menu

D'javol - Lev Tolstoj (1911)

Alternatieve titels: Duivel | Дьявол

mijn stem
4,00 (2)
2 stemmen

Russisch
Psychologisch

57 pagina's
Eerste druk: Alexandra L. Tolstoj, Moskou (Russisch Keizerrijk)

Novelle over de moeilijkheid van monogamie binnen het huwelijk, en de gevolgen van seksuele gevoelens. Jevgeni Irtenjev en zijn broer Andrej hebben aanspraak op een omvangrijke erfenis uit de nalatenschap van hun vader, maar zouden dan tegelijkertijd worden opgezadeld met omvangrijke schulden. Jevgeni besluit de erfenis te aanvaarden en zijn broer uit te kopen, aangezien hij vermoedt grote delen land te kunnen onderhouden en verkopen. Aangekomen op het geërfde landgoed, ontmoet Jevgeni enkele bewoners. Hij begint ontmoetingen te onderhouden met een jonge boerin genaamd Stepanida, wier echtgenoot ver weg in de stad woont. Voor elke ontmoeting betaalt Jevgeni Stepanida. Jevgeni wordt uiteindelijk, tot onvrede van zijn moeder, verliefd op Liza Annenskaja. Hij besluit zijn verbond met Stepanida op te zeggen en trouwt vervolgens met Liza Annenskaja. Na ruim een jaar huwelijk kruisen de wegen van Jevgeni en Stepanida toevalligerwijs, wanneer Liza, onwetend van de vroegere relatie, Stepanida aanneemt om op het landgoed te werken. Jevgeni is wederom vervuld van onoverkomelijk sterke gevoelens voor Stepanida. Wanneer Jevgeni enige tijd later Stepanida op een dorpsfeest ziet dansen en hun blikken elkaar ontmoeten, worden zijn vroegere begeertes wederom opgewekt. Door begeerte gekweld overweegt hij zijn vroegere ontmoetingen met Stepanida te hervatten. Dit zou echter een schandaal veroorzaken, zodat Jevgeni hiertegen besluit. Door zijn kwelling omschrijft hij haar als de duivel.

zoeken in:
4,5
geplaatst:
Net als sommige andere korte verhalen van Tolstoj is dit verhaal geschreven als een tragedie en daarom zo sterk: er is één idee (in dit geval een jongeman die gekweld wordt door een verliefdheid die hij als goed, fatsoenlijk getrouwd mens niet wil en hem ‘te gronde zal richten’ als hij eraan toegeeft) en één ontwikkeling (één verhaallijn) die secuur en knap opbouwt naar de climax. Doordat Tolstoj een scherp waarnemer van het menselijk gedrag en denken is en dat ook literair weet te verwoorden, bv. “Hij fronste het voorhoofd en maakte een gebaar alsof hij een mug wegsloeg”, worden de personages zeer realistisch en menselijk wier levens ook zowel goede als slechte tijden kennen, waardoor je je makkelijk in hun situatie kunt verplaatsen, het verhaal je ‘pakt’ en je makkelijk blijft lezen (zoals Nabokov zei: “Zoals Nabokov opmerkte: “Als je Toergenjev leest, weet je dat je Toergenjev leest. Als je Tolstoj leest, lees je omdat je gewoon niet meer kunt stoppen.”). Inhoudelijk is de tragedie dat de hoofpersoon het goede wil doen – hij wil het beter doen dan zijn vader, die schulden naliet, en beter dan andere landeigenaren, die seks hebben met hun ondergeschikten – waarbij zijn vrouw hem zelfs zo volmaakt acht dat zij zich geheel opoffert voor hem welke liefde hij ook niet wil beschamen, maar hij faalt evengoed – of juist daarom – volgens zijn eigen, hoge standaard (dat is in wezen de moraal): hij is getrouwd maar begeert een andere vrouw (een simpele boerin) die hij de duivel gaat achten omdat zij hem in haar macht blijkt te hebben – niets wat hij probeert helpt om haar uit zijn hoofd te krijgen – waardoor hij zijn strijd tegen zijn ‘verachtelijke’ lust verliest (er is een knipoog naar Schopenhauer als de hoofdpersoon tevergeefs God om hulp vraagt en dan concludeert: er is geen God, er is alleen de duivel en dat is zij). Aeschylus beschrijft de tragedie wel als verblindheid die de tragische held in de val laat lopen: de verblindheid van de hoofdpersoon in het verhaal is zijn obsessie of lust, waardoor hij de controle over zichzelf kwijt raakt in de ‘val’ van de Griekse tragedie dus zijn ondergang loopt. Tegelijk is hij juist niet verblind: hij beseft al te goed welke val hij inloopt zodat hij tot een extreme daad komt.

De hoofdpersoon was de verhouding met de boerin begonnen ‘voor zijn gezondheid’ en om zijn ‘vrijheid van denken’ te behouden, dus om zijn lust niet tot een ziekelijke obsessie te doen ontwikkelen wegens een onvrijwillig celibaat (hij betaalde haar voor de seks en meende dat hij op geen enkele manier een band met haar ontwikkelde), en hij verbrak ‘de betrekkingen’ (hij achtte het niet eens een ‘verhouding’) voordat hij trouwde, maar als hij haar dan een tijd later ziet kan hij zijn ogen niet van haar afhouden en wordt de begeerte in hem wakker en blijkt hij toch niet vrij: dat hij de daad van overspel nog niet heeft verricht is niet van belang omdat hij niet kan voortleven in deze situatie met zowel zijn vrouw, met wie hij een goed, liefdevol huwelijk heeft, als met de boerin voor wie hij een dierlijke, onbeheersbare lust voelt. Dat hij de boerin vermoordt wijst erop dat zijn ‘hogere’ of morele ik overwon (niet zijn dierlijke lust) zodat hij in die zin ten onrechte krankzinnig werd verklaard door de rechtbank; het verhaal heeft Mattheüs 5:28-30 als motto – dat reeds het begeren van een vrouw echtbreuk oplevert en dat je beter je oog dat je tot de zonde zou verleiden kunt uitrukken dan dat je met je gehele lichaam in de hel wordt geworpen – en dat is in feite wat hij doet, al rukt hij niet zijn oog maar het object van dat oog dus begeerte weg uit het bestaan.

Volgens Kant is vrijheid handelen op grond van de morele wet (je wil) in plaats van je neiging: Kant acht het niet ondenkbaar dat nog nooit een mens moreel heeft gehandeld maar de hoofdpersoon slaagt er zelfs niet in om op immorele gronden het goede te doen op grond van de voorziene vernedering dus schaamte die hem en zijn vrouw ten deel zou vallen als hij overspel pleegt en die hem ervan zou moeten weerhouden: zijn begeerte is zo sterk dat hij gaandeweg beseft dat niets hem kan stoppen zich aan de vrouw te vergrijpen en zichzelf te vernederen. Nu had hij ook net als andere landeigenaren op schaamteloze wijze de boerin als zijn maîtresse kunnen nemen, maar dan had hij eveneens gefaald in zijn ambitie om beter – om moreel – te zijn en bovenal heeft de begeerte hem van zijn vrijheid beroofd: hij is niet meer de baas over zijn eigen leven want hij kan geen weestand bieden tegen haar verleiding. Door haar om te brengen is hij misschien geestelijk weer vrij, al is moord natuurlijk een nog grotere zonde dan overspel en betaalt hij dat met het inleveren van zijn fysieke vrijheid (dat dan weer van beperkte duur is omdat de rechtbank hem – waarschijnlijk mede omdat hij een zeer verstandig, moreel en fatsoenlijk man is – tijdelijk krankzinnig dus ontoerekeningsvatbaar achtte) en met een totale ruïnering van zijn ziel. Juist datgene wat hem vrij moest houden (seks zonder binding), heeft hem onvrij gemaakt en ten val gebracht. Het verhaal is – net als De Kreutzersonate – een aanklacht tegen het huwelijk dat qua hartstocht immers niet duurzaam is zodat overspel op de loer ligt, maar vooral ook tegen het idee dat seks ‘gezond’ is terwijl seks alleen maar afleidt van het hogere (de liefde of het goede) en zeker als die ongebonden plaatsvindt makkelijk een verslaving wordt die menig jongeman (moreel) te gronde richt (hetgeen in onze tijd van bv. internetpornoverslaving nog steeds actueel is).

Gast
geplaatst: vandaag om 20:13 uur

geplaatst: vandaag om 20:13 uur

Let op: In verband met copyright is het op BoekMeter.nl niet toegestaan om de inhoud van externe websites over te nemen, ook niet met bronvermelding. Je mag natuurlijk wel een link naar een externe pagina plaatsen, samen met je eigen beschrijving of eventueel de eerste alinea van de tekst. Je krijgt deze waarschuwing omdat het er op lijkt dat je een lange tekst hebt geplakt in je bericht.

* denotes required fields.

Let op! Je gebruikersnaam is voor iedereen zichtbaar, en kun je later niet meer aanpassen.

* denotes required fields.