voor die boude stellingname op de premisse dat conservatieven "een diep respect" horen te hebben voor de instellingen en de ambtenaren van het land. Die premisse rammelt natuurlijk langs alle kanten. Volgens Harari zouden conservatieven ten eerste voorstanders moeten zijn van een grote overheid want de plannen om het staatsapparaat af te bouwen (DOGE) zouden niet in lijn liggen met het ware conservatisme. Dat is nieuws voor mij. Daarnaast is het ook een feit dat heel wat instellingen op gramsciaanse wijze geïnfiltreerd zijn en dus gezuiverd moeten worden om echt het beleid te kunnen voeren waarvoor de Amerikanen massaal (!) gestemd hebben. Ook in ons land kennen we dat fenomeen. Zo is er een piepklein socialistisch partijtje (Vooruit) dat nu al 6 maanden op de rem staat om een regering te vormen en in de administraties zwaar boven haar gewicht bokst. Het is een publiek geheim dat de socialisten personeelsleden actief klaarstomen voor het diplomatiek ingangsexamen waardoor zij in de diplomatie nu al jarenlang oververtegenwoordigd zijn. Ook hebben zij dankzij het systeem van de vaste benoemingen in de ambtenarij nog voor de komende decennia pionnen zitten, zelfs indien er geen socialist meer in het parlement zou zetelen.
Moet een conservatief voor dat soort ambtenaren en instellingen respect hebben? Dat dacht ik niet. Bovendien zijn er heel wat bedenkingen te maken bij de meerwaarde van sommige instellingen. Was het onderwijsniveau in de VS niet hoger voor het United States Department of Education in 1979 werd opgericht? Daarnaast is er van respect voor de instellingen langs Democratische zijde evenmin veel sprake. Meteen nadat Trump van zijn constitutioneel recht gebruikmaakte om rechters te benoemen in het Hooggerechtshof werd er door Democraten luidop gefilosofeerd over hoe ze de macht van dat hoogste gerechtshof konden breken. Maar volgens Harari moet het vrije debat wijken voor vertrouwen in de instellingen. Van totalitarisme gesproken! Vertrouwen moet je verdienen, elke dag opnieuw.
Op een bepaald moment verliest de schrijver volledig de pedalen en noemt hij de idee dat de volledige overdracht van bevoegdheden naar een soort wereldregering de eigen nationale belangen zou kunnen schaden zelfs "schaamteloos". Toen begon ik te begrijpen waar zijn kwalijke reputatie als WEF-mannetje en zijn bijnaam 'Horrori' vandaan komen. Hij slaagt er zelfs in om de covid-aanpak als voorbeeld te noemen van een geslaagde mondiale aanpak die op nationaal niveau niet gelukt zou zijn. Dit terwijl het toch net de landen waren die lijnrecht ingingen tegen de internationale consensus (Zweden!) die achteraf beloond werden.
Zodus concludeer ik een weinig aangename leeservaring waar ik vrijwel niets nieuws heb geleerd over AI, maar waar ik me vaak heb moeten ergeren aan de onnozele denkbeelden die het boek grotendeels vullen.