Met Mijn Teer Gestel - Marten Toonder (1974)
Nederlands
Verhalenbundel
Sociaal
214 pagina's
Eerste druk: De Bezige Bij,
Amsterdam (Nederland)
Het boek bevat de volgende drie verhalen, met tussen haakjes het jaar van eerste publicatie als dagbladstrip: ‘De Spliterwt' (1957), 'De Dankputters' (1959) en 'De Mobbeweging' (1970). In 'De Spliterwt' gaat Heer Bommel op advies van zijn dokter met Tom Poes de natuur van het Donkere Bomen Bos in om als botanicus bijzondere planten te zoeken. Alleen sneeuwt het en lijkt er weinig te vinden. Tom Poes stelt nu voor tot de lente te wachten, maar die tegenspraak geeft heer Bommel weer verse kracht. In een sneeuwstorm vinden ze een grot met meerdere uitgangen en aan de andere kant daarvan inktzwarte bloemen. Heer Bommel vindt dit zo bijzonder dat hij na enig gemopper het door zijn vriend geplukte bloempje in zijn knoopsgat meeneemt. Wanneer ze in een herberg uitrusten van het avontuur, blijkt er nog een botanicus aanwezig te zijn: doctor Pas. Wanneer hij het zwarte bloempje bij heer Bommel ontdekt, is hij in alle staten. In 'De Dankputters' koopt buurvrouw Doddeltje van een ruige vreemdeling van haar laatste spaarcentjes een eigendomsbewijs van de Dorado-goudmijn, zonder zich te realiseren dat ze misschien bedrogen wordt. Vervolgens attendeert ambtenaar Dorknoper haar door het venster op haar belastingschuld, die ze goedschiks of via een deurwaarder zal moeten voldoen. De bewust passerende heer Bommel betaalt de belastingschuld. Hij steunt de aankoop van de goudmijn, maar Dorknoper kenschetst het als een uitgeputte mijn. Vervolgens overhandigt de ambtenaar eerste klasse de kasteelheer persoonlijk een naheffing van het gemeentelijk waterleidingbedrijf, wegens een 27x te hoog waterverbruik. Thuisgekomen op slot Bommelstein maakt de kasteelheer zich zorgen om de goudmijn van zijn buurvrouw en zijn eigen waterverbruik. In 'De Mobbeweging' zijn twee bewoners (Mobs) van het eiland Starring, waar kapitein Wal Rus weleens een lading starwortels in neemt, en dat geen vliegveld kent, bezig met een vuurpijl van het eiland te geraken. Ze leven namelijk in een moeras, omdat de kustgebieden voor hen verboden terrein zijn. Met behulp van de vuurpijl landt een van de twee ergens ten zuiden van de stad Rommeldam. Omdat zijn vuurpijl een stuurinrichting mist, neemt hij onderweg al dalend de hoed van professor Prlwytzkofsky mee. Heer Bommel en Tom Poes komen langs wandelen.
